94. De Aleph

Was het niet Jorge Luis Borges, een van de briljantste schrijvers uit Latijns-Amerika, die zei dat kinderen de beste lezers waren? En dat een boek dat op den duur geen kinderboek werd, misschien geen echt groot boek was?

Zijn verhalenbundel ‘De Aleph’ zou daar wel eens aan kunnen beantwoorden. En wel omdat hij kinderlijke verwondering blijft oproepen bij elke lezer die zich voor zijn beeldrijk universum openstelt. Niet dat zijn oeuvre meteen de geheimen prijsgeeft. Herlezen is nodig. Of zoals Borges zei: ‘Je vindt meer in een boek dat je al kent, je wordt er meer door verrast.’

Een kennismaking met de Argentijn is nooit zonder gevolgen. En dat geldt zeker voor ‘De Aleph’. Het titelverhaal begint met de herinnering van het hoofdpersonage - Borges - aan een pas gestorven geliefd persoon, Beatriz Viterbo. Elk jaar brengt hij op haar verjaardag, een bezoek aan haar vader en haar neef. Blijkt dat die neef een pedante dichter is die met zijn versregels de grote erkenning nastreeft.

Zo kabbelt het verhaal verder. Tot er in de hoek van de kelder van het huis waar die neef verblijft, een ‘aleph’ blijkt te zitten - een van de punten in de ruimte waar alle punten samenkomen. Volgens Borges een plek waar alle plekken op aarde onvermengd aanwezig zijn. ‘Nu kom ik bij de onzegbare kern van mijn verhaal’, schrijft hij. ‘Hoe de anderen de oneindige Aleph over te brengen, die mijn huiverige geheugen nauwelijks kan bevatten?’ Zijn probleem is onoplosbaar. ‘Wat mijn ogen zagen was gelijktijdig, wat ik zal opschrijven, is opeenvolgend omdat de taal dat is.’ Waarop hij twee bladzijden lang beschrijft wat hij zag om te besluiten met: ‘Gelukkig begon de vergetelheid me na enkele slapeloze nachten weer te kwellen.’

Kijk, dat is het nu. Er lijkt weinig tot niets te gebeuren. Plots is het er: een aleph. Dan denk je: nu zal ik het weten. Maar blijf je achter in de grootste verwondering. En bij elke herlezing wordt je dieper in die onbevangenheid meegezogen. Borges zou het ooit zo verwoord hebben: niet de manier van schrijven, maar de wijze van lezen maakt een boek klassiek. Dat is wellicht de sleutel van zijn geheim.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud