‘Een durver is geen lefgozer'

©Diego Franssens

‘Noem mij gerust een durver, maar geen lefgozer.’ De structuur van het brein, dat is het alfa en omega van het leven. En van het ondernemerschap. Daar is Bart Van Coppenolle, ooit de ondernemer achter Metris en vandaag met Right Brain de luis in de pels van tv-zenders, zo van overtuigd dat hij er een boek over schreef. ‘Ondernemen is een vorm van seksuele selectie.’

nauwelijks 24 - prompt Metris uit de grond stampte, een techstarter rond 3D-meetsystemen voor de auto- en luchtvaartindustrie. Dat bedrijfje groeide uit tot een beursgenoteerde multinational met op zijn hoogtepunt in 2007 een omzet van 62 miljoen euro en met klanten als Boeing, Toyota, Ford en Nokia. Maar in 2008 begaf het bedrijf het onder het wantrouwen van de beleggers en een gigantische schuldenlast. En dus verkocht Van Coppenolle zijn geesteskind aan de Japanse gigant Nikon voor 175 miljoen euro, inclusief 100 miljoen euro aan schulden. Slechts twee seconden zit ik voor hem en ik heb het antwoord op mijn vraag. De filosoof heet niet Popper of Heidegger, maar Van Coppenolle. En hij bedient zich niet alleen van filosofie, maar ook van Griekse goden, Darwin en neuropsychologen.

Ingenieur en filosoof, manager en ondernemer: het alfa en omega in één persoon verenigd. Dat er daar niet zo veel van zijn, merken we op, mensen die een combinatie hebben van ratio en gevoel. Van hoofd en buik.

‘Het gaat ook alleen maar om het hoofd’, lacht een montere Van Coppenolle en herhaalt waar hij door het studiewerk in de jaren na Metris steeds meer van doordrongen raakte: het menselijk brein. ‘De linkerhersenhelft omvat onze ratio, waarmee we proberen vat te krijgen op de werkelijkheid via redeneren, cijfers en berekeningen: wiskunde, statistiek, fysica, scheikunde. De emoties die ermee gepaard gaan zijn negatief en hebben steeds als ondergrond ‘angst’. De rechterhelft staat gelijk aan ons gevoel, de intuïtie. De positieve basisemotie daar is ‘verlangen’. De twee helften vallen ook samen met de Griekse goden Apollo, de ratio, en Dionysos, de overgave of empathie voor de ander. Met de ratio proberen we vat te krijgen op onze angsten, met onze empathie op ons verlangen.’

Zo zijn beide hersenhelften ook een product en instrument van de survival of the fittest. Darwin had het over een dubbel mechanisme: de seksuele selectie en de natuurlijke selectie. De eerste doet een beroep op de rechterhelft. Willen we onze genen doorgeven - een verlangen - dan moeten we gekozen worden. Een mannetjespauw doet dat door te pronken met zijn staart, mensen met een gecultiveerde vorm van die staart: kunst, humor, muziek, poëzie, enzovoort. De natuurlijke selectie is veel manipulerender. Het is wat de boer doet met dieren en planten die zwakker zijn: hij haalt ze weg om de exemplaren met sterkere genen te laten overleven. Dat is een zaak van het linkerbrein, dat zelf actief ingrijpt, uit angst.’

TV-on-demand

Die dualiteit van het brein vormt de quintessens van het bedrijf waar Van Coppenolle samen met Philip Vandormael, zijn compagnon de route van bij Metris al, sinds een jaar of twee aan timmert: Right Brain Interface. Of hoe het rechterbrein eindelijk de gouden poort wordt naar de doorbraak van tv-on-demand. Want daar is Van Coppenolle intussen wel achter: de Telenets en de Belgacoms van deze wereld en zelfs Apple en Google zoeken verkeerd. Een klassieke tv-zapper, met zijn rechtlijnige menu’s en overzichten, is afgestemd op ons rationeel functionerende linkerbrein. Terwijl net dat hersengedeelte - ’s avonds languit voor de televisie - helemaal geen zin meer heeft om actief te zijn. Precies ons rechterbrein, dat bij de meeste kantoorwerkers overdag slechts deels wordt uitgedaagd, heeft dan behoefte aan impulsen, verrassing. En dus gooide Van Coppenolle een jaar geleden Bhaalu op de markt, een digitale videorecorder die alles opneemt - in de cloud - wat er in het Vlaamse tv-landschap wordt uitgezonden, voorzien van een intuïtieve interface, die het rechterbrein aanspreekt in plaats van het linker-. Dat hij daarmee de zenders, de tv-huizen en de internetproviders tegen zich in het harnas zou jagen - die zien hun reclameblokken definitief naar de verdoemenis gaan - dat had hij ‘verwacht, maar niet zo heftig’. De eerste investering ging over 450.000 euro, maar dat bedrag is intussen opgelopen tot enkele miljoenen. Van Coppenolle neemt risico’s, gaat tegen de stroom in. Als het lukt, zal hij een game changer worden genoemd. Mislukt het, dan verliest hij veel, misschien alles. En wordt hij versleten voor een overmoedige dromer.

2 Durver met eigen kapitaal? De start van Metris heeft hij zelf gefinancierd. Aan de verkoop aan Nikon heeft hij naar schatting bijna 10 miljoen euro overgehouden. Voor Bhaalu zet hij (een deel van) dat persoonlijke fortuin op het spel.

3 Durver die buiten zijn comfortzone treedt? Bij de lancering van Bhaalu verklaarde iedereen hem gek, om zo tegen de gevestigde waarden (providers, tv-zenders) in te gaan. Er volgden ook rechtszaken, waar hij nu wel ‘af en toe van wakker ligt’. Een doorzetter is hij zeker. ‘Wat ik uit Metris heb geleerd? Zeker niet dat hoogmoed voor de val komt. Ik ben er niet minder ambitieus door geworden.’

4 Innovatieve durver? Met Metris bouwde hij voort op een bestaand doctoraat, maar met Bhaalu mag hij gerust een inventieve out-of-the-box-denker genoemd worden. Als het model overeind blijft, heeft hij bovendien misschien een game changer in handen, vergelijkbaar met Netflix, Uber of AirBnB.

5 Reality check? Metris heeft, gezien de pijlsnelle koersval in 2008 en de verplichte verkoop aan Nikon in 2009, geen happy end gekend. Met Bhaalu heeft Van Coppenolle nog alles te bewijzen. Commercieel staat het nog nergens en de rechtszaken volgen elkaar op.

 

Maar tot nader order mogen we u een durver of zelfs een lefgozer noemen?
Bart Van Coppenolle: ‘Een lefgozer niet. Dat is iemand die alleen maar met zijn rechterhelft handelt, zonder de correctie van zijn ratio. Hij houdt niets in de hand. Er is dan geen management - een woord afgeleid van manus, het Latijn voor hand. Het zou fout zijn zo een bedrijf te leiden.’

‘Maar de start van een bedrijf en het ondernemerschap situeren zich duidelijk in de rechterhelft. Ondernemen is een vorm van seksuele selectie. Een klant overtuigen van uw product betekent dat die klant u selecteert. Net als bij een financier: u bent afhankelijk van de voorkeur van een ander. Ventures, adventures, ‘enterprises’ zijn gebaseerd op gevoel, niet op ratio. Een bedrijf starten is net als kunst en humor. U kunt er een vrouw mee verleiden.’

Hebt u dat ooit aan den lijve mogen ondervinden?
Van Coppenolle: (lacht) ‘Ik ben ooit met Metris begonnen toen het net uit was met mijn lief. Het speelde dus zeker mee.’

Maar een bedrijf leiden is een mix van ratio en gevoel?
Van Coppenolle: ‘Absoluut. Wie de mix perfect beheerst, wint. Een ondernemer moet dus zijn twee hersenhelften gebruiken. Hij moet zijn risico’s beheren, met zijn linkerbrein. Maar durven zit rechts: springen ondanks de angst.’

‘De mix kunt u natuurlijk ook bekomen door een sterk team. Bij een financieel manager, die de cijfers moet beheersen, zal het linkerbrein dominant moeten zijn, bij een commercieel manager, die klanten moet verleiden, het rechterbrein. En de beste manier om gekozen te worden door die klant is empathisch zijn, aan te voelen waar voor hem het voordeel zit van uw aanbod.

‘Steve Jobs wist dat maar al te goed. Hij had een gigantisch inlevingsvermogen. Jobs heeft niet de iPod, de gsm, het touchscreen of de digitale camera uitgevonden. Die bestonden al jaren voor de iPhone. Zijn grote verdienste is dat hij ze gecombineerd heeft tot een onweerstaanbare belevenis, die hij door zijn empathie aanvoelde.’

Maar Jobs stond ook bekend als een nurk van een vent.
Van Coppenolle: ‘Dat was wellicht ook zijn zwakte: sociaal zijn is een eigenschap van het rationele linkerbrein, het is een succesvolle manier om met angst om te gaan. U kunt empathisch zijn zonder sociaal te zijn: perfect weten wat de klant wil, maar tegelijk mijlenver vooruitlopen op uw medewerkers zonder om te kijken.’

Mensen in bepaalde beroepen, zoals chirurgen, rechters en architecten, lijken sterk te staan met beide hersenhelften. Horen ondernemers daar ook toe?
Van Coppenolle: ‘Absoluut. Dat komt ook aan bod in mijn volgende boek. Aanvankelijk heette dat ‘Het geheim van succes’, maar intussen is het ‘Het geheim van het brein’ geworden. Ik ontrafel erin hoe het succes van een onderneming in elkaar zit. En dat is: beheers uw risico’s - de objecten - en empathiseer uw stakeholders - de subjecten: klanten, personeel, leveranciers, financiers. Hoe beter u kunt switchen tussen beide, hoe meer kans op succes. En in feite is dat ook het recept om gelukkig te zijn.’

Bent u daar in de fout gegaan bij Metris?
Van Coppenolle: ‘Ik heb nooit het gevoel gehad dat Metris ten onder is gegaan. Het is bij Nikon goed terechtgekomen. Natuurlijk zal ik fouten gemaakt hebben. Mijn linkerbrein had misschien iets meer de schulden moeten beheersen. En mischien heb ik ook de wispelturigheid van de belegger onderschat.’

‘Het gaat pas echt fout voor wie zijn verlangen probeert te beheersen met de methode van het linkerbrein, de ratio. Dan komt hij tot geweld, manipulatie of hebzucht. Andersom kunt u rationele zaken die fout lopen ook niet behandelen met emoties of empathie, want dan wordt u kwaad. De gouden regel van daarnet kunt u omkeren in het negatieve: gebruik geen geweld en word niet kwaad.’

Dat is precies wat de zenders en de serviceproviders vandaag zijn op Bhaalu. Had u als ondernemer niet moeten voorvoelen hoe ze gingen reageren?
Van Coppenolle: ‘Ik ben op voorhand met hen gaan praten, omdat ik hen zie als een bondgenoot. Dat is ook de reden waarom ik in Bhaalu de reclamerekening heb gestoken (een kijker kan reclame doorspoelen maar moet die op een later tijdstip toch nog bekijken of afkopen, red.). Ik geloof ook in het zendergevoel, het vertrouwde programmaschema dat kijkers een houvast biedt. Daarom heb ik de Bhaalu-interface zo ontworpen dat het zendergevoel, tot en met de logo’s, behouden bleef. Ik ben niet hun probleem, maar de oplossing voor een ander probleem: Netflix (de Amerikaanse streamingdienst van films en series die naar België komt, red.) is hun echte vijand.’

‘Maar zolang ik hen niet kan ‘verleiden’ kan ik me alleen maar verdedigen met rationele argumenten. Drie jaar lang heb ik alle mogelijke wetteksten en rechtsspraak bestudeerd. Er valt geen speld tussen ons model te krijgen. We maken alleen maar gebruik van het recht op thuiskopie. Ze kunnen ons niets maken.’

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud