Berlijn zet deur op een kier voor EU-garantie op spaargeld

©REUTERS

De Duitse minister van Financiën Olaf Scholz maakt een opening voor een Europese verzekering van spaargeld. Het sluitstuk voor de Europese Bankenunie zit al jaren muurvast.

Duitsland heeft zich tot nog toe altijd verzet tegen een Europese depositogarantie die spaarders beschermt als een bank, waar ook in de Unie, omvalt. Berlijn vreest dat spaarders en belastingbetalers in Duitsland opdraaien voor probleembanken in andere lidstaten.

De Duitse minister van Financiën Olaf Scholz (SPD) zet in een opiniestuk in de Britse zakenkrant Financial Times de deur op een kier voor een gemeenschappelijk Europees depositogarantiesysteem. ‘Dat is geen kleine stap voor een Duitse minister van Financiën’, schrijft hij.

Voorwaarden en limieten

Scholz beperkt de spaardersgarantie wel tot een herverzekeringsmechanisme dat pas in werking treedt als het nationale depositogarantiesysteem in de eurolanden niet voldoende middelen heeft om de tegoeden van de spaarders te garanderen als hun bank omvalt. Hij zet er ook een limiet op. Als meer geld nodig is, moet de overheid van de betrokken lidstaat nog met extra centen over de brug komen.

De Duitse minister stelt nog meer voorwaarden. Zo moeten banken het aantal probleemkredieten eerst verminderen, en moeten er strengere kapitaalvereisten komen voor banken die veel obligaties van hun eigen overheid in portefeuille hebben. Die zijn immers niet risicoloos.

Niet overlegd

Die voorwaarden verklaren waarom de lidstaten erg voorzichtig reageren op de Duitse opening. Scholz, die in de running is als partijleider van de Duitse socialisten (SPD), zou het plan niet overlegd hebben met kanselier Angela Merkel. De ministers van Financiën van de eurozone die vandaag vergaderen in Brussel gaan Scholz zeker vragen of het voorstel enkel hemzelf of ook de Duitse regering bindt, is te horen.

Dit is geen kleine stap voor een Duitse minister van Financiën.
Olaf Scholz
Duits minister van Financiën

De laatste puzzelstukjes voor de bankenunie zijn de depositogarantie, de fragmentatie van de markt en wat te doen met obligaties van de eigen overheid bij de banken. Die discussie op drie niveaus zit al jaren strop. Een doorbraak wordt dan ook niet verwacht op de Eurogroep in Brussel donderdag.

Voor de zuidelijke lidstaten, die pleiten voor een echte Europese garantie op spaargeld, gaat het plan-Scholz lang niet ver genoeg. Italië staat ook lijnrecht tegenover Nederland en Duitsland in de zoektocht naar ‘veilige’ overheidsobligaties. Kleine landen als België vrezen dat het spaarplan van Scholz dient als bliksemafleider voor een korte Franse blitzkrieg om banken in gastlanden meer onder controle van het ‘thuisland’ te brengen.

Ontbrekende pijler bankenunie

Een kleine recapitulatie: de Europese depositogarantieverzekering is de ontbrekende derde pijler van de bankenunie die in Europa in de steigers werd gezet na de bankencrisis van 2008. De eerste pijler is het eengemaakte bankentoezicht, dat sinds 2014 is toevertrouwd aan de Europese Centrale Bank (ECB). De tweede pijler is het Europees resolutiemechanisme, een eengemaakte procedure om probleembanken af te wikkelen onder controle van de Europese Single Resolution Board.

Omknelling

De Europese depositogarantie voor spaarders moest een einde maken aan de gevaarlijke omknelling waarin banken en overheid in de eurolanden elkaar houden - en die er in 2008 toe leidde dat de bankencrisis vervolgens een crisis van de overheidsfinanciën veroorzaakte en vervolgens de eurocrisis.

Als een (grote) bank failliet gaat, weegt de vergoeding van spaarders zwaar op de overheidsfinanciën van het land waar de bank is gevestigd. De kredietwaardigheid van dat land daalt, de rente stijgt. Dat heeft dan weer een negatieve weerslag op de waarde van de overheidsobligaties die de banken in portefeuille hebben. Banken beleggen traditioneel zwaar in schuldpapier van hun eigen overheid. Als spaarders vergoed worden uit een Europese verzekering of een Europees fonds, wordt de link doorgeknipt tussen probleembanken en nationale overheidsfinanciën.

In België bestaat er een depositogarantie tot 100.000 euro. De banken betalen daar een verzekeringspremie voor. Dat geld verdwijnt in de begroting. Maar als spaarders die verzekering aanspreken, moet het geld ook uit de begroting komen. Bij een middelgrote bank gaat het al gauw om enkele tientallen miljarden euro’s.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n