analyse

De bestuurscrisis is geen Belgisch, maar een Europees probleem

Emmanuel Macron sprak maandagavond de natie toe vanuit het Elysée. ©Photo News

May, Macron, Michel, Merkel, Minderheidsregering, Marrakesh. Het was een rotweek voor de klassieke krachten in de Europese democratie. De week past helaas in een grotere trend.

Alsof we op een schip het stormweer invaren, met een twijfelende kapitein aan het roer en een muitende bemanning. Zo voelt de samenvatting van de week aan. De storm is het economische onweer, de kapitein de premiers van België en de grote EU-landen. De muitende bemanning draagt gele hesjes.

Vorige zaterdag zei Steve Bannon, de bedenker van de America First-campagne van Donald Trump, in het Vlaams Parlement nog dat hij liever door de mensen in gele hesjes zou worden geregeerd dan door de huidige elite. Op dezelfde meeting zei Marine Le Pen van het Franse extreemrechtse Rassemblement National dat ‘het voor de eerste keer mogelijk is je in te beelden dat er een alternatief is voor de pro-Europeanen. En dat het mogelijk moet zijn onthutsende leiders zoals Jean-Claude Juncker te vervangen.’

Het overzicht van de grote EU-landen toont dat Le Pen wellicht een punt heeft. In Duitsland schommelt de CDU/CSU in peilingen rond 29 procent. Dat is naar Belgische normen goed, maar onder de score van de jongste verkiezingen, die voor de Duitse christendemocraten de slechtste sinds de Tweede Wereldoorlog waren.

Wat hebben het VK, Spanje, België, Zweden, Denemarken, Estland, Kroatië, Litouwen, Portugal, Slovakije, Slovenië en Tsjechië met elkaar gemeen? Ze worden allemaal bestuurd door minderheidsregeringen.

In het Verenigd Koninkrijk overleefde premier Theresa May een vertrouwensstemming, waarbij ze niets verloor - behalve tijd - maar ook niets won. De kans dat ze haar deal voor een ordelijke brexit door het parlement krijgt, is nog altijd bijzonder klein. May bestuurt met een minderheidskabinet.

In Frankrijk beleefde president Emmanuel Macron een rotweek, waarin hij zijn internationale afspraken over het klimaat én de begroting moest opbergen. Veelzeggend is dat de man die de PS van de kaart veegde, nu zelf nog maar het vertrouwen heeft van een op de vier Fransen.

In Italië beleven de antisysteempartijen Lega en Vijfsterrenbeweging nog altijd hun wittebroodsweken. In de peilingen halen ze samen nog altijd een ruime meerderheid, al hebben ze in hun strijd met de Europese Commissie de toon wat gemilderd.

©Mediafin

Nummer vier is Spanje, waar de socialist Pedro Sanchez met een minderheidskabinet regeert. Deze maand deed voor het eerst sinds de invoering van de democratie extreemrechts zijn intrede in een parlement, in de deelstaat Andalusië.

Het vijfde EU-land, qua grootte van de economie, is Nederland. Het is vandaag misschien politiek het stabielste in het rijtje, maar de regering-Rutte III kwam vorig jaar aan de macht na de langste formatie in de Nederlandse geschiedenis.

Nummer zes is Polen, dat al jaren met de Europese Commissie een gevecht over de rechtsstaat uitvecht. In november won Brussel een veldslag, nadat de Poolse regering rechters die ze had weggestuurd naar het hooggerechtshof liet terugkeren.

Het zevende land is België, dat sinds vorig weekend een minderheidsregering heeft die zelfs geen gedoogsteun in het parlement krijgt. Daarna komt Zweden, waar gisteren een kandidaat-premier werd weggestemd. Het land heeft sinds september geen volwaardige regering meer en er lopen op dit moment zelfs geen regeringsonderhandelingen. De regering die in lopende zaken bestuurt, was al een minderheidskabinet.

Volgt daarna in het rijtje: Oostenrijk, waar de christendemocraten met extreemrechts regeren. Op nummer tien: Ierland, waar een minderheidsregering bestuurt. Daarna: Denemarken, ook al met een minderheidsregering.

Dat laatste is overigens ook nog het geval in Estland, Kroatië, Litouwen, Portugal, Slovakije, Slovenië en Tsjechië. België lijkt op dit moment misschien onbestuurbaar. Maar het probleem stelt zich voor de hele Europese Unie.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud