Europees akkoord over bankenfonds

Eurogroepvoorzitter Jeroen Dijsselbloem en de Duitse minister Wolfgang Schaüble. ©EPA

Na 16 uur onderhandelen hebben het Europees Parlement, de EU-lidstaten en de Europese Commissie een akkoord over de aanpak van probleembanken. Daarmee is het laatste obstakel voor een Europese Bankenunie van de baan.

Het akkoord tussen de Europese wetgevers behelst de aanpak van probleembanken: wie bepaalt of een bank ontmanteld wordt en wie betaalt daarvoor de rekening? Het Europees Parlement stond onder grote tijdsdruk. Midden april houdt het halfrond zijn laatste plenaire zitting. Om dit dossier nog gestemd te krijgen voor de Europese verkiezingen, moest er deze week een princiepsakkoord op tafel liggen. Uitstel tot na de verkiezingen kon onzekerheid creëren in de markten en nieuwe instabiliteit.

Het compromis van donderdagochtend vormt het sluitstuk van de Bankenunie. Europa besliste eerder al over strengere kapitaalregels voor de banken, Europees bankentoezicht (de ECB voor alle banken van de eurozone) en de oprichting van nationale bankentestamenten en fondsen om faillissementen te begeleiden.

Yves Mersch, een topman van de Europese Centrale Bank (ECB), waarschuwde eerder deze week dat een mislukking van de onderhandelingen 'bijna zou neerkomen op zelfmoord'. De ECB wordt vanaf eind dit jaar verantwoordelijk voor het toezicht op de grote, grensoverschrijdende banken en de probleembanken. De ECB kan de oefening niet naar behoren uitvoeren zonder Europese afspraken over wat er moet gebeuren met de lijken die daarbij uit de kast vallen.

De deal tussen de EU-instellingen is een opsteker vlak voor de Europese top. De Europese leiders kunnen zich nu helemaal toeleggen op de crisis in de Krim en de relaties met Rusland. Het akkoord moet wel nog bevestigd worden door de ministers van Financiën en het voltallige Europarlement.

Meningsverschillen

Het Europees Parlement heeft op vele punten het compromis dat de lidstaten in december sloten, verbeterd. Het eerste voorstel van de EU-lidstaten voor een Europees resolutiesysteem voor banken was in de ogen van het Europees Parlement te complex. Toch blijft de grootste struikelsteen van het halfrond onaangeroerd. De oprichting van een Europees bankenfonds komt in een apart verdrag en valt dus buiten de controle van de centrale EU-instellingen: Commissie en Europarlement.

De voorzitter van de Eurogroep, Jeroen Dijsselbloem, voerde de onderhandelingen met het parlement aan. Opmerkelijk is dat hij aan het einde van het overleg bijna een uur lang telefoneerde voor een eindfiat met de belangrijkste speler in dit dossier, de Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble. 'Dat is het eclatante bewijs dat Berlijn de hoofdstad is geworden van de Europese Unie', zegt Philippe Lamberts (Ecolo), de financiële specialist van de groene fractie.

Bankenfonds

Er wordt een Europees Bankenfonds opgericht van 55 miljard euro. Dat geld wordt bijeengebracht door de banken zelf. 'Belastingbetalers zullen nooit meer opdraaien voor geknoei met banken', zeggen de europarlementsleden Saïd El Khadraoui (sp.a) en Philippe De Backer (Open VLD).

Het bankenfonds wordt geleidelijk opgebouwd, over een periode van acht jaar en op basis van nationale 'compartimenten'. Dat betekent dat voor de ontmanteling van een bank in de eerste plaats geput wordt uit de 'eigen' nationale bijdragen in dit Europees fonds. Pas na acht jaar wordt het een volwaardig Europees solidariteitsfonds zonder compartimenten.

Het Europarlement versnelde wel fundamenteel het ritme van de solidariteit. Het eerste jaar al is 40 procent van het fonds 'open', het tweede jaar 60 procent. Onder Duitse druk wilden de lidstaten aanvankelijk maar jaarlijks 10 procent van het fonds openstellen en dat over een tijdspanne van tien jaar. 'De solidarisering van 70 procent na drie jaar, in plaats van 30 procent, draagt bij tot de geloofwaardigheid van het fonds', zegt Corien Wortmann-Kool (EVP) een van de onderhandelaars van het Europarlement.

De berekening van de bijdrage van individuele banken aan het fonds moet nog verder gepreciseerd worden. Er is een sleutel afgesproken op basis van balanstotaal en risicogevoeligheid van een bank. Vooral de Franse minister van Financiën, Pierre Moscovici, deed er alles aan om de factuur van de Franse grootbanken te beperken.

Het fonds zal opgericht worden vanaf volgend jaar. Om vanaf dag een operationeel te zijn, zal het kunnen lenen op de financiële markten.

Wie beslist?

Het is de Europese Centrale Bank die aan de bel trekt en zegt dat een bank niet meer te redden is. Er komt wel een aparte resolutieautoriteit met vertegenwoordigers van de lidstaten en de Commissie. Het uitvoerend orgaan van die resolutie-autoriteit zal dan bepalen of een bank failliet gaat. Lidstaten kunnen verzet aantekenen tegen een beslissing van die autoriteit, maar enkel gemotiveerd en binnen kort tijdsbestek. Op die manier wordt de beslissing Europees genomen.

Voor grensoverschrijdende banken komen er precieze afspraken, op spreadsheats, over de verdeling van de lasten. Een herhaling van de moeilijke onderhandelingen over onder meer Dexia destijds, wordt daardoor verrmeden.

Toch krijgen de lidstaten wel een ruimere vinger in de pap indien het gaat om de onmanteling van grote systeembanken. Als een bank meer dan 5 miljard euro nodig heeft uit het reddingsfonds, moet de plenaire vergadering van de resolutie-autoriteit zich uitspreken en stemmen. Dat betekent dat in een weekend waarop een bank gered moet worden, 28 lidstaten mee aan tafel kunnen zitten. Toch meent het Europarlement dat de politieke invloed bij het besluit over de sanering of het opdoeken van een bank nu fors is teruggebracht.

 

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud