weekboek

Het protest van de gele hesjes brengt disruptie in de politiek

De kans is groot dat de Champs-Elysées zaterdag weer fluogeel kleurt, voor zover de wolken traangas het zicht niet benemen. De bekendste avenue van Parijs is door de betoging een voetgangerszone, maar de kans is klein dat de toeristen zich er zullen wagen. Drie weken protest van de ‘gilets jaunes’ leiden tot disruptie in de traditionele vormen van protest en bemoeilijken de al even klassieke politieke antwoorden.

Twee jaar geleden marcheerde Emmanuel Macron met zijn beweging En Marche! de Franse politiek in. Niemand geloofde dat hij met zijn beweging president zou worden, laat staan dat En Marche! in de Assemblée een meerderheid zou veroveren.

Toch geschiedde dat. Een combinatie van geluk, schandalen en een zwak presterende tegenstandster in de tweede ronde brachten Macron naar het Elysée en zijn beweging aan de macht. Het was zonder meer een politieke disruptie in Frankrijk en het traditionele politieke bestel kreeg zware klappen.

Dieselprijs

Drie weken geleden haalden boze burgers hun ‘gilet jaune’ uit hun wagen en begonnen met hun protest. Eerst tegen de verhoging van de dieselprijs door de invoering van een milieuheffing, maar dat eisenpakket breidde zich uit tot lagere belastingen en hogere uitkeringen.
Het succes was overrompelend. Het eerste protestweekend bracht ruim een kwart miljoen mensen over heel Frankrijk op de been, het tweede weekend nog 108.000. De vraag is nu hoeveel er vandaag hun hesje aantrekken.
De Franse minister van Binnenlandse Zaken Chris­tophe Castaner beschouwt de ‘gilets jaunes’ niet als een ‘massafenomeen’. Het klopt dat er al massalere bewegingen zijn geweest. Maar er is meer aan de hand. Ondanks de zogenaamde ‘oorlogstaferelen op de Champs-Elysées’ vorig weekend vindt ruim 84 procent van de Fransen het protest gerechtvaardigd. Dat is 10 procentpunten meer dan in de peiling van de Franse krant Le Figaro na het eerste weekend. Ook een aantal beloftes die Macron dinsdag deed, lijken niet geholpen te hebben.

Niet in een vakje

De beweging laat zich niet gemakkelijk in een vakje stoppen. De politieke geograaf Christophe Guilluy ziet in de gele hesjes de opstand van het perifere Frankrijk tegen het Frankrijk van de metropolen. Hij vindt het ergerlijk dat de politieke klasse de actievoerders als ‘boerenpummels’ probeert af te doen. In de beweging zitten ook ambulanciers, vrachtwagenchauffeurs, kleine ondernemers en gepensioneerden.
Het is geen louter boerenprotest. Het is meer een opstand tegen de stedelijke elite die voorstander is van globalisering, die toegang heeft tot moderne mobiliteit en in de steden ook gemakkelijker werk vindt dan de mensen op het platteland of in de kleinere steden en de verkavelingen rond de grote steden, stelt de geograaf. Die mensen hebben gemiddeld een lager inkomen, maar ze zijn meer aangewezen op de eigen wagen omdat in die gebieden het openbaar vervoer hopeloos tekortschiet.
Volgens Guilluy speelt ook gewoon de kloof tussen rijk en arm: ‘Opvallend is dat nooit wordt gesproken over de impact van de kerosine op het milieu. Dat komt omdat die in een geglobaliseerde wereld niet kan worden belast. De vervuiling van de mobiele ‘rijken’ wordt lager belast dan die van ‘arme’ sedentairen’, zegt hij in Le Figaro. Die groep heeft ook helemaal niet de indruk dat haar koopkracht erop vooruitgaat. Integendeel, door een reeks belastingverhogingen heeft ze het gevoel dat het steeds moeilijker wordt de eindjes aan elkaar te knopen.

Extreemrechtse provocateurs

Omdat de ‘gilets jaunes’ zo amorf zijn, valt er moeilijk een etiket op te plakken. Verschillende leden van de Franse regering zagen in de gewelddadigheden op de Champs-Elysées de hand van extreemrechtse provocateurs. Anderen hielden het op agitatoren van extreemlinks. Een honderdtal mensen werd na de rellen opgepakt, maar de amokmakers bleken geen duidelijke politieke profielen te hebben.
Natuurlijk proberen de politieke partijen - van extreemrechts over het centrum tot extreemlinks - hun karretje aan het protest te hangen. De vakbonden deden hetzelfde door van de roep om een hoger bestaansminimum ook hun eis te maken. De reactie bij de initiatiefnemers ten velde is meestal dezelfde: overal worden mensen met een opvallend politiek profiel geweerd. Dat is niet altijd evident. Vermits de beweging zich essentieel organiseert via de sociale media, is het infiltreren ervan ook gemakkelijk.
De ‘gilets jaunes’ zijn ook behoorlijk gebeten op de klassieke media. Ze verwijten de pers dat die enkel de gewelddadige beelden van de acties toont en de beweging zelf niet aan het woord laat, maar enkel de officiële kritiek. Een bijzonder mikpunt is de nieuwszender BFM-TV. Journalisten die de beweging wilden volgen, werden herhaaldelijk bedreigd. Tegelijk zijn de beelden voor de zender een goudmijn. De kijkcijfers explodeerden de voorbije weken.

Reactie atypische president

De vraag is hoe een atypische president kan reageren op dit atypische protest. Het voorlopige antwoord is dat er geen echt antwoord is. Macron poogde dinsdag de gemoederen te kalmeren. Hij beloofde de impact van de milieuheffing te milderen en een breed overleg te organiseren over de energietransitie. De problemen ‘van het einde van de wereld en het einde van de maand’ aanpakken, zo omschreef hij het.
De president zette ook in op dialoog met de beweging. Een moeilijke oefening. De ‘gilets jaunes’ hebben geen klassieke structuur. Na veel vijven en zessen werden acht woordvoerders aangewezen die zouden praten met de regering. Al snel werden meerdere woordvoerders gewraakt door andere mensen uit de protestbeweging.
Uiteindelijk gingen twee van de woordvoerders in op de uitnodiging tot overleg van premier Philippe Edouard. Het gesprek draaide gisternamiddag op een fiasco uit. De eerste, gecontesteerde, woordvoerder Jason Herbert verliet al na enkele minuten het overleg omdat hij de gesprekken niet mocht filmen. Een tweede woordvoerder die via een zijdeur Matignon was binnen­geslopen, brak eveneens snel de gesprekken af.

Een gebaar

Het struikelblok is dat Macron zijn hervormingen niet wil stilleggen. De verhoging van de taksen op brandstoffen blijft dus, al worden ze ‘soepel’ gemaakt. De actievoerders eisen ‘een gebaar’ en dat liefst voor Kerstmis, als teken dat de president ‘hen gehoord’ heeft.
De kans daarop is klein, al moeten Macron en zijn regering nog een gevecht aangaan met de senaat waar hij geen meerderheid heeft. De senaat heeft de milieuheffing, die op 1 januari moet ingaan, bevroren. Daardoor ligt de bal terug in het kamp van de volksvertegenwoordigers van de Assemblée die opnieuw de heffing moeten goedkeuren.
Dat is niet zo evident. Steeds meer mensen uit de partij van Macron vinden dat hij te onverzettelijk is. Het wordt dus een krachtmeting tussen de president en de actievoerders. De politieke schade komt alvast op het conto van Macron, de publieke sympathie is voor de hesjes.

Lees verder

Tijd Connect