'Macron bewijst dat hervormen kan'

Emmanuel Macron overlegt met de Australische premier Malcolm Turnbull in Sydney. ©EPA

Als een wervelwind raasde Emmanuel Macron door zijn eerste jaar als Franse president. ‘In dat jaar heeft hij meer hervormd dan zijn drie voorgangers samen’, zegt de politoloog Dominique Moïsi.

Een jaar geleden stond de politieke barometer in Parijs op onweer. Er heerste totale onzekerheid over de uitkomst van de Franse presidentsverkiezingen. Over slechts één ding bestond een consensus. De kans was groot dat de extreemrechtse Marine Le Pen de tweede ronde zou halen. De bekende Franse politoloog Dominique Moïsi formuleerde het toen zo: ‘In 2012 kon ik tien dagen voor de eerste ronde al zeggen wie president zou worden. Nu weet ik niet eens 100 procent zeker wie de tweede ronde zal halen.’

De presidentsrace draaide uiteindelijk uit op een duel tussen Le Pen en de jonge hyperambitieuze Emmanuel Macron. De neofiet beslechtte de strijd op 7 mei 2017 in zijn voordeel. Stormenderhand veroverde hij het politieke toneel. Met Moïsi blikken we terug op een jaar Macron.

Wie is Dominique Moïsi?

Dominique Moïsi (71) werd geboren in Straatsburg. Hij is de zoon van Auschwitz-overlevende Jules Moïsi. Hij studeerde aan Sciences Po in Parijs en trok daarna naar Havard. Hij haalde ook een doctoraat aan de Sorbonne.

Zelf doceerde hij aan diverse grote Franse instellingen en aan Havard. Momenteel geeft hij les aan King’s College in Londen.

Hij richtte het bekende Institut Français des Relations Internationales op. Sinds 2016 is hij speciale raadgever bij het Institut Montaigne. Die denktank is opgericht door AXA-stichter Claude Bébéar. Moïsi publiceert geregeld bijdragen in internationale media als Les Echos, Financial Times, The New York Times en Die Welt.

Een jaar geleden stelde u dat Macron de man was die Frankrijk van het populisme kon redden. Is hij daarin geslaagd?
Dominique Moïsi: ‘Ik zeg zonder aarzelen ja. Macrons balans is zonder meer positief. Hij heeft in een jaar meer hervormingen doorgevoerd dan de drie presidenten voor hem samen. Het overheidstekort is op een significante manier teruggedrongen en zit weer onder 3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). De groei bedraagt weer meer dan 2 procent. En de hervormingstrein staat op de rails. De arbeidsmarkt is zonder al te veel moeilijkheden in een moderner kleedje gestopt. Op dit moment krijgen de spoorwegen, het hoger onderwijs en de gezondheidszorg een opknapbeurt. Die hervormingen verlopen niet zonder slag of stoot. Het zou verontrustend geweest zijn als die sectoren geen weerstand boden.’

‘Macron kreeg tijdens de eerste ronde van de presidentsverkiezingen 24 procent van de stemmen. Vandaag heeft 30 procent van de Fransen een positief beeld van de president ook al wordt die geconfronteerd met een onvermijdelijke erosie van zijn macht. Bovendien oefent hij zijn mandaat in moeilijke tijden uit. De Franse samenleving blijft diep verdeeld. De mensen die tegen het systeem zijn, zowel aan extreemrechtse als aan extreemlinkse zijde, blijven dat.’

Ook de internationale context zat niet helemaal mee.
Moïsi: ‘Inderdaad. Sinds Macron aan de macht is, waren we getuige van een zeer moeilijke herverkiezing van Angela Merkel. Pas na zes maanden zat haar nieuwe regering in het zadel. De populisten kwamen aan de macht in Oostenrijk en Hongarije. Ook in Italië, een stichtend lid van de Europese Unie, waren zij de grote winnaars van de parlementsverkiezingen van 4 maart.’

‘De hamvraag luidt dus of je in 2018 in Europa nog hetzelfde succes kan kennen als Macron een jaar geleden. Ik geloof dat hij wel aan het slagen is in Frankrijk. Maar door de sterke positie van de populisten in andere Europese landen staat hij voor een steeds moeilijkere taak. Ik ben ervan overtuigd dat Macron zich bewust is van die dialectiek tussen de binnenlandse en Europese politiek. Hoe meer hij erin slaagt in eigen land te hervormen, hoe meer legitimiteit hij krijgt in het buitenland. En hoe meer hij het imago van Frankrijk in het buitenland weet op te krikken, hoe meer hij aan geloofwaardigheid wint om zijn hervormingen in eigen land door te zetten. ’

Dominique Moïsi: 'Macrons voluntarisme voor een Europees project heeft geen gelijke in Duitsland.' ©Antonin Weber / Hanslucas

Wat waren Macrons belangrijkste verwezenlijkingen in dat eerste jaar?
Moïsi: ‘De reorganisatie van de arbeidsmarkt is erg belangrijk. Maar de hervormingen die hij in het onderwijs doorvoert, zijn echt fundamenteel. Ze drongen zich al lang op en zijn de sleutel tot alles. Het Franse onderwijs is volledig vermolmd. Maar het is geen sinecure die sector in beweging te krijgen. Sommigen verdedigen de status quo uit ideologische overwegingen, anderen om corporatistische redenen.’

‘Weet u wat essentieel is? Macron heeft het idee dat je een land kan hervormen weer legitiem gemaakt. Hij heeft aangetoond dat je kan zeggen wat je gaat doen, en doen wat je gezegd hebt.’

Een jaar geleden omschreef u Macron als de antithese van de woede. Maar vandaag lijkt die woede zich tegen hem te keren. In veel sectoren heerst sociale onrust.

Moïsi: ‘Ja, analisten trekken graag parallellen met mei 1968 of de onrust in november 1995. Maar die vergelijking is een puur anachronisme. Ik was student in ’68 en de toestand was toen helemaal anders dan nu. Vijftig jaar geleden kende Frankrijk volledige tewerkstelling en een grote economische groei. Maar er dook een gevoel van existentiële verveling op. De jeugd herkende zich niet in haar oude president (Charles de Gaulle, red.). De studenten die vandaag betogen, vormen slechts een kleine minderheid. Als de universiteiten ‘bevrijd’ worden van de bezettingen, zal de meerderheid van de studenten dat toejuichen.’

‘Het grote verschil met de hete herfst van ’95 is dan weer dat de vakbonden nu niet aan één zeel trekken. Het is vooral de CGT (de op een na belangrijkste vakbond, red.) die de onrust probeert op te poken. Bovendien zijn er vandaag geen charismatische vakbondsleiders. Net zo min als er in 2018 al een nieuwe Daniel Cohn-Bendit (studentenleider in mei ‘68, red.) is opgestaan.’

Voor de verkiezingen zei Macron dat hij niet links en niet rechts was. Profileert hij zich toch niet vooral als een rechtse president? Is hij een ‘president van de rijken’ zoals zijn critici betogen?
Moïsi: ‘Ja, hij is een liberaal. Dat is uitzonderlijk voor Frankrijk. Maar hij is oprecht als hij met zijn typische uitdrukking ‘en même temps’ tegenstrijdige standpunten probeert te verzoenen . Natuurlijk is hij op de limieten van die formule gestoten sinds hij in het Elysée zit. Hij wil meer flexibiliteit voor degenen die dat aankunnen maar tegelijk wil hij meer zekerheid voor degenen die het nodig hebben. Voor Macron moet de staat de zwaksten beschermen maar ook de ondernemenden bevrijden. Een groot deel van de Fransen begrijpt dat niet. Velen zetten nog altijd in op een alles beschermende overheid vanuit een soort antikapitalisme of zelfs vanuit een antidemocratische overtuiging.’

Macron heeft de idee dat je een land kan hervormen weer legitiem gemaakt.

Heeft hij ook niet gewoon veel geluk gehad bij zijn verkiezing? Links lag al in de touwen en de rechtse kandidaat François Fillon zat in schandalen verwikkeld.
Moïsi: ‘Er was natuurlijk Marine Le Pen. Maar inderdaad, Macron kon op een buitengewone manier de mensen mobiliseren. Hij had nooit president van de Franse republiek mogen worden, maar hij geloofde in zijn kansen. Hij heeft zijn intuïtie gevolgd en hij heeft veel geluk gehad.’

‘Bovendien blijft hij geluk hebben. Met een economie die zich herstelt. Met een Donald Trump die in de VS regeert. Omdat iedereen schrik heeft van de grote leegte, is hij de facto de leider van de redelijkheid geworden, de leider van de klassieke democratie.’

Het Franse politieke landschap is ook helemaal versplinterd.
Moïsi: ‘De Franse politiek is in een woestenij herschapen. Klassiek rechts flirt met extreemrechts en verliest daardoor een groot deel van zijn aanhang. Op links trekt de PS door de woestijn. Bij extreemlinks is Jean-Luc Mélenchon op zijn limieten gebotst. Een Fransman droomt er niet van om in het Venezuela van Hugo Chávez te wonen.’

Heeft Macron voldoende politiek gewicht om het ambt dat zoveel gezag uitstraalt in te vullen?
Moïsi: ‘Macron heeft snel begrepen dat de Fransen verwachten dat hun president zich waardig gedraagt. Maar er zit een contradictie in zijn wil om tegelijk een soort Charles de Gaulle én de hoofdwoordvoerder van de regering te zijn. De eerste les van De Gaulle was dat een president weinig moet zeggen. Zijn stilzwijgen en de afstand die hij steeds bewaarde, vormden een onderdeel van het mysterie van de functie.’

‘Macron volgt dat model niet omdat de tijden veranderd zijn. Door het internet en sociale media is communicatie veel belangrijker geworden. Ook zijn overmoed en narcisme spelen mogelijk een rol. Hij is ervan overtuigd dat hij alleen het antwoord heeft en de Fransen kan overtuigen.’

Moet hij ondanks het protest doorzetten met alle hervormingen?

Moïsi: ‘Hij moet in ieder geval de hervormingen doorvoeren die hij heeft aangevat. Op een zeker moment moeten de vakbonden toch aan tafel komen om een compromis uit te werken. Die zijn onderling erg verdeeld. Je kan Macron misschien verwijten dat hij niet meer ruimte heeft geboden aan hervormingsgezinde vakbonden, zoals de CFDT. Dat komt omdat hij gewoon geen compromis wilde. Hij wil de Fransen overtuigen dat zijn hervormingsprogramma het beste is. En hij geloofde dat hij in een krachtmeting de sterkste zou zijn, wellicht terecht.’

‘Voor zijn Europese hervormingen heeft hij wel Duitsland nodig. Dat is niet zo evident.’

Macron had nooit president van de Franse republiek mogen worden, maar hij geloofde in zijn kansen. Hij heeft zijn intuïtie gevolgd en hij heeft veel geluk gehad.

Gelooft u nog in de Frans-Duitse motor voor Europa?
Moïsi: ‘Nee, er is geen Frans-Duitse motor. Maar niets is mogelijk in Europa als Frankrijk en Duitsland niet akkoord gaan. Alleen volstaat het niet meer dat Frankrijk en Duitsland het eens zijn. Een jaar geleden zei ik dat Frankrijk en Duitsland niet meer in dezelfde liga speelden. Vandaag spelen ze opnieuw in dezelfde klasse, maar nu is er sprake van een scheiding op het vlak van de visie.’

‘Macrons voluntarisme voor een Europees project heeft geen gelijke in Duitsland. Merkel heeft een haast religieuze missie om haar macht als kanselier ongeschonden door te geven aan haar opvolger. Ze wil niet laten tornen aan die macht. We zijn niet langer in 1992. Merkel is duidelijk Helmut Kohl niet. Die was bereid de Duitse mark op te offeren op het altaar van de Europese solidariteit.’

Op dat vlak is ook veel veranderd. Een jaar geleden boezemde de politieke toekomst van Frankrijk angst in. Vandaag lijkt Duitsland de instabiele factor.
Moïsi: ‘Ja, en niet alleen tussen Duitsland en Frankrijk zijn de rollen omgekeerd. Toen ik twee jaar geleden, voor de brexit, naar Londen ging, bruiste het daar van de energie. Londen stond synoniem voor optimisme en dynamisme. In Frankrijk overheersten pessimisme en onzekerheid. Dat is nu volledig omgekeerd. Londen kampt met een identiteitscrisis. De Britten beseffen dat ze zich in de voet hebben geschoten met de brexit. In Duitsland bestaat dan weer ongerustheid over de stabiliteit van de regering-Merkel.’

Wanneer kunnen we spreken van een geslaagde ambtstermijn voor Macron?

Moïsi: ‘Dat weten we in 2022. De hamvraag luidt of hij opnieuw verkozen wordt. Maar ook zijn tegenstanders menen dat die kans groot is. De belangrijke kandidaten voor de toekomst zullen pas opdagen na Macrons tweede ambtstermijn in 2027.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud