Tsjechisch premier overleeft motie van wantrouwen

Tsjechisch premier Andrej Babis is al een tijd verwikkeld in corruptiezaken. ©REUTERS

Andrej Babis, die verwikkeld is in corruptiezaken, overleefde donderdagochtend de motie van wantrouwen tegen zijn regering.

Andrej Babis, ook wel 'de Praagse Trump' genoemd, ligt al een tijd zwaar onder vuur omdat de multimiljardair en oprichter van de populistische ANO-partij verwikkeld is in vermeende fraude met Europese subsdies en belangenconflicten. Zondag kwamen in Praag nog 280.000 mensen op straat om zijn ontslag en een onafhankelijk onderzoek te eisen, meteen de grootste betoging in Tsjechië sinds de fluwelen revolutie en val van het communisme in 1989.

Vijf oppositiepartijen hadden de motie van wantrouwen ingediend tegen Babis en zijn minderheidsregering, al wisten ze dat die weinig kans maakte. In het parlement stemden 85 van de 200 parlementsleden voor de motie - voor een meerderheid waren 101 stemmen nodig geweest.

Audit Europese Commissie

Aan de stemming in het parlement ging 17 uur debat vooraf. Babis zei daar dat de motie van de oppositie een poging was om het land te destabiliseren. De premier bleef ontkennen van zijn positie misbruik gemaakt te hebben om subsidies voor zijn bedrijven op te strijken. Voor Babis in 2011 de politiek instapte, bouwde hij een zakelijk imperium uit dat actief was in de chemie, de media en de landbouw.

Volgens een voorlopig rapport van de Europese Commissie zou Babis, volgens Forbes de tweede rijkste man van Tsjechië, verplicht kunnen worden om tot 17,4 miljoen euro terug te betalen aan Brussel.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect