Vestager verliest belastingzaak tegen Starbucks

Europees commissaris voor Mededinging Margrethe Vestager. ©EPA

Europees commissaris Margrethe Vestager had ongelijk om Starbucks te verplichten meer belastingen te betalen in Nederland, oordeelt het Europees Hof van Justitie.

Europees commissaris voor Mededinging Margrethe Vestager leed dinsdag een nederlaag in het Europees Hof van Justitie. Haar beslissing om de koffieketen Starbucks te verplichten meer belastingen te betalen in Nederland is vernietigd. 

Volgens de Europese Commissie heeft Starbucks tussen 2008 en 2014 miljoenen euro's aan overdreven staatssteun gekregen van de Nederlandse fiscus. De fiscale constructie draaide om een vrijstelling van belastingen op royalty's, die werden betaald voor de kennis van Starbucks om koffiebonen te roosteren.

Het verlies toont aan dat er juridisch gaten zitten in de fiscale strategie van de Europese Commissie.

Starbucks moest daarom van de Commissie 25 miljoen euro aan belastingen alsnog betalen. Het Gerecht van de Europese Unie, de lagere instantie van het Europees Hof van Justitie, vernietigt nu die beslissing.

De Commissie bleef wel overeind in een gelijkaardige zaak. Vestager vond dat de autobouwer Fiat in Luxemburg een uitzonderlijk gunstige fiscale regeling kreeg en daarom 20 miljoen euro extra belastingen moest betalen. Ook Fiat tekende beroep aan, maar heeft dat dinsdag verloren.

Apple, Nike en Ikea

De uitspraak is vooral principieel belangrijk, omdat ze de eerste test is voor het beleid dat Margrethe Vestager voerde om fiscale voordelen aan grote bedrijven terug te vorderen. Haar zaken tegen Starbucks en Fiat waren de eerste schoten in een lang salvo.

Op basis van dezelfde logica besliste ze dat Apple 13 miljard euro aan belastingen alsnog moet betalen aan de Ierse fiscus. En ze voert onderzoek naar Nike, Ikea en naar 39 bedrijven die in België een fiscaal voordeel kregen voor de winst die ze in het buitenland hebben verdiend. 

Vetorecht

Belastingen liggen zo gevoelig in Europa dat ieder EU-land er vetorecht over heeft. Het maakt dat grote stappen vooruit, zoals een Europese vennootschapsbelasting, nooit werden gezet. Daardoor zijn er grote verschillen tussen de fiscale wetgeving in EU-landen, die internationale bedrijven vervolgens toelaat fiscaal te shoppen in het meest gunstige land.

Vestager doorbrak die impasse door voluit een wapen te gebruiken dat ze vanuit de Europese Commissie wél eigenhandig kan bedienen: het mededingingsrecht. Traditioneel diende dat om te verhinderen dat een groot bedrijf subsidies kreeg van zijn nationale overheid, waarmee het de concurrentie met sectorgenoten uit andere EU-landen vervolgens kon vervalsen.

À la tête du client

Vestager gebruikte het mededingsrecht om volop ook fiscale gunsten af te schieten. Ze schrapte het fiscale voordeel dat Starbucks in Nederland kreeg, alsook het belastingvoordeel waarvan Fiat in Luxemburg genoot.

Om dat te kunnen doen, moest ze bewijzen dat de bedrijven in kwestie 'à la tête du client' van voordelen genoten waar hun concurrenten alleen maar kunnen van dromen. In het geval van Starbucks is dat bewijs niet geleverd, oordeelt het Gerecht van Eerste Aanleg nu. Het toont aan dat er juridisch gaten zitten in de fiscale strategie van de Europese Commissie.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud