interview

'We gaan wel varen bij doortastend klimaatbeleid'

De Europese klimaatambassadeur Marc Vanheukelen. ©jonas lampens

Met 9 procent van de uitstoot kan Europa de wereld niet redden. De andere vervuilers over de streep trekken wordt de taak van de eerste Europese klimaatambassadeur, de Belg Marc Vanheukelen.

Het klimaat veroverde in 2019 een plaats bovenaan op de Europese agenda met de klimaatspijbelaars en de donderpreek van Greta Thunberg in de Verenigde Naties. De nieuwe voorzitster van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, maakte van de Green Deal, een ambitieuze klimaatagenda, haar vlaggenschip. Europa wil in 2050 het eerste klimaatneutrale continent zijn.

Maar de Europese inspanningen volstaan niet om het klimaatakkoord van Parijs uit te voeren en de opwarming van de aarde te beperken tot minder dan 2 graden, liefst zelfs tot 1,5 graden Celsius. ‘We zitten nu al aan een opwarming met 1,1 graden. Het klimaatakkoord van Parijs kan maar werken als de individuele landen met ambitieuze doelstellingen komen en die ook uitvoeren,’ zegt Marc Vanheukelen, sinds oktober de allereerste Europese klimaatdiplomaat.

Ik ben géén groene jongen en géén bomenknuffelaar. Ik probeer die klimaatproblematiek te bekijken als een rationeel mens.
Marc Vanheukelen
Europees klimaatambassadeur

Wat doet een klimaatdiplomaat?
Marc Vanheukelen: ‘Als klimaatambassadeur behoor ik niet tot de klimaatadministratie van de Europese Commissie maar tot de Europese diplomatieke dienst. De Commissie en de diplomatie verhouden zich zo’n beetje tegenover elkaar als producenten tegenover verkopers. Commissievicevoorzitter Frans Timmermans bepaalt met zijn diensten het beleid, de inhoud van wat we in Europa gaan doen. Maar de Commissie beschikt niet over het externe netwerk waarmee we met de Chinezen en de Indiërs een diepgaande uitwisseling van gedachten kunnen hebben. Dat netwerk hebben wij in onze diplomatieke dienst wel. Veel van onze lidstaten hebben in Peking, Washington en Tokio evenveel volk als wij. Het is nu aan ons te bereiken dat het Europese beleid bij al die buitenlandse contacten als één verhaal verkocht wordt.’

Waarom is die nieuwe functie nodig?
Vanheukelen: ‘Klimaatverandering tegengaan vergt een diepgaande transformatie van de economie. De tijd dat klimaat iets was voor klimaatexperts en milieuministers is stilaan voorbij. Het gaat nu over de energievoorziening, de fiscaliteit, de vergroening van de kapitaalmarkten. Die beslissingen worden hogerop in de hiërarchie genomen, bij de centrale planinstanties, met de premiers of de presidenten.’

Klimaatambities

Bio Marc Vanheukelen

Sinds oktober de eerste Europese klimaatdiplomaat. Na zijn studies geschiedenis en economie in Leuven en Genève maakte hij carrière in meerdere departementen van de Europese Commissie. In 2009 werd hij kabinetschef van Europees commissaris Karel De Gucht (Open VLD), vervolgens directeur Handel in de Commissie en EU-ambassadeur bij de Wereldhandelsorganisatie in Genève.

‘Tegen de VN-klimaatconferentie van Glasgow, in november volgend jaar, zal duidelijk zijn of de klimaatambities volstaan om de opwarming van de aarde onder 2 graden Celcius te houden. Daarom moeten we de komende elf maanden bilateraal werken, met landen gaan praten en zeggen: ‘We denken dat jullie de lat wel wat hoger kunnen leggen.’’

‘Maar met zo’n aanpak is het belangrijk dat we steeds met dezelfde boodschap komen. Ongeacht of we met landen praten op het niveau van de Europese Unie of dat van de individuele lidstaten, we moeten telkens hetzelfde verhaal herhalen. Als een Franse president of een Duitse bondskanselier naar Rusland, China, Indonesië of Brazilië trekt, om enkele grote uitstoters te noemen, moet die dus steeds op dezelfde nagel kloppen als Commissievoorzitster von der Leyen of de chef van de Europese diplomatie Josep Borrell. Dat vergt natuurlijk heel wat diplomatieke coördinatie.’

‘Die diplomatie moet ook fijnmazig zijn. Je moet echt een gedetailleerde en diepgaande analyse maken van elk land. Wat zijn hun structurele problemen? Wat zijn hun mogelijkheden om iets aan hun uitstoot te doen en hoe zit het land politiek en sociaal in elkaar? Wat is de houding van de publieke opinie? We moeten dus niet enkel praten met degenen die formeel de beslissingen nemen, maar ook met al wie een rol speelt bij de totstandkoming van de klimaatvisies in dat land.’

Klimaatmaatregelen zijn nodig en dringend. We beuken tegen de limieten van de natuur aan.
Marc Vanheukelen
Europees klimaatambassadeur

Hoe pakt u dat aan?
Vanheukelen: ‘Om te beginnen moeten we onze diplomatieke netwerken - dat van de Commissie en die van de lidstaten - wat structureren. Die gecoördineerde klimaatdiplomatie staat nog in de kinderschoenen. Informeel bestaan wel netwerken voor groene diplomatie. Maar we zullen ons de komende weken intensief moeten bezighouden met het maken van röntgenfoto’s van die landen, met aandacht voor hun economische kenmerken, hun uitstootprofielen, de aard van hun landbouw en energievoorziening. En dan moeten we natuurlijk de boer op.’

U zult bij hoge bezoeken deel uitmaken van de delegaties?
Vanheukelen: ‘Ik vrees dat ik een zekere koolstofvoetafdruk zal hebben, ja. Maar ik zie geen andere mogelijkheid. Ik kan moeilijk, zoals Greta Thunberg, met de boot naar India gaan. Dan ben ik echt te lang onderweg.’

Wat worden volgens u de grootste uitdagingen?
Vanheukelen: Volgend jaar staan er twee topontmoetingen met China gepland: de normale Europees-Chinese top in april en dan een heel grote die bondskanselier Angela Merkel in september in Leipzig organiseert, wellicht met de Chinese president. Dat is twee maanden voor de volgende klimaattop in november. China wordt een heel belangrijk stuk van ons verhaal. China heeft een aantal ambities geformuleerd voor 2020 en 2025 en die doelstellingen zal het ook halen. Maar de vraag is of die ambitieus genoeg zijn. Tot dusver heeft China gezegd dat het voor 2030 zal pieken met zijn uitstootniveau. Dat is alvast goed nieuws. De Chinezen zullen hun doelstelling inzake de CO2-intensiteit (welk deel van hun energieproductie stoot CO2 uit, red.) ook wel halen. Maar die intensiteit vertelt niet het hele verhaal. Zelfs als ze relatief minder CO2 uitstoten, zullen ze in absolute waarden nog altijd meer uitstoten als hun economie sterk groeit. Ik denk dat we daarom moeten proberen de Chinezen ertoe te overhalen zich wat ambitieuzere doelstellingen te stellen, en liefst naar absolute doelstellingen te gaan, zoals wij met onze min 40 procent.’

Ik zie het klimaatbeleid als een verzekeringspolis die je als rationeel mens moet afsluiten voor je kleinkinderen en zelfs al voor je kinderen.
Marc Vanheukelen
Europees klimaatdiplomaat

‘We hebben ook een belangrijke top met Afrika. Afrika is op dit moment helemaal geen grote uitstoter, maar als het op een zeker ogenblik toch aan een snel groeipad begint, moeten we bereiken dat dat op een andere basis gebeurt dan het pad dat wijzelf de voorbije 50 jaar gevolgd hebben. Dus geen steenkool en fossiele brandstoffen, maar de nieuwste technologieën. Afrika moet technologisch haasje-over kunnen springen. Evident zal dat niet zijn. Er zijn genoeg landen en bedrijven in de wereld die hen liever de technologie van gisteren verkopen. Dat sommige landen nog een belangrijke stock van fossiele brandstoffen ‘op het schap’ hebben liggen, maakt de klus niet eenvoudiger.’

‘Globaal genomen is het duidelijk dat we ons moeten concentreren op de niet-EU-leden van de G-20 (de 20 belangrijkste economieën ter wereld, red.). Die zijn samen goed voor driekwart van de uitstoot. Die vormen dus een prioriteit.’

Wat vertelt u aan die landen om ze te overtuigen?
Vanheukelen: ‘De belangrijkste boodschap is: klimaatmaatregelen zijn nodig en dringend. We beuken tegen de limieten van de natuur aan. Volgens het VN-milieu-agentschap UNEP is ons koolstofbudget over acht jaar op. Maar de ommezwaai hoeft economisch geen schade op te leveren. We gaan er wel bij varen, zegt ook de OESO. Eerst vergt het een investering, maar die verdien je dubbel en dik terug door de bereikte energie-efficiëntie. Zoiets zagen we al bij zonne- en windenergie.’

‘Bovendien kunnen we de armere landen helpen. We hebben Europese financiële instrumenten, technische samenwerking en onderzoek. Maar aan landen die echt niet meewillen, kondigen we al aan dat we in 2021 wellicht met een invoerbelasting op vervuilende producten komen. Hopelijk zet hen dat aan meer ambitie aan de dag te leggen. Een koolstofheffing op staal, cement en sommige chemische subsectoren kan perfect verenigbaar zijn met de regels van de Wereldhandelsorganisatie, zolang het een milieumaatregel is en geen protectionisme.’

Bent u een groene jongen?
Vanheukelen: ‘Ik ben géén groene jongen en géén bomenknuffelaar. Ik probeer die klimaatproblematiek te bekijken als een rationeel mens, die zich ook interesseert voor de levensomstandigheden van de volgende en daaropvolgende generaties. Maar ik lees wel de rapporten van het klimaatpanel van de VN, het IPCC. Geen enkel wetenschappelijk rapport wordt grondiger tegen het licht gehouden. Vooral de kantelmomenten, de ‘tipping points’, maken me ongerust. Wat als de permafrost (de nu bevroren ondergrond in de toendra nabij het Noordpoolgebied, red.) verdwijnt en een gigantische bron van CO2 vrijkomt? Of als de Golfstroom zijn koers wijzigt? Daar zijn we niet op voorbereid.’

No-brainer

‘Voor wie zich inleest, is het eigenlijk een no-brainer. Ik zie het klimaatbeleid als de verzekeringspolis die je als rationeel mens moet afsluiten voor je kleinkinderen en zelfs al voor je kinderen. Be on the safe side.

‘Toen Von der Leyen in juli haar klimaatambities uit de doeken deed, besefte ik meteen dat dit echt iets groots wordt, een heel wervend project. Als het beleid, de onderzoekswereld en de bedrijven aan één zeel trekken, kan dat de Europese economie een geweldige stimulans en dynamiek geven. Kortom: we kunnen van de nood een deugd maken. Zoals de Engelsen zeggen: do well by doing good.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect