column

Netflix vs. het cognitieve surplus

Digitaal nieuwsmanager

Het relaas over een eerste Netflixweekend en bijhorende schuldgevoelens.

Een tweet van mijn collega Ben Serrure: ‘Dat Netflix-klokje dat op het einde van een aflevering aftelt naar een volgende wordt mijn ergste vijand.’

Ik kan ervan meespreken. Nauwelijks had ik me geregistreerd voor de eerste en gratis maand Netflix, of ik was al aan het kijken naar ‘House of Cards’.

Na zo’n 50 minuten lang mijn eerste aflevering van die Amerikaanse politieke dramareeks bekeken te hebben, telde dat ellendige klokje inderdaad 15 seconden af naar de volgende episode. 15 seconden! Vroeger moest een kijker een week machteloos wachten.

De gevolgen van het plotse aanbod van gratis series en films naar keuze waren verschrikkelijk. Het voorbije weekeinde heb ik geen enkele blogpost geschreven. Mijn geliefde Massive Open Online Courses (MOOCs) heb ik volledig verwaarloosd. Daarentegen heb ik tamelijk wat ‘House of Cards’ achter de kiezen en stukken uit ‘The Walking Dead’, ‘Kill Bill’ en ‘The Wolf of Wall Street’.

Tegen het einde van het weekeinde overviel mij een schuldgevoel. Wat had ik gedaan met wat mediaprofessor Clay Shirky het ‘cognitieve surplus’ noemt?

In het boek ‘Cognitive Surplus: Creativity and Generosity in a Connected Age’ (2010) antwoordt de professor op de vraag aan mensen die erg actief zijn op sociale media: waar halen jullie de tijd toch vandaan?

Comakijken heeft veel weg van de 18de-eeuwse Gin Craze.

Het antwoord: sinds de jaren 40 van de vorige eeuw kregen we, zeker in het Westen, meer vrije tijd. We leerden die tijd te gebruiken voor meer creatieve dingen eerder dan louter te consumeren. Shirky geeft toe dat nogal wat van die creaties niet meer zijn dan het online uitwisselen van banaliteiten, maar dat is volgens hem nog altijd beter dan urenlang passief tv-kijken. Dat laatste is een verspilling van het cognitieve surplus - de vrije tijd die we hadden kunnen gebruiken om te creëren.

Amerikanen kijken elk jaar ongeveer 200 MILJARD uur televisie, schrijft Shirky, en dat stemt overeen met de tijd nodig voor zo’n 2.000 projecten van de orde van grootte van Wikipedia.

Shirky vergelijkt het compulsieve televisiekijken met de 18de-eeuwse Gin Craze, waarbij mensen zich constant bedronken om de disrupties van hun tijd te vergeten.

Het compulsief bekijken van de ene aflevering na de andere (het ‘comakijken’ of ‘bingeviewen’) heeft inderdaad wel iets weg van zo’n Gin Craze.

Of niet helemaal? 2010 is ook al weer zo lang geleden. Vandaag zitten we op Facebook en Twitter commentaar te spuien terwijl we televisie kijken. Netflix zelf port zijn gebruikers ertoe aan hun kijkgewoontes te delen op Facebook .

Maar toch. Een doorwrochte blogpost zie ik me niet schrijven terwijl ik naar tenenkrullende kuiperijen in politiek Washington kijk. Voortaan wend ik de blik zedig af wanneer de verleiding van het aftelklokje verschijnt.

Roland Legrand is nieuwsmanager van tijd.be . Hij twitter via @RolandLegrand.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud