reportage

'Software zal bepalen wat we straks eten'

Met bloed uit een vingerprik kan een aangepast dieet opgebouwd worden. ©BELGAIMAGE

Vergeet alles wat u weet over gezonde voeding. De Tijd en VRT NWS trokken het labo in en proefden het eten van morgen: hightech en hyperpersoonlijk. ‘Een bereide maaltijd voor een veertiger die de hele dag op kantoor zit en te weinig zonlicht krijgt? Dat komt eraan, ja.’

‘Dit zou een beetje pijn kunnen doen,’ waarschuwt bioloog André Boorsma als hij een lancetje in mijn vinger prikt. Even later glijden enkele druppels bloed in twee toestelletjes, die een eerste keer mijn bloedsuikerspiegel en cholesterol zullen meten.

Reeks: het bord van morgen

In onze reeks ‘Het bord van morgen’ serveren we u zes dagen lang - van amuses tot pousse-café - een verhaal over een technologische omwenteling in de voedingswereld waaraan vandaag - vaak ver van de spotlights - al hard wordt gewerkt, en dat in de komende jaren en decennia echt op uw bord belandt.

Volg alle reportages, analyses en video's in deze reeks op tijd.be/hetbordvanmorgen.

We zijn op de afdeling micro- en systeembiologie van de Nederlandse Organisatie voor Toegepast-Natuurwetenschappelijk Onderzoek (TNO) in Zeist. Onder meer door de individuele bloedwaarden en de hoogstpersoonlijke manier waarop we voedsel verteren in kaart te brengen plaveien wetenschappers als Boorsma het pad voor voedingsadvies dat perfect is afgestemd op ons lichaam. In tijden waarin we om de oren worden geslagen met tegenstrijdige dieethypes is dat niets minder dan een revolutie.

‘Ik zie al meteen dat je slechte cholesterol te hoog is’, leest Boorsma af van zijn toestel. ‘Bij mij is dat ook, hoor. Er is gelukkig al veel onderzoek gedaan naar welke voeding daaraan kan verhelpen. Onder meer walnoten en olijfolie kunnen een positief effect hebben.’

Boorsma haalde dezelfde cholesterolmeter al in huis. ‘Online gekocht voor 100 euro. Ik monitor nu mijn cholesterol wanneer ik wil. Er bestaan ook al sensoren die je op je bovenarm plakt en die non-stop, dus ook ’s nachts, je bloedsuikerspiegel meten. Er komen ook steeds meer draagbare toestelletjes die je beweeg- en slaappatroon meten. Voor een systeembioloog, die naar veel parameters kijkt, is die explosie aan biologische gegevens via zelfmeting bijzonder goed nieuws.’

Lunchtijd. Op advies van Boorsma ga ik in de TNO-kantine voor het stevigste menu: een Indiase rundkroket, kerriesoep met een krentenbol en een stroopwafel. ‘Dan zien we straks bijna zeker een piek in je bloedsuikerspiegel’, zegt hij.

De tweede bloedprik geeft Boorsma gelijk. ‘Ik ben er bijna zeker van dat je stroopwafel de oorzaak is. Maar het boeiende is dat de bloedsuikerspiegel niet bij iedereen piekt na het eten van zo’n koek, leerden we uit ons onderzoek. De tests geven aan dat iedereen anders reageert op voeding.’

©Mediafin

Boorsma zet ook een disclaimer bij mijn bloedresultaten. ‘Je ziet dat je cholesterolwaarden niet erg verschillen tegenover voor de lunch. Om goed te zijn zouden we eigenlijk pas over een paar uur moeten meten. Bovendien deden we de testjes niet in een gecontroleerde omgeving. Maar ze geven een goede indicatie van wat kan.’

Hippe zwarte doos

Op een veel nauwkeurigere en grotere schaal ontwikkelden Boorsma en zijn collega’s een testkit voor de Amerikaanse voedingsstart-up Habit. Boorsma toont een hippe zwarte doos. ‘Voor 299 dollar krijg je de kit opgestuurd, voorlopig alleen in de Verenigde Staten. De test duurt tweeënhalf uur. Eerst moet je tien tot twaalf uur vasten. Dan neem je ’s ochtends drie DNA-stalen via je wangslijm. Op je nuchtere maag prik je een eerste keer in je vinger, het bloed vang je op in een filtreerpapiertje.’

Welk dieet past het best bij u? Test het met een kit.

Boorsma grist een plastic flesje van tafel. ‘Vervolgens drink je deze ‘challenge shake’, bomvol eiwitten, vetten en koolhydraten en vergelijkbaar met een stevig Amerikaans ontbijt. Voor je lichaam voelt dat als een oplawaai. Om te zien hoe snel je die shake afbreekt, moet je nadien nog twee keer je bloed prikken, na een halfuur en na twee uur.’

Terwijl TNO de test verfijnt, kan Habit al meer dan zestig indicatoren, zogenaamde biomarkers, bekijken. Dat gaat van hoe je lichaam koolhydraten en vetten behandelt, over je nood aan eiwitten tot je genetische gevoeligheid voor onder meer cafeïne, lactose of een hoge bloeddruk. Na een labanalyse krijg je een maand later gepersonaliseerd voedingsadvies op een online dashboard, op basis van een algoritme dat TNO ontwikkelde. De gepersonaliseerde aanbevelingen gaan niet alleen over de macronutriënten (koolhydraten, vetten, eiwitten) maar ook over de micronutriënten (vitamines, omega-3-vetzuren).

Als gehaaide marketeer overgoot Habit-baas Neil Grimmer zijn dienst slim met een dikke socialemediasaus. ‘Omdat we geloven dat voeding een erg sociaal gebeuren is, clusteren we klanten in zeven dieettypes. Dat gaat van de ‘protein seeker’, die best veel eiwitten en minder vetten en koolhydraten zou eten, tot de ‘plant seeker’, die vooral plantaardige voeding zou moeten eten. We werken met groepen omdat mensen er dan op Facebook over kunnen praten.’

Genen en gedrag

Zoals altijd in de voedingssector wekte Habit snel de interesse van de gevestigde waarden, die constant naar beloftevolle nieuwkomers speuren om zeker geen trend te missen. Het Amerikaanse Campbell Soup investeerde al 32 miljoen dollar in de start-up. De CEO van Campbell, Denise Morrison, zei eerder al onder de indruk te zijn van het idee van gepersonaliseerde voeding. ‘Diëten waren one-size-fits all. Nu kan de wetenschap ons ertoe brengen een gepersonaliseerd eetsysteem aan te bevelen.’

Nochtans was een bedrijf als Habit vijf jaar geleden nog ondenkbaar, stelt Suzan Wopereis, die zich bij TNO specialiseert in de link tussen DNA-onderzoek en voeding en in de wetenschappelijke adviesraad van Habit zit. ‘Maar dankzij de vooruitgang in zelfmeettechnologie, IT en data-analyse kan zo’n start-up vandaag wel.’

Wopereis looft de ‘unieke’ aanpak van Habit. ‘Je hebt geneticabedrijfjes die zuiver op basis van je genotype - wat erfelijk vastligt - voedingsadvies op maat geven. Maar de wetenschap daarachter is twijfelachtig. Het blijft een samenspel tussen genen en gedrag: hoeveel je beweegt, wat je eet, je stressniveau, enzovoort. Habit kijkt ook naar je fenotype, de waarneembare kenmerken van een individu zoals cholesterol, gewicht en bloeddruk. Je fenotype wordt bepaald door de invloed van je gedrag op je genetische aanleg.’

Afhankelijk van je fenotype kijkt Habit naar genetische varianten - door veranderingen in de volgorde van je DNA - waarvan bekend is dat je daar met voeding op kan inwerken. Wopereis vertelt over haar vader, die net als zij een genetische variant heeft die gelinkt wordt aan een hoge bloeddruk. ‘Bekend is dat vitamine B2 effectiever de bloeddruk verlaagt dan medicatie. Voor mijn vader zou B2-rijke voeding dus nuttig kunnen zijn.’

De CEO van Habit, Neil Grimmer, is ervan overtuigd dat de klassieke dieetindustrie heeft afgedaan. ‘In de toekomst zal software bepalen wat we zullen eten. Wij kunnen klanten al dagelijks data van hun fitbit en andere draagbare technologie laten integreren in ons platform, zodat hun voedingsadvies constant evolueert.’

Critici wijzen erop dat de doeltreffendheid van de Habit-aanpak nog niet wetenschappelijk is bevestigd. ‘We verwachten de resultaten van een eerste klinische studie in de herfst’, zegt Grimmer. ‘Onze testmethodologie is alvast klinisch gevalideerd.’

Heilige graal

De Silicon Valley-start-up Habit is lang niet de enige speler in de ontluikende markt van de gepersonaliseerde voeding.

‘Alle wetenschappelijke kennis over voeding via algoritmes aan je biologische data koppelen en op basis daarvan je voeding meer op maat krijgen. Dát is de heilige graal van de voedingswetenschappen,’ zegt Liesbeth Luijendijk, projectmanager smart customised nutrition and health van de gerenommeerde Nederlandse landbouw- en voedingsuniversiteit Wageningen University & Research (WUR).

Eind november 2016 lanceerde WUR samen met TNO het publiek-private consortium Personalized Nutrition and Health. Daarin delen Nederlandse en buitenlandse bedrijven hun kennis in de hoop om later, elk in hun domein, een graantje van de markt mee te pikken. Bedrijven investeren niet alleen met eigen middelen in het consortium, maar ook met data en onderzoekers, van systeembiologen en IT-specialisten tot gedragswetenschappers. Dankzij subsidies van de Nederlandse overheid beschikt het consortium jaarlijks over zo’n 3 miljoen euro.

Het telt niet alleen gevestigde voedingsbedrijven, waaronder de melkproducent FrieslandCampina, maar evenzeer het elektronicaconcern Philips en de supermarktketen Jumbo. Eind vorige maand kwam daar de Duitse chemiereus BASF bij. De multinational is vooral bekend als producent van chemische grondstoffen en halffabricaten voor bedrijven. Maar via zijn voedingsdivisie, die vitamines en omega 3-vetzuren produceert voor voedingsmultinationals en dieetsupplementen voor apothekers, wil hij nu ook rechtstreeks de consument bereiken.

Hoe meer mensen hun biologische data vrijgeven, hoe preciezer ons voedingsadvies kan zijn.
Felix Limbert
Voedingsstrateeg bij BASF

‘In onze voedingstak beschouwen wij gepersonaliseerde voeding als hét innovatiethema’, zegt Felix Limbert, die bij BASF op strategisch niveau nadenkt over eten. ‘Voor ons is het als klassiek B2B-bedrijf heel interessant om in zo’n consortium te zitten, omdat we nu ook consumenten willen aanspreken. Wij denken aan een eigen digitaal platform waarop we mensen adviseren welke voedingsingrediënten het best bij hen passen. Hoe meer mensen hun biologische data vrijgeven, hoe preciezer dat advies kan zijn.’

Gepersonaliseerde voeding zou kunnen worden ingezet als medicijn, oppert TNO-onderzoekster Suzan Wopereis. ‘Er is al veel wetenschappelijk bewijs dat verandering van levensstijl meerdere welvaartsziekten kan genezen. Bij TNO doen we veel onderzoek naar de link tussen voeding en diabetes type-2. Het is aangetoond dat je na acht tot twaalf weken weer gezond kan zijn als je het aantal calorieën sterk reduceert, al geldt dat niet voor elke diabeet. Tegelijk weten we al dat de ene meer gebaat is bij een mediterraans dieet en de andere bij een laagvetdieet.’

Tegelijk kan gepersonaliseerd voedingsadvies ook gezonde mensen helpen om hun doelen haalbaarder te maken, aldus Wopereis. ‘Iedereen weet ongeveer al welk eten gezond is. Maar weinigen handelen ernaar, omdat gedragsverandering moeilijk is. Met voedingsadvies op maat kan werken aan je gezondheid concreter en dus makkelijker maken, vaak zonder dat je op smaak hoeft in te boeten.’

Winkeladvies

Gepersonaliseerde voeding zou ook kunnen worden ingezet als medicijn.
Suzan Wopereis
Onderzoekster

Supermarkten haken al handig in op die trend. Behalve de Nederlandse supermarktketen Jumbo maakt ook Colruyt Group deel uit van het TNO-WUR-consortium. Via zijn dochter SmartWithFood ontwikkelde Colruyt een app voor gepersonaliseerd winkeladvies. ‘We zijn daar tweeënhalf jaar geleden mee begonnen. Met een multidisciplinair team van diëtisten, voedingswetenschappers, it- en data-specialisten, om de digitale brug te bouwen tussen jou en de voeding’, zegt businessmanager Ignace de Nollin.

Met zijn gratis app mikt Colruyt op drie groepen. ‘Mensen die een dieet moeten volgen, vanwege allergieën bijvoorbeeld. Mensen die een vegetarisch of veganistisch dieet willen volgen. En mensen die pakweg minder suiker willen eten. De komende maanden willen we het ook mogelijk maken dat klanten allergenen kunnen ingeven in de app.’

Colruyt wil klanten vooral vlotter naar de juiste producten leiden. ‘Verpakkingen geven beperkte informatie en zijn niet gepersonaliseerd. Vandaag moet je de ingrediënten, vaak in kleine lettertjes, aflezen van de producten. Bovendien moet je ze kunnen begrijpen. Als je nu met je smartphone naar de winkel gaat, scan je de barcode van een product. Zo kan je zien of dat product overeenstemt met je digitale profiel. We stellen klanten ook alternatieven voor als er geen match is met het gescande product.’

‘In de toekomst zien we de app ook door specialisten aanbevolen diëten ondersteunen. Wij zullen als retailer nooit dat advies geven. Onze rol is de klant transparantie te geven.’

Vitaminegelatine

De ontwikkelingen in gepersonaliseerde voeding blijven niet beperkt tot advies. Ook in de productie van maaltijden op maat worden stappen gezet. Habit leverde een tijd gepersonaliseerde, vers bereide maaltijden aan huis in Silicon Valley. Grimmer: ‘De dienst was erg succesvol. Nu is hij even onderbroken omdat we eerst onze productie willen opschalen om hem nationaal uit te rollen.’

In een voedingsindustrie die bij massaproductie zweert, is het ook al mogelijk via segmentering voeding voor niches klaar te maken. Dat bewijst het Nederlandse Fortified, een afsplitsing van de chemiereus DSM. Via zijn sprenkeltechnologie voegt het in een laag gelatine vitamine D en calcium toe aan maaltijden.

CEO Diederik Bruins legt graag uit hoe het werkt. ‘Op een bord met een klassiek gerecht printen we een laagje van 25 gram vloeistof, of zo’n duizend druppels. Daarin zitten vitamine D en calcium. Iemand die dat drie tot vier keer per week eet, krijgt meer energie en heeft minder klachten. Dat is nuttig voor bejaarden, die vaak te weinig zonlicht zien. Wat evengoed voor drukbezette veertigers geldt.’

Een van Fortifieds klanten is de grootste maaltijdmaker voor de Nederlandse zorgsector. ‘Maar we hebben ook contacten met Albert Heijn, Jumbo, Colruyt, Spar en Delhaize. Voorlopig verkopen we nog niet in België. Traiteurs en supermarkten kopen een printer bij ons en kunnen daarmee zelf op een lopende band hun maaltijden besprenkelen.’

Bruins gelooft dat Fortified nog andere supplementen kan toevoegen aan zijn gelatines. ‘Onze producten zijn nu al goed tegen botontkalking en andere gewrichtskwalen, maar we zullen nog meer kunnen personaliseren. Onze doelgroepen zijn 65-plussers, sporters en drukbezette profesionals. Later is het misschien mogelijk medicijnen toe te voegen aan de gelatines, waardoor mensen geen pillenbak meer nodig hebben. Wettelijk mag dat nog niet, maar dat kan veranderen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect