‘Alleen met een paar Cézannes'

Renoir en Monet in het Summerset House. ©Mike Peel

Acht mensen met een grote affiniteit met kunst vertellen deze zomer over hun favoriete museum. Het kunstenaarskoppel Nel Aerts en Vaast Colson kan niet in Londen komen zonder in de Courtauld Gallery langs te gaan.

Het huis van Nel Aerts en Vaast Colson in Antwerpen hangt vol kunst, van in de trappenhal tot in de living. Werk van henzelf en van een rist andere kunstenaars. ‘Het is prettig met kunstwerken aan de slag te gaan. Wat hang je waar? Welke hang je samen? Wanneer verander je?’, zegt het kunstenaarskoppel.

Het favoriete museum

Acht mensen met een grote affiniteit met kunst vertellen deze zomer over hun favoriete museum.

Vandaag: Nel Aerts en Vaast Colson.

Volgende week: Musée Rodin in Meudon, het favoriete museum van de beeldhouwster Sofie Muller.

Het echtpaar Samuel Courtauld en Lil Kelsey moet vast dezelfde besognes hebben gehad. In hun Home House aan de Portman Square in Londen hadden ze in de jaren twintig veel indrukwekkends aan de muur hangen. Hier een Cézanne, daar een Manet, wat verder een Gauguin en een Van Gogh. En niet zomaar wat voorzichtige probeersels, maar stuk voor stuk topwerken.

Tegenwoordig is de collectie van de Britse textielindustrieel te bewonderen in de Courtauld Gallery, die deel uitmaakt van het Courtauld Institute in het imposante Summerset House in Londen. Maar voor u zich naar Londen rept: de Gallery is nog tot 2021 gesloten voor een ingrijpende renovatie.

Binnenkopper

De Courtauld Gallery is het favoriete museum van Aerts en Colson. ‘Toen je het ons vroeg, waren we net in Londen. Het was een binnenkopper.’ De collectie gaat terug tot de middeleeuwen, maar voor het echtpaar tellen vooral de modernen, zoals de schilders uit de tweede helft van de 19de eeuw en begin 20ste eeuw worden genoemd.

‘In Londen denk je meteen aan Tate of aan The National Gallery. Top, natuurlijk. Die musea bezoeken we ook vaak. Maar de Courtauld Gallery is echt nog een verborgen plekje. Ik heb ze de eerste keer bezocht toen ik aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Antwerpen studeerde. Daarna kwam ik er vaak als docent aan dezelfde instelling. Studenten moeten er verplicht naartoe’, zegt Colson.

Nel Aerts (32) werd geboren in Turnhout en groeide op in Wortel. Ze studeerde mediakunst aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunst (KASK) in Gent. Haar werk bestaat uit films, collages, sculpturen, textielkunst, muurschilderingen, tekeningen en schilderijen. Ze exposeert in binnen- en buitenland.

Vaast Colson (42) is afkomstig van Kapellen en groeide op in Sydney en Merkplas. Hij studeerde schilderkunst aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen, waar hij nu doceert. In zijn installaties en acties onderzoekt hij de rol van kunst in de samenleving. Op dit moment stelt hij tentoon bij PLUS-ONE Gallery in Antwerpen. Hij is sinds 2013 getrouwd met Nel Aerts.

Hun favoriete museum is de Courtauld Gallery in Londen. Sa muel Courtauld (1876-1947) behoorde tot een geslacht dat in het Verenigd Koninkrijk in de 19de en 20ste eeuw een imperium van textielbedrijven uitbouwde. Hij was een groot kunstliefhebber. Tussen 1922 en 1929 bouwde hij een imposante kunstverzameling uit, van de middeleeuwen tot de 20ste eeuw. In 1931 bracht hij ze onder in het Courtauld Institute, een onderzoekscentrum voor kunst. De Courtauld Gallery, waar de verzameling wordt getoond, is momenteel gesloten voor renovatie.

Meer moois in de buurt

Simpson’s in the Strand. ‘Na ons jongste bezoek zijn we gaan eten in Simpson’s in the Strand, in de Savoy Building. Bij de oprichting in 1832 was het een rookruimte en een koffiehuis, maar het groeide uit tot een schaakclub en restaurant.Het is beroemd voor zijn ‘sunday roast’. De eigenaar, meneer Simpson, reed op zondag met een karretje geroosterd vlees langs de schaaktafels.’

Black Friars Pub. ‘Een pub vlakbij Tate Modern. Het gebouw doet denken aan de Flat Iron Building in New York.’

The City. ‘Wandelen in The City en genieten van de architectuur.Je voelt je dan tegen de stroom ingaan. De meeste mensen zijn er in werkmodus en lopen gestrest rond. Die zien de schoonheid van de gebouwen niet. Ik zie niets anders. Dat contrast spreekt me aan’, zegt Vaast Colson.

Aerts’ eerste bezoek dateert van vijf of zes jaar geleden, toen Luc Tuymans in Londen in de galerie van David Zwirner exposeerde. ‘Niet alleen de collectie spreekt aan, het is er ook gewoon erg rustig. Soms zit je alleen in een kamer met een paar Cézannes. Toen ik de eerste keer ‘De kaartspelers’ van Paul Cézanne zag, dacht ik: ‘Oh, wow. En hoe klein.’’

‘Kunst moet je bekijken en herbekijken. Je bent er nooit klaar mee’, zegt Vaast. ‘Het Courtauld Institute brengt als wetenschappelijke instelling weleens nieuwe zaken over een werk of een kunstenaar aan het licht. Met die nieuwe informatie ga je weer anders kijken. Dat doe je alleen als er passie is voor kunst. Ik kan gewoon wat rondsloffen bij Courtauld, maar dat brengt me niets. Je moet alert zijn voor wat je ziet. Je moet toelaten dat je elementen van een werk niet begrijpt. Net in die ruimte van het niet-weten ontstaan interessante ideeën.’

Geen nostalgie

Aerts en Colson zijn hedendaagse kunstenaars. Zij is in haar schilderwerk figuratiever ingesteld dan haar echtgenoot, die in zijn installaties en acties de rol en de betekenis van kunst in de maatschappij onderzoekt. Het verrast een beetje dat ze zo’n liefde koesteren voor kunstenaars uit de 19de en begin 20ste eeuw.

‘Ik heb niet het gevoel dat die schilderkunst zo ver weg zit’, zegt Aerts. ‘Voor mij is ze relevant en hedendaags. De modernen vormen op een bepaalde manier de basis waarvan je nu als schilder vertrekt.’ Vaast knikt. ‘De aantrekkingskracht schuilt niet in nostalgie. Courbet, Manet, Cézanne en Corot namen risico’s om de kunst te doen opschuiven. Ze jaagden het moderne aan. Hun waarneming en de registratie van wat ze zagen, waren vernieuwend. Zo zijn ze uitgegroeid tot een deel van de canon. Maar dat kan veranderen, hè. Studenten van 18 vinden Egon Schiele of Salvador Dali misschien een pak interessanter dan Cézanne of Gauguin.’

'De kaartspelers' van Paul Cézanne. ©Courtauld Institute of Art

Zijn die kunstenaars ook grote inspiratiebronnen? ‘Niet rechtstreeks. Ik heb mediakunst gestudeerd, geen schilderkunst. Ik heb wel een gevoeligheid voor de modernen ontwikkeld. Maar het is niet zo dat ik na een bezoek denk: ik ga nu eens zoals Matisse rood en wit schilderen’, zegt Aerts. En toch. Vaast: ‘Weet je nog, Nel, dat je een trui had ontworpen met oranje en groen? Diezelfde dag was ik met mijn moeder ook stoffen gaan kopen: oranje en groen. Dat kwam misschien toch een beetje door de fauvisten van de Courtauld Collectie.’

Advertentie
Advertentie