Antigoon

©BELGA

Zou er nog één Antwerpenaar voor Kris Peeters stemmen? Die moet toch uit de stadsscholen komen? Zijn banden met het drugsmilieu zijn nu ook door het gerecht bevestigd, hoe hij de zot houdt met de bestolen Arco-coöperanten tart elk fatsoen, en hij heeft meermaals openlijk toegegeven dat hij zijn zitje in de gemeenteraad niet zal opnemen. Wie stemt op zo iemand?

Dat hij wel degelijk in ’t Stad woont, krijg je ook aan de domste niet meer verkocht. Gazet van Antwerpen bracht een reportage over de fusiegemeente Puurs-Sint-Amands, sinds Lodewijk de Vrome bestuurd door katholieken. Stukje uit voorlezen?

‘Kris Peeters stort zich op Antwerpen, al hebben zijn voormalige buren in Ruisbroek niet het gevoel dat ze hem helemaal kwijt zijn. ‘Dat hij definitief verhuisd is, zou ik niet zeggen. De woning is niet verhuurd of verkocht. Zijn vrouw Ann zien we hier vaak, Kris tijdens de weekends. Kijk, ze hebben net het oud papier en het restafval buitengezet’, wijst een buurman ietwat indiscreet.’

Nog meer bewijs is overbodig, toch? ‘‘Kris is ne goeie gast, een buurman aan wie je iets kunt vragen, zolang je maar niet over politiek begint’, lacht een andere buur. ‘Ik begrijp dat ze hun huis hier niet verkopen. Ze zijn beiden in Ruisbroek opgegroeid en hun huis staat op de grond van Kris zijn ouders. Zou jij dat zomaar achterlaten? Als het dan tegenvalt in Antwerpen…’’

Minder positief zijn ze in de Goedehoopstraat, waar ze naast massa’s toeristen en columnisten een tijdje geleden ook het interventie-eskadron van de politie het inmiddels beruchte flatgebouw zagen binnendringen. Om middernacht! Buren hadden in het appartement op de tweede verdieping gestommel gehoord, en dat was zo abnormaal dat ze de alarmcentrale hadden verwittigd. Waarna ‘de bottinekes’, eufemistisch soms ‘Bijzonder Bijstandsteam’ genoemd, in kogelvrije vesten en tot de tanden gewapend de deur open beukten en plots oog in oog stonden met een lijp gespoten kraker die beweerde dat hij de laajsttrekker van de CD&V Antwaarepe was. ‘En ik woon hier echt’, voegde hij er ongevraagd aan toe.

Toen de agenten geen van die twee mededelingen schenen te geloven, veranderde hij zijn versie en verkondigde hij dat hij de vicepremier was. Daarna was hij zogezegd de minister van Economie. Vervolgens van Werk. Dan van Consumentenzaken. Uiteindelijk van Buitenlandse Handel. ‘Ge vergeet de paus’, snauwde een van de agenten met de typisch Antwerpse politiehumor, maar toen beet de arrestant terug dat hij leerde voor rabbijn. Toen hij ook volhield dat hij de nieuwe burgemeester was en hen zou weten te vinden, sprongen drie bottinekes in zijn nek en belde de commandant de echte burgemeester uit zijn bed. ‘Meneer, we hebben een kopstuk van de Joodse drugsmaffia te pakken, een eerste succes voor uw nieuw Stroomplan. Er hangt hier trouwens een rare stank, het lijkt op crack, maar het moet iets nieuws zijn: iets tussen wiet, vis en gebakken beuling in. Meneer, die vent is buiten zinnen, wat moeten we doen: hem afzetten bij de Alexianen in Boechout, of hem in onze cel onder de Oudaan tot inkeer brengen?’

De burgemeester opteerde voor het laatste.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content