Boekenbeurs

De vlijmscherpe column van Koen Meulenaere

Slecht nieuws voor literatuurliefhebbers: Rik Torfs heeft een roman geschreven. ‘Het grote gelijk’, heet het ding, en godzijdank zitten er volgens de auteur geen autobiografische elementen in. Het gaat over een universiteitsprofessor die zijn geluk in de politiek beproeft en een jongere assistente in zijn val probeert te lokken. Later wordt hij rector en wordt hij door de krant waarin hij al jaren columns schrijft aan de schandpaal genageld.

Nu zijn er in Vlaanderen veel te veel boeken in omloop. ‘Elke dag 43 nieuwe titels’, vertelde ons laatst een uitgever die het kon weten. En dat was niet bij wijze van overdrijving, hij bedoelde wel degelijk 43 boeken per dag. Geen vijf per jaar zijn het papier waard waarop ze zijn gedrukt. Scharen we ons achter de raad van filosoof Johan Braeckman die in Humo liet optekenen: ‘Ik zou nooit zeggen: ‘Lees meer boeken.’ Want de meeste boeken trekken op niks.’ Hierna gaf hij samen met Dirk Verhofstadt een boek uit. Zogezegd ter nagedachtenis van Etienne Vermeersch, en ten bewijze van zijn eigen stelling.

Al die meesterwerken beginnen steevast met een twintigtal witte pagina’s. Eerst een leeg dubbel schutblad, al moet er doorgaans meer geschud dan geschut worden. Dan een dubbele witte pagina met alleen de titel van het boek, die je al kent van op de kaft. Vervolgens twee bladzijden met inlichtingen over de datum van de eerste en in een uitzonderlijk geval de tweede druk, en over wie zo dwaas is geweest hem uit te geven. We zijn dan al zes desolate kantjes ver en zo de auteur eerder al iets gepubliceerd heeft, staan die één of twee andere mislukkingen eenzaam op pagina’s 7 en 8. Dan komt het merkwaardigste, wat in geen enkel boek blijkbaar mag ontbreken: weer twee bladzijden worden opgeofferd aan één kort citaat van een betere schrijver. Waarom dat er staat, snapt niemand. Tijd dan voor een wel zeer gênant moment: de volgende twee blanco pagina’s met daarop één zinnetje dedicatie, veelal aan partner of kinderen. Zijn we er eindelijk? Nee, nog niet: nu een korte ‘Ten geleide’, of een altijd slecht getekend plannetje van waar de roman zich afspeelt. Kortom: we zijn op bladzijde 27 voor het eerste hoofdstuk begint en dan hebben we meteen ook het beste van het boek achter ons.

In een veel te lang interview met De Morgen, ook nog ontsierd door een veel te grote foto van de auteur, komt Rik Torfs nog eens terug op de manier waarop De Standaard hem als een crimineel heeft afgeschilderd in de zaak Stefaan Van Gool, de professor oncologie van de KU Leuven wiens onderzoeksmethoden niet helemaal conform de regels zouden zijn geweest. Volgens De Standaard zou hun eigen columnist, toen rector, het ontslag van de professor hebben stilgehouden om de subsidies en giften die hij had binnengerijfd niet te verliezen. Plots vond Torfs de redactionele ethiek van de krant niet meer te rijmen met de zijne, en trok voor een veelvoud van zijn gage naar Het Laatste Nieuws.

Torfs in De Morgen, listig: ‘Ik vind nog altijd dat De Standaard toen in de fout is gegaan en zij vinden nog steeds van niet. Het kan gewoon niet dat er een positieve reactie over mijn boek in De Standaard zou verschijnen.’ Als ze Rik op de Boekenbeurs maar niet naast Griet Op de Beeck zetten. Of zijn roman wordt plots toch nog autobiografisch.

Lees Kaaiman ook elke dag op www.tijd.be/kaaiman

Lees verder