Broeder Jacob

De vlijmscherpe column van Koen Meulenaere

Klokkenluider is een fijn beroep, toch als de functieomschrijving erin bestaat dat men hoog in de toren van kerk of belfort aan stevige koorden heen en weer zwiert, teneinde boven zijn hoofd enkele bronzen gietsels van zeven ton per stuk op min of meer harmonieuze wijze eerst bim, vervolgens bam en tot slot bom over een slaperige stad te laten beieren. Ook de lelijkste van deze categorie klokkenluiders slaagt er nog in het mooiste meisje te vertederen, de laatste halte voor het alkoof.

Klokkenluider is evenwel allerminst een fijn beroep als het inhoudt dat men geheimgehouden schandalen van een grote organisatie of een groot bedrijf aan het licht brengt. Met wie die drang niet kan bedwingen loopt het altijd slecht af. Zelfs de mooiste van deze tweede categorie klokkenluiders slaagt er niet in het lelijkste meisje te vertederen. Ja, Julian Assange, maar dat was met geweld, en zonder haar instemming.

Assange, de naam is gevallen. Het is niet goed met hem gegaan. Edward Snowden. Bradley Manning. Chelsea Manning. Dejan Velkovic. Christopher Wylie. Rui Pinto. Sigrid Spruyt. Je wil toch niet in hun plaats zijn? Wie van de belegen ‘jaggers’ onder u herinnert zich niet Paul van Buitenen of ingenieur Demaegt? Daniel Ellsberg? Philip Agee? Namen als de klokken die ze geluid hebben. Robert Druyts en Willy Vermeulen van het Hoog Comité van Toezicht, waar zijn die dagen? Robert en Willy hadden met onder anderen Geert Van Istendael en Jaap Kruithof STEM opgericht, Samen Tegen Elke Misstand, een vzw die sneller uit elkaar viel dan ze was opgericht.

Welnu, eenzaam teren ze allen weg in gevangenissen en kloosters, of in even schimmige als schimmelige schuiladresjes, waar troosteloosheid de overheersende odeur uitmaakt. Terwijl buiten, in de gezonde lucht, alle fraudeurs die ze terecht hebben aangeklaagd ongemoeid hun luxueuze leventje verderzetten. De media die hen eerst groot hebben gemaakt, en in wie ze in al hun naïviteit een bondgenoot zagen, zwijgen hen al vlug in alle talen dood. Een collectieve zucht van ergernis waait door de redacties als ze weer eens aan de lijn hangen met hun gezaag. De paar keren dat ze toch nog worden opgevoerd, is het in het katern over geestelijke gezondheidszorg.

De mensen houden niet van klokkenluiders. In het begin wel, sommigen bewonderen de moed van wie wantoestanden aan het licht durft te brengen. Maar al snel gaat dat vervelen en kiezen ze liever voor de stroper dan voor de boswachter. Want tussen ‘klokkenluider’ en ‘klikkenluider’ bungelt slechts een flinterdun touwtje waaraan u hoogstens een keukenbelletje kunt ophangen, geen Klokke Roeland. Wie door een klokkenluider wordt aangeklaagd, heeft er alle belang bij te doen alsof hij het niet heeft gehoord. Dat is met de meeste carillons letterlijk nogal moeilijk, maar figuurlijk is het de meest aangewezen houding. Drie dagen slechte publiciteit, en dan keert iedereen zich tegen de boodschapper en belandt de boodschap in de vuilnisemmer der vergetelheid.

Dus één goede raad voor wie graag in peis en vree leeft: houd u verre van ’t klokkenspel.

Lees verder