Heel- en halal

De vlijmscherpe column van Koen Meulenaere

Vele lezers schrijven ons dat ze het niet meer weten. Een normaal denkend mens is geneigd zich uit te spreken tegen het onverdoofd slachten van dieren, maar het is lastig dat vol te houden indien Ben Weyts hetzelfde zegt.

Kaaiman past in zo’n geval altijd dezelfde methode toe: hij wacht op de opiniebijdrage van Etienne Vermeersch. Die weet alles over het heelal, en ipso facto over het halal. Wat vroeger radiomaker Gunther Desamblanx tot een rode draad in zijn programma verleidde. Belde Vermeersch elke week op en vroeg dan: ‘Etienne?’

‘Ja.’

‘Waar staan de files?’

‘Hoezo, waar staan de files?’

‘Ja, het is Studio Brussel hier. Onze verkeerscomputer is kapot en ik moet de luisteraars vertellen waar de files staan.’

‘En hoe zou ik dat weten?’

‘U weet toch alles. Wel: waar staan de files?’

De volgende week belde hij opnieuw: ‘Etienne? Wat voor weer wordt het morgen in Limburg?’

Over halal of koosjer of à la flamande slachten was het twee dagen wachten en toen stond hij op de opiniepagina van De Standaard. En begon in alle bescheidenheid zo: ‘Omdat er ook bij moslims veel onwetendheid bestaat inzake de islam is het nuttig eens en voorgoed het volgende te preciseren.’

Die ‘eens en voorgoed’ typeert de professor. Kaaiman is voor een andere publicatie tien jaar bij Vermeersch in Wetteren op bezoek geweest om zijn mening over alles op te tekenen. Om niet altijd te doen alsof wij het begrepen, riepen wij eens verbaasd uit: ‘Dat wist ik niet.’ Waarna Vermeersch: ‘Hoe, dat wist ge niet? Ik heb het toch geschreven in de Gids op Maatschappelijk Gebied van 23 oktober 1984.’ En hij meende dat: Wetteren locuta, causa finita.

Etienne Vermeersch is de enige in dit land die de Koran van buiten kent. En dus kan hij na die ‘eens en voorgoed’ met gezag verder gaan: ‘In de Koran vindt men in verband met het slachten van dieren voor voeding slechts de volgende voorschriften.’

Dan de volledige opsomming. Van soera 5 vers 3: ‘Verboden is voor jullie wat van zichzelf is doodgegaan, bloed, varkensvlees, vlees waarover iets anders dan God is aangeroepen, het verstikte, het doodgeslagene, en Bressekip met flan van eendenlever.’

Over soera 6 vers 145: ‘Zeg: ‘Ik vind in wat mij is geopenbaard niets wat voor een eter verboden is, behalve wat van zichzelf doodgegaan is of uitgestroomd bloed, varkensvlees – dat is een gruwel -, of iets schandelijks waarover iets anders dan Gods naam is uitgeroepen.’’

Tot uiteindelijk soera 16 vers 115: ‘Hij heeft voor jullie slechts verboden wat van zichzelf is doodgegaan, bloed, varkensvlees, en ribstuk dat op een Mibrasa houtskooloven is gegrild.’

Zo staan er in de Koran, volgens Vermeersch, welgeteld acht verzen over het doden van dieren voor voeding, en daarin staat niets over verdoofd of onverdoofd slachten. Zoek nu niet naar een negende vers, dat zult u niet vinden. Daarmee is de discussie inderdaad eens en voorgoed gesloten.

Tot slot wijst Vermeersch erop dat de Koran, net als de Sint-Hubertusvrienden, voorstander is van de jacht. De Koran preciseert dat een dier dat via een roofdier gejaagd werd, zoals door een valk, mag gegeten worden, mits de cuisson aan de voorschriften voldoet, ditmaal niet van de Pro-feet maar van de Boerinnenbond.

Lees verder