Het Van Eetvelt-effect

De vlijmscherpe column van Koen Meulenaere

Wie meende dat Club Brugge de leidende rol in het Belgische voetbal had overgenomen van Anderlecht, en wie beweerde dat de simpelste boerenbollenwinkel beter wordt bestuurd door Zatte Frans dan Anderlecht door Marc Coucke, moet zijn visie herzien.

Zeker, hoewel Kaaiman bij herhaling als dwingende raad had gegeven: ‘Koop twee topbacks en huur Christian Benteke’, heeft Coucke geen twee topbacks gekocht, was het Club Brugge dat achter Benteke aan ging, en deed Coucke in de plaats van een spits te kopen nog een van de twee krakkemikkige die hij had van de hand. Maar! Maar. Hij stelde wel een nieuwe CEO aan, plus een extern adviseur, en twee onafhankelijke bestuurders. Van wie er op zijn minst één toegaf dat hij ook niet wist waarom.

In Brugge kijken ze afgunstig en knarsetandend toe. Wat hadden zij te bieden deze week, behalve zowat alle prijzen op de Gouden Schoen? Een nieuw stadion, welwel. De snelheid waarmee Noplace Bart andere bouwplannen heeft gerealiseerd kennende, mag de inhuldiging verwacht worden in het seizoen ’52-’53. Als alles meezit.

Er zal sneller worden gespeeld in het nieuwe stadion van Cercle, waar ze hoogst verbaasd ver-namen dat ze op hun huidige locatie moeten opkrassen. Wordt parking voor Club. Het zal de diepgrondige haat van groen-zwart voor blauw-zwart niet doen afnemen.

Voetballeken onder u moeten weten dat ze zich bij Cercle, op straffe van boete, geen voetbalclub mogen noemen maar een voetbalvereniging. Een supporter van Cercle gaat nooit naar de derby Club-Cercle, omdat hij geen halve cent in de Club-clubkas wil steken. Evenmin hangt iets blauws in zijn kleerkast, en hij rijdt niet in een blauwe auto, zelfs niet als hij er geld voor krijgt. Het portret van Franciscus Xaverius, in wiens school de Vereniging ontstond, hangt in elke groen-zwarte living.

Er was vroeger een fanvereniging die elk jaar een groen diner hield: vooraf groene olijven en pistachenoten als amuse-gueules bij een groeneappelcocktail, dan kervelsoep, komkommerslaatje tussendoor, paling in ’t groen met spinazie als hoofdgerecht, als dessert een kiwitaart, en als drank groen bier. Dat was een pils die door een West-Vlaamse brouwerij speciaal werd gebrouwen voor de Ierse markt, waar ze er op Saint Patrick’s Day honderdduizenden hectoliters van achterover goten.

Wij hebben Cercle nog geweten in het Edgard De Smedtstadion, waarvan alleen de inkompoort op de Torhoutsesteenweg bewaard is. Voor menig Bruggeling is die triomfboog waardevoller erfgoed dan het Begijnhof of het Belfort. In die tempel speelden Cercle-iconen als Robert Braet, de boomlange keeper die de ballen met één hand uit de lucht plukte. Robert, later ook voorzitter, was de vader van Jan Braet, chef cultuur van Knack, die ooit een weddenschap tegen Kaaiman verloor omdat hij bleef ontkennen dat Cercle begin jaren negentig in de derby eens met 10-0 was afgedroogd. En toen wij hem de krantenpagina met het bewijs onder de neus duwden, streed hij het nog af. ‘Uit welke krant komt dat?’ ‘Uit De Standaard, Jan.’ ‘Maar man toch, en gij gelooft dat?’

Anno vandaag, wetende wat wij weten, twijfelen wij zelf aan die 10-0. Leve Cercle. En let op: Club staat voor een moeilijke avond in het Astridpark. Onderschat het Van Eetvelt-effect niet.

Lees verder