Joachim Stiller

N-VA-woordvoerder Joachim Pohlmann. ©rv

‘En?’ De lezers tegen Kaaiman. ‘Weet je het nu eindelijk, welke hoge N-VA’er heeft verklapt dat Tom Meeuws kapot moet omdat hij het hart en een vaas van Betteke heeft gebroken? Wie stond er vorige week in Knack?’

De hoofdredacteur van ’t Pallieterke, Karl Van Camp. Maar hij is geen N-VA’er, laat staan een hoge, en bovendien zou hij het wel in zijn eigen blad hebben gezet. Een andere lezer, schranderder dan Kaaiman: ‘Je moet niet kijken welke N-VA’er in Knack stond de week na het lek, maar welke erin stond de week vóór het lek.’

Snel in de bak met oud papier gedoken: Joachim Pohlmann! De partijwoordvoerder. Onlangs in ‘De afspraak’ verwikkeld in een surrealistische discussie met Paul Goossens, naar wie wij in onze eigen Knack-tijd een wisselbeker hebben genoemd. Voor de grootste hoer in de journalistiek. Helaas won Paul hem drie keer zelf en mocht hij hem houden. En een nieuwe kregen we er in Roeselare niet meer door. Bij de eerste hadden ze al bezwaren, naderhand beschouwd terecht. Goossens gaf vorige maand in Humo eindelijk toe dat ook zijn theatrale opstappen bij De Morgen, zogezegd vanwege Zwarte Zondag, pure nep was. Daarmee had hij zijn beker zeker opnieuw gewonnen.

Zijn ontluisterende optreden in ‘De afspraak’ had voor hem één positieve kant: hij is tijdens de uitzending niet gestorven, al zag het daar lange tijd wel naar uit. Wat een gerochel en gereutel, een gepiep en gehoest van miljoenen sigaretten, en dan spreken we alleen over de uitgeklokte klanken. Om in te zien dat Leuven Vlaams en Mei ’68 in elkaars verlengde lagen is hogere studie overbodig, maar hoe dichter het schrikbeeld van ‘Vijftig jaar Mei ’68’ en alle artikels erover naderbij komt of al heeft toegeslagen, des te meer gaan de betrokkenen, en de niet-betrokkenen, op de vuist. Na de Witte Mars had je dat ook. Het aantal domoren dat volgens slimmeren ‘niet begrepen had waarover de Witte Mars eigenlijk ging’, steeg de maanden erna naar Alpijnse hoogten. Zo hadden ook Pohlmann en Goossens het aan de stok. De eerste was niet geboren in ’68, de tweede had zijn paterspij en broederkap al over de haag gegooid, en was uitgegroeid van seminarist tot volksmenner. En stelt dat nu, zoals alle oude knarren, iets heldhaftiger voor dan het in werkelijkheid was.

Om zichzelf te typeren maakte Goossens in ‘De afspraak’ wel een perfecte selfie. Vroeg aan Margot Vanderstraeten, ook aan de tafel: ‘U hebt voor uw boek de holocaust bestudeerd, aan wat doet de slogan ‘Walen buiten’ u denken?’ Ja, dat was aan ‘Juden raus’ uiteraard. En toen Pohlmann excuses eiste voor die verwijzing naar de nazi’s, antwoordde Goossens: ‘Ik heb dat niet gezegd, zij heeft dat gezegd.’ Zo grof was zelfs de echte Judas niet.

Maar ernstig nu: kan Pohlmann aan Walter Pauli hebben verklapt dat zijn partij Tom Meeuws kapot wil vanwege het misbruik van Bettekes beddeke? Betteke zelf heeft gezegd dat de anonieme bron zich bij haar heeft gemeld, dus zij weet het. En dan weet onze leider het ook, zo dicht staan ze nog wel bij elkaar. Maar onze leider schreeuwde dat die aantijging onder alle niveau was, boulevardjournalistiek. Kan ze dan van zijn eigen woordvoerder komen, zonder dat die ontslagen is? Nee. Toch?

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content