Mahatma Back

De vlijmscherpe column van Koen Meulenaere

Niet iedereen weet het maar Leuven is verbroederd met New Delhi. Dat ligt in India.

De voorbije maand zijn er wederzijdse bezoeken geweest van beide stadsbesturen. Wat in de hotellobby in New Delhi tot een ongemakkelijke scène leidde toen plots Pa Back in zwembroek aan de receptie verscheen, met een handdoek over zijn schouder en in zijn hand een stuk zeep en een bus shampoo, en vroeg hoe ver het was naar de Ganges. ‘Honderdvijftig kilometer, sahib Back.’

Een boze Pa Back klom van lieverlee terug in zijn pak en ging als Pa Pack dan maar wat kuieren in de stad. Schopte links en rechts een koe die in zijn weg lag opzij, en kreeg het aan de stok met de kelners van een wijnbar toen bleek dat die Stella Artois niet kenden, en nog nooit van de familie de Spoelberch hadden gehoord. ‘Van het arboretum in Wespelaar!’, riep Pa Back ongelovig over zoveel onwetendheid. Maar dat maakte nog minder indruk en die kleine druktemaker werd met besliste hand aan de deur gezet.

Later die avond werd de Belgische delegatie uitgenodigd in een Thais restaurant, waar de Leuvense burgemeester opnieuw iedereen schoffeerde. Eerst door recht te staan en met zijn mes tegen een glas te tikken dat er steviger uit zag dan het was, zoals de meeste Indiase producten, denk aan de Tata Sumo Grande.

Toen het in een regen van glassplinters stil was geworden sprak Pa Back: ‘Mijnheer de Raden Adipati, regent van Banten-Kidoel. En gij, Radens demang die hoofden zijt der districten in deze afdeling. En gij, Raden djaksa die de justitie tot uw ambt hebt. En ook gij, Raden kliwon die gezag voert op de hoofdplaats. En gij Radens, mantri’s en allen die hoofden zijt in de afdeling Banten-Kidoel. Ik groet u allen zeer.’

Op dit punt van zijn rede werd Pa Back door een van de lokale prominenten aan de mouw getrokken en toegefluisterd dat er een vrij groot verschil is tussen India en Indonesië, maar daardoor liet de spreker zich allerminst van de wijs brengen. Hij ging zonder aarzelen verder met een bekende Vlaamse parabel over een jongen en een meisje die een buffel hadden gekocht. Dat beest werd hen afgenomen, waarom en door wie wist Pa Back niet meer, en hoe het met dat meisje was afgelopen evenmin, denkelijk niet goed. Maar de jongen had zich in elk geval van verdriet - om zijn buffel of om zijn meisje, ook dat liet Pa Back in het midden - op de bajonetten van de stadspolitie gestort. En toen kwam maarschalk Ferdinand Foch met zijn leger aangestormd, gevolgd door een mislukte kunstschilder en wijnbouwer die The Bird heette, en verloor Pa Back zoals gewoonlijk de draad van zijn verhaal.

De burgemeester van New Delhi zette dan maar snel een applaus in om zijn confrater te doen zwijgen, waarna een schotel Thaise kip met gele pepers, sappige taugé, quinoa, laoswortel, gember, knoflook, en een blubberige pindasaus met rode curry werd opgediend, en Pa Back door een zware aanval van dysenterie werd getroffen.

De dag nadien probeerden de gastheren hem het circulatieplan in New Delhi uit te leggen, en toen dat niet lukte namen ze hem mee op uitstap naar de Taj Mahal. Bij het tegenbezoek een week later trokken de Indiërs grote ogen voor de Imec-toren in Heverlee. Begrepen niet waarom die spie niet omviel. Ze zijn niet de enigen.

Lees verder