Notoir discreet

De vlijmscherpe column van Koen Meulenaere

In onze zaterdagkrant stond een prachtig interview met Harold Boël van Sofina, dat omschreven werd als ‘een notoir discrete holding’. Een die ons na aan het hart ligt omdat Sofina het eerste aandeel was dat wij in ons leven hebben gekocht, en het voorlaatste dat winst heeft opgeleverd. Om eerlijk te zijn dachten wij toen dat het ging om de oliemaatschappij. Met Solvac, de holding boven Solvay waar eveneens meerdere Boëls door de gangen sluipen, hebben wij ook goede zaken gedaan. Wat noopt tot het besluit dat er maar twee veilige vehikels zijn om geld te verdienen: holdings en buildings. En geflikte paardenraces.

In een kadertje bij het interview stond een kleine greep uit alle ondernemingen en producten waarbij Sofina betrokken is, en daarvan gaat het hoofd van een mens duizelen. De vraag is of ze op de hoofdzetel in de Nijverheidsstraat, eens te meer een voorbestemde naam, zelf nog weten waar ze overal opbrengsten mogen gaan ophalen. Encaisseur bij Sofina, dat zou nog een fijne uitgroeibaan voor Kaaiman zijn, dan is alweer een cirkel rond.

Sofina, lezen wij met plezier, was vorig jaar een topaandeel op de beurs en leverde een rendement van 28 procent op, terwijl de Bel20 liefst 18 procent naar beneden tuimelde. Wereldwijd presteerde de holding zelfs beter dan die van Warren Buffett, de Wallenbergs, de Agnelli’s en de Couckes. Toch zijn Boëls geen tafelspringers, integendeel. ‘Pour vivre heureux, vivons cachés’, is de slagzin van de voltallige familie. Op één nichtje na.

Inderdaad, het getuigt niet van notoire discretie om op de trappen van het justitiepaleis de nationale pers toe te schreeuwen dat je het product bent van de echtelijke ontrouw van het staatshoofd. Een echte Boël doet zoiets niet, wat de stelling van Delphine trouwens ondersteunt. Voor Albert II nadert de deadline: in mei moet hij weliswaar geen ei leggen, maar mogelijk wel een DNA-staal afleveren. De koning, gewoon om andere rechtsonderhorigen het goede voorbeeld te geven, heeft tot nu alle justitiële aanmaningen daartoe naast zich neergelegd of aangevochten, maar die uitstelmanoeuvres zijn afgeblokt door het Hof van Cassatie. Hij kan nu nog altijd weigeren, maar dan wordt hij ipso facto tot vader van Delphine uitgeroepen. En tot erflater.

Omdat iedereen er toch al van overtuigd is dat die verfkliederaar zijn dochter is, zal de koning denkelijk nooit op dat wattenstaafje spekelen. Juridisch is het resultaat hetzelfde en zo blijft tenminste enige twijfel bestaan. Prins Laurent heeft al aangeboden om zijn DNA te laten controleren, maar dat heeft zoals de meeste voorstellen van de prins niet veel zin. Als zijn DNA niet overeenkomt met dat van Delphine is enkel bewezen dat zij beiden niet van dezelfde vader zijn, maar wie van wie wel en wie van wie niet kan niet worden vastgesteld. Komt hun DNA wél overeen, zijn ze wel van dezelfde vader maar dan weten we nog niet zeker of dat koning Albert is, want in die hoge kringen marcheren de meesten niet schuins maar zigzag.

Waar wij op hopen, is dat de koning zijn staal wél afgeeft en dat blijkt dat hij níét de vader van Delphine is. Dan mag barones Sybille de Selys Longchamps Eric Goens nog eens op de koffie uitnodigen in de Provence. En deze keer niet meer liegen.

Lees verder