Groeilanden excelleren in eerste kwartaal, Oost-Europa onderuit

(tijd) - Negen van de tien best presterende aandelenmarkten in het eerste kwartaal waren groeilandbeurzen. Noorwegen haalt als enige industrieland de top tien. Onderaan bengelen beurzen uit vooral Centraal- en Oost-Europa. Hun slechte score is vooral te wijten aan de zware recessie in de regio en de ineenstorting van enkele nationale munten, zoals de Hongaarse forint.

(tijd) - De belangrijkste 80 beurzen in de wereld zetten over de eerste drie maanden van het jaar, omgerekend naar euro, erg uiteenlopende prestaties neer: van +37,9 procent voor China tot -38,3 procent voor IJsland. Voor elke beurs die steeg, waren er drie die daalden.

De goede prestatie van de groeilandbeurzen valt op. Zij domineren de top tien. Drie van de vier BRIC-landen, China (+37,9%), Rusland (+24,8%) en Brazilië (+14,5%) halen de top tien. Hun beurzen waren in de tweede helft van 2008 gekelderd in het zog van de inzinking van de olie- en grondstoffenprijzen (Rusland en Brazilië) en van de economische conjunctuur (China). Maar de beleggers zijn nog eens naar de fundamenten van de drie gaan kijken. Zij kwamen de afgelopen maanden blijkbaar tot de conclusie dat de afstraffing te fors was in het licht van het langetermijnpotentieel van het trio. Het vierde BRIC-land, India (+2,1%), haalde eveneens een positief rendement.

Chili (+20,4%) heeft zijn puike prestatie vooral te danken aan zijn peso, die tussen Nieuwjaar en eind maart met 15,4 procent steeg tegenover de euro. Ook de Peruaanse sol (+4,8%) won terrein.

Noorwegen

Slechts één industrielandbeurs haalt de top tien: Noorwegen (+11,3%). Die winst is voor driekwart te danken aan de kroon, die 8,8 procent won tegenover de euro. Na Noorwegen is het afdalen tot na de 20ste plaats om opnieuw een beurs uit een industrieland te vinden: Australië (-0,2%).

Centraal- en Oost-Europa domineren de top tien van slechtst presterende markten. De redenen liggen voor de hand. De recessie slaat ongemeen hard toe in de regio. Letland maakt zich op voor een economische krimp van 12 procent, Hongarije van 5 procent. Veel gezinnen, vooral in Roemenië, Hongarije en Polen, kunnen hun leningen aangegaan in euro en Zwitserse frank niet meer aflossen wegens de forse daling van de eigen munt, waarin hun loon wordt betaald. De val van de Hongaarse forint (-13,8%) en de Poolse zloty (-10,5%) verklaren mee waarom de beurzen van Boedapest en Warschau in euro zo slecht hebben gepresteerd. Veel landen uit de regio zitten finan- cieel in zulke nauwe schoentjes dat zij voor hulp aankloppen of hebben aangeklopt bij het Internationaal Monetair Fonds, de Wereldbank en de Europese Unie. Dat geldt onder meer voor Hongarije, Letland, Roemenië, Servië en Oekraïne.

Industrielanden

De beurzen van de industrielanden zitten tussen de sterk presterende groeilandbeurzen en de uitgespuwde Centraal- en Oost-Europese in. De aanhoudende afslachting van de bank- en verzekeringsaandelen, de snelle inzinking van de conjunctuur en de rist winstalarmen bij industriële ondernemingen drukten het vertrouwen van de beleggers. De erg indus- trieel getinte Duitse beurs (-15,1%) is een van de grote verliezers in Europa. Daimler (-28,5%), E.ON (-26,5%) en Siemens (-18,4%) gingen flink lager.

Met een krimp van 18,4 procent draagt Italië de rode lantaarn bij de industrielanden. De zware verliezen van indexzwaargewichten Assicurazioni Generali (verzekeraar, -33,8%), UniCredit (bank, -28,8%) en Intesa Sanpaolo (bank, -18,3%) zijn daar niet vreemd aan.

Met een verlies van 8,4 procent bengelt de Bel20-index in de onderste helft van de rangschikking. KBC (-43,2%), GDF Suez (-26,8%), Dexia (-18,8%) en Belgacom (-13,7%), die samen goed zijn voor een kwart van de index, lieten het afweten. De forse klim van AB InBev (+25,1%), Fortis (+48,9%), Colruyt (+13,5%) en Delhaize (+12,6%) was onvoldoende om die terugval te compenseren. Negen van de 20 indexleden brachten in het eerste kwartaal winst op.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud