reportage

‘Programmeren is leuk, want je steekt zelf iets in elkaar'

©Siska Vandecasteele

Het Gentse Sint-Bavo is een van de vele aso-scholen die met een technologische richting start. Het enthousiasme is groot, maar in het onderwijs staat niet iedereen te springen voor de hype.

Het Gentse Sint-Bavo straalt onderwijsgeschiedenis uit. In het 18de eeuwse gebouw stichtten de Zusters van Liefde in de jaren 30 de eerste Nederlandstalige humaniora voor meisjes in Gent. Decennialang ging de Gentse elite er naar school, ook Mieke Van Hecke, de voormalige topvrouw van de katholieke onderwijskoepel. De ‘groentjes’ die er gisteren hun schoolcarrière aanvingen, konden niet alleen voor Latijn of moderne talen kiezen, maar ook voor STEM. Dat staat voor ‘science, technology, engineering and mathematics’. Een technologische richting dus. In het eerste jaar krijgen alle leerlingen 27 uur basisvakken. Daarnaast worden 5 uren ingevuld met wiskunde, programmeren en een wetenschappelijk project. De interesse was zo groot dat er in het eerste jaar meteen met twee klassen werd gestart. Ook in het derde jaar start een STEM-klas.

Het succes toont aan dat er een hiaat was in het aanbod.
natacha Gesquière
stem-coördinatrice sint-bavo

‘We hadden zo’n overweldigend succes niet verwacht’, zegt Natacha Gesquière, de coördinatrice van het STEM-project. ‘Het succes toont dat er een hiaat was in het aanbod. We spreken de leerlingen aan op hun technische en wetenschappelijke talenten.’

De aso-scholen lijken met de STEM-richting inderdaad een gat in de markt gevonden te hebben. Na eerdere voorzichtige stappen organiseren dit schooljaar zo’n vijftigtal aso-scholen een technische richting. Kinderen die cognitief sterk zijn, maar minder interesse hebben voor Latijn, hebben nu een alternatief in het algemeen secundair onderwijs.

Wist u op uw twaalfde wat u later wou worden? Miel twijfelt geen seconde. Hij wordt architect. Met Lego ontwerp hij al hele constructies. Dankzij de computer kan hij de Lego-constructies ook grootser zien. ‘Ik ben graag met mijn handen bezig, bijvoorbeeld door met Lego te bouwen. Maar tegelijkertijd biedt de computer meer mogelijkheden om echte huizen te bouwen. Ik heb ook geprobeerd een spel te programmeren via GameMakers. Je kan via dat programma allerlei figuren in elkaar steken. Hopelijk gaan we dat op school ook leren.’

Nina twijfelde nog even over Latijn, maar ze is eigenlijk niet zo goed in talen. In de lagere school kreeg ze extra wiskunde omdat ze erin uitblonk. Ze experimenteerde ook met programmeren. Het is een constante in de verhalen die we horen: de keuze voor STEM is niet anti-Latijn, maar vóór extra wiskunde of technologische vakken. ‘Toen ik over deze STEM-richting op Sint-Bavo hoorde, heb ik niet getwijfeld. Ik heb specifiek voor deze school gekozen’, zegt Nina. ‘De eerste schooldag is erg spannend, maar ik kijk echt uit naar onze nieuwe vakken. Programmeren is leuk omdat je zelf iets in elkaar kan steken. Je beslist wat er zal gebeuren. Bij een proef konden we een vogel in Lego programmeren. Mijn ouders zeiden dat ik helemaal glunderde. (lacht) Ik hoop dat ik hier zo veel mogelijk zal glunderen.’

Programma

STEM is meer dan een beetje extra wetenschappen of wiskunde, benadrukt Gesquière. ‘We hebben lang gewerkt aan de uitwerking van het programma, onder meer met universiteiten en private partners. Er bestaan nog geen leerplannen voor. We willen kinderen leren denken als een wetenschapper, probleemoplossend leren redeneren. De huidige maatschappij is afhankelijk van technologie en wij vinden het belangrijk om ook als school met een rijke traditie midden in de wereld te staan.’

©Siska Vandecasteele

De richting is nog niet officieel en dat is meteen een van de kritieken van onderwijsexperts. Ook het Katholiek Onderwijs Vlaanderen wijst op de verspreide slagorde van de initiatieven, die vaak tot profileringsdrang leiden. ‘Wij voorzien begeleiding voor de scholen die ermee bezig zijn, maar we bouwen de STEM-initiatieven niet actief uit’, zegt Lieven Boeve, topman van Katholiek Onderwijs Vlaanderen. ‘We willen eerst duidelijkheid over de geplande hervorming van het secundair onderwijs. De initiatieven in de aso-scholen staan los van de visie over ons toekomstig secundair onderwijs. STEM mag niet het nieuwe Latijn worden, want dan wordt ook die richting een fuik. We willen niet alleen STEM-onderwijs voorzien voor cognitief sterke leerlingen, maar voor iedereen in de eerste twee jaar. Op 14 jaar kan de leerling dan kiezen of hij voor een meer toegepaste of een meer abstracte richting kiest.

Sint-Bavo wil niet wachten op de uitkomst van de discussie over de hervorming van het secundair onderwijs. ‘Hoe dan ook is de opgebouwde ervaring belangrijk voor een eventuele latere hervorming’, zegt Gesquière.

Ook Joris en Janne trappelen om aan de slag te gaan met programmeren. Vooral Joris heeft al veel ervaring. Hij leerde op de lagere school grappige animatiefilmpjes te maken. ‘Op de opendeurdag van Sint-Bavo kon je een robot programmeren’, vertelt hij. ‘Je kon de robot laten rijden, rondjes laten draaien of doen slapen. Ik zou heel graag leren robots programmeren.’ Gesquière kan hem geruststellen: robotica komt al uitgebreid aan bod in het tweede semester van de STEM-richting. ‘De leerlingen leren programmeren, maar robotica komt ook in de andere de vakken terug. De ethiek rond robotica is een interessant thema voor de godsdienstles. In Frans leren ze dan weer het technologische jargon. Op die manier laten we de vorming rond technologie ook doorsijpelen in de algemene vorming.’

Concurrentie

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) noemt het op punt zetten van de STEM-opleiding een absolute prioriteit en wil tegen het najaar een kader opzetten. Ze benadrukte gisteren het belang van een kwalitatieve begeleiding van de STEM-richtingen in aso-scholen. ‘Als scholen in de eerste graad met een STEM-richting in een kwalitatief kader starten, hoeft dat totaal geen probleem te zijn. Elke leerlingen die gestimuleerd wordt om zijn technologische knobbel te ontwikkelen, is een goede zaak.’

Crevits ziet de richting niet als concurrentie voor de technische scholen. ‘De tso-scholen hebben heel veel ervaring in technisch onderwijs. De STEM-leerlingen in het algemeen secundair onderwijs kunnen perfect doorstromen naar het technisch onderwijs na het tweede middelbaar, net zoals het ook in de omgekeerde richting kan.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content