interview

‘Over twee jaar willen we pakjes afleveren op de maan'

©rv

Apollo 11 was 50 jaar geleden een technisch hoogstandje, maar heeft al het interessante op de maan gemist. Dat zegt William ‘Red’ Whittaker, een 70-jarige professor robotica aan Carnegie Mellon. Zijn ambitie: iedereen de kans bieden een onderzoeksrobot op de maan te droppen.

Robots neerzetten op de maan via commerciële vluchten. Dat is de droom van de 70-jarige William ‘Red’ Whittaker, na een topcarrière in de robotica. In 1979 maakte hij een robot die na het ongeluk met de kerncentrale op Three Mile Island testen kon uitvoeren op plaatsen die voor mensen te gevaarlijk waren. Daarna ontwikkelde hij robots die kunnen afdalen bij mijnrampen, waarbij mensen last zouden hebben van rook en chemische dampen. In 2007 leidde hij het team dat als eerste een auto zonder chauffeur door een stad kon laten rijden zonder verkeersovertredingen en ongelukken. Daarmee won hij in San Francisco de DARPA Urban Race, een wedstrijd van het Pentagon in de zoektocht naar de zelfrijdende auto.

Die reputatie bracht Whittaker vijf jaar geleden, na een carrière die zich helemaal in de Verenigde Staten had afgespeeld, op het Wereld Economisch Forum in Davos. Hij vertelde toen aan De Tijd hoe geprivilegeerd hij zich plots voelde al heel zijn leven in de VS aan wetenschap te kunnen doen.

Red Whittaker

> Groeide op in Pennsylvania.

>  Studeerde aan Princeton, maar onderbrak zijn studies om bij de US Marines te gaan.

> Doctoreerde aan Carnegie Mellon University in Pittsburgh, waar hij nog altijd professor is.

> Bouwde in 1979 een robot om testen te doen op Three Mile Island, waar een ongeluk met een kerncentrale was gebeurd.

> Won in 2007 de eerste wedstrijd om met een zelfrijdende auto door de stad te rijden.

> Is voorzitter van Astrobotic, een bedrijf dat een koerierdienst naar de maan wil opstarten.

‘Ik besef nu pas hoe weinig landen hun Apollo-moment hebben beleefd’, zei hij op een event van zijn universiteit Carnegie Mellon, waar hij een maanrover voorstelde. ‘Zo’n moment waarop iets dat ondenkbaar leek, plots gebeurt. Dat jongeren enthousiast maakt voor wetenschap en technologie. En eigenlijk zijn dat zelfs de twee verkeerde woorden. Het is iets anders: ontdekking. Weet u wat de kracht van een uitvinding is? Ze kan nooit meer on-uitgevonden worden. Ze is onomkeerbaar. De inspiratie die daarvan uitgaat, is onbeschrijflijk.’

Die drang naar ontdekking doet Whittaker nog altijd werken aan een robot die de maan kan ‘exploreren’. De 50ste verjaardag van Apollo 11 deze week doet hem dus wel iets. ‘Eigenlijk ben ik al sinds mijn negende begeesterd door de maan’, zegt hij in een telefonisch interview. ‘Dat was in 1957, het jaar dat Rusland zijn eerste Sputnik lanceerde. Ik maakte toen mijn eerste speelgoedraket, met materiaal dat ik op een vuilnisbeltje vond. Heel mijn leven als robotingenieur is daar begonnen. En ik probeer nog altijd de wereld van sciencefiction en fantasy naar het hier en nu te brengen.’

Twaalf jaar geleden richtte Whittaker Astrobotics op, een bedrijf dat naar de maan wil vliegen. Het is deels commercieel, deels publiek. De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA en Carnegie Mellon University werken mee, maar er is evengoed private steun van de vliegtuigbouwer Airbus en het koerierbedrijf DHL. ‘Eigenlijk willen we een postbedrijf zijn dat naar de maan vliegt’, zegt Whittaker. ‘We leveren pakjes. We bouwen een kleine capsule die op de maan kan landen en tot 90 kilogram kan meenemen. Zo’n capsule is een robot, alleen vervang je de wielen door raketten.’

Tarieven

Weet u wat de kracht van een uitvinding is? Ze kan nooit meer on-uitgevonden worden.

Op de website van Astrobotics staan de tarieven per kilogram: 300.000 dollar om iets in een baan rond de maan te brengen, 1,2 miljoen dollar om het op het maanoppervlak neer te zetten en 4,5 miljoen dollar om het te installeren op de maanrover, die zelfstandig kan rondrijden.

Hoe moet zo’n mobiele onderzoeksrobot er uitzien? ‘Hij moet klein en snel zijn’, antwoordt Whittaker. ‘Klein, omdat onze maanlander klein is. En snel, omdat we werken op zonne-energie. De robots overleven de nacht niet. Op de maan duurt een periode van daglicht 14 dagen op aarde. Dat is de tijd we hebben.’

Dat heeft gevolgen, legt hij uit. Er is bijvoorbeeld geen plaats voor een radioverbinding. De robots kunnen dus niet met een afstandsbediening van op de aarde bestuurd worden. Ze doen autonoom aan onderzoek en keren daarna terug naar de landingscapsule, die wel een radioconnectie heeft. Zo sturen ze hun beelden en data naar ons door. ‘Ik maak ook een kleinere robot, ter grootte van een schoendoos’, zegt Whittaker. ‘Hij weegt 2 kilogram en heeft minder autonomie. Maar hij kan beelden maken, rijden, en is slim genoeg om uit de problemen te blijven, maar hij moet in de directe omgeving van de landingscapsule blijven.’

Red Whittaker. ©Carnegie Mellon University

De Carnegie Mellon-professor wil in juni 2021 zijn eerste missie lanceren, om in juli te landen. Wat is er nodig om van die missie een succes te maken? ‘De eerste keer komt het er altijd op aan je technologie te bewijzen. Als we landen, is het een succes. We zijn eigenlijk een koerierbedrijf dat pakjes aflevert op de maan, net zoals SpaceX van Elon Musk al cargo afleverde aan het internationaal ruimtestation. Na de eerste missie kunnen we echt beginnen.’

‘Zo ging het ook met Apollo 11. In zo’n eerste missie zoek je een veilige plek om te landen. Dat heeft prioriteit. Net daarom is Apollo 11 geland op een van de minst interessante plekken op de maan: op rotsen.’

‘We moeten met de meeste hoogachting over Apollo 11 spreken. Het was een hoogstandje van technologisch vernuft en een inspiratie voor ingenieurs en avonturiers. Maar door de keuze van de landingsplaats miste Apollo alles wat interessant is aan de maan. De conclusie in 1969 luidde dat de maan een droog, dood, rotsig hemellichaam was waar mensen niet kunnen wonen. Het wordt er overdag warmer dan in een oven, en ’s nachts kouder dan vloeibare stikstof: -196 graden Celsius. De astronauten van Apollo 11 hadden geluk dat ze niet werden blootgesteld aan de extreme straling van zonnevlammen.’

We moeten we terug naar de maan met het doel bruikbare toepassingen te vinden.
William Whittaker
professor robotica

‘Ondertussen weten we dat er ijs is op de maanpolen en in diepe kraters. Dat laatste doet vermoeden dat er misschien grotten zijn. Het ijs betekent dat er water is. Water betekent dat je via elektrolyse H2O kan omzetten in waterstof en zuurstof en dus mensen kan laten ademen. Waterstof en zuurstof zijn bovendien zeer handig om raketbrandstof te maken. De grotten bieden een mogelijkheid om te ontsnappen aan de straling en de extreme temperaturen.’

Grotten en ijs creëren met andere woorden de hoop dat de maan bewoonbaar is. Daarom moeten we 50 jaar na Apollo 11 terug naar de maan, vindt Whittaker. 50 jaar geleden ging het om het winnen van de Koude Oorlog, om politiek prestige en nieuwsgierigheid, om de eerste te zijn in de space race. ‘Nu moeten we terug met het doel bruikbare toepassingen te vinden. Het water heeft alles veranderd.’

Waarom is een publiek-privaat bedrijf nodig in een land dat de NASA heeft? ‘Het beleid van de NASA was jarenlang op Mars gericht. Het woord maan kregen ze bij de NASA met moeite over de lippen. Bovendien loofde Google in 2007 20 miljoen dollar uit voor de eerste die naar de maan kon vliegen en een robot 500 meter kon doen afleggen. In die Google Lunar X Prize was het verboden met overheidsgeld te werken.’ Uiteindelijk won niemand de prijs, maar hij was wel de start voor Whittakers geesteskind Astrobotic, dat voortvloeide uit zijn onderzoek aan Carnegie Mellon. ‘Ik kan alleen maar goede dingen over die universiteit zeggen.’

Red Whittaker: 'Apollo 11 was een hoogstandje van technologisch vernuft, maar door de keuze van de landingsplaats miste het al het interessante aan de maan.' ©AFP

Droom

Whittakers ultieme droom is dat de maan een tussenstation wordt voor verdere ontdekking. Als ijs en grotten het mogelijk maken om er te wonen, kan ze de uitvalsbasis worden voor verdere ontdekking van het zonnestelsel. ‘Al die dingen zijn niet makkelijk en gaan niet snel’, erkent Whittaker. ‘Je moet tienduizend dingen goed doen en je mag maar enkele fouten maken. Tegelijk moet je stoutmoedig blijven denken en niet opgeven. Herinner je hoe raketten ontploften voor de ogen van iedereen die ze had gemaakt, soms ook het lanceerplatform vernietigend. Beeld je de ontreddering in om dan van nul te moeten herbeginnen. Ruimtevaart is hard.’

‘Tegelijk is heel mijn leven een droom. Ik kon me als negenjarige niet inbeelden in wat voor fantastische tijden van technologische vooruitgang ik zou leven, en hoe de exploratie van de maan een intens deel van mijn leven zou worden. Dit zijn geweldige tijden om aan wetenschappelijke ontdekking te doen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie