analyse

Slag om kleinere private banks kan beginnen

Société Générale zet zijn Belgische private bank in de etalage. ©AFP

Het heeft langer geduurd dan verwacht, maar met het dossier Société Générale is het startschot voor een consolidatiegolf onder de kleinere vermogenshuizen in België gegeven.

10 miljard euro vermogen onder beheer. Dat is volgens de meeste bankiers en experts de kritische drempel voor een bestaan als zelfstandige private bank of vermogensbeheerder. De instellingen die daar niet boven raken, moeten vroeg of laat de krachten bundelen met sectorgenoten of hebben de steun nodig van een grote moedergroep.

Die steun lijkt Société Générale Private Banking België, goed voor 9 miljard euro beheerd vermogen, bij haar Franse moedergroep te hebben verloren. SocGen, dat onlangs gelinkt werd aan een superfusie met het Italiaanse UniCredit, is de kam door zijn buitenlandse activiteiten aan het halen. De niet-strategische dochters, zoals de private bank in België, worden te koop gezet.

Aan belangstelling zal wellicht geen gebrek zijn. Vooral in zijn thuisbasis Gent is het voormalige De Maertelaere nog steeds een referentie in vermogensbeheer.

Als mogelijke overnemers gaan drie grote gespecialiseerde spelers over de tongen: Degroof Petercam (55 miljard euro onder beheer), KBL (65 miljard euro) en in mindere mate Delen Private Bank (40 miljard euro).

Het Luxemburgs-Qatarese KBL is de moedergroep van Puilaetco Dewaay. De nieuwe KBL-baas Peter Vandekerckhove (ex-BNP Paribas Fortis) heeft al laten uitschijnen op zoek te zijn naar complementaire externe groei. Ook bij de fusiegroep Degroof Petercam ligt het accent na de integratie weer op expansie.

De Franse spelers Indosuez Wealth Management (Crédit Agricole) en Banque Transatlantique (Crédit Mutuel) zouden ook geïnteresseerd zijn. Vooral Indosuez heeft eerder al openlijk de ambitie geuit om zijn Belgische activiteiten te versterken. Sommige grote retailbanken zitten mogelijk ook op het vinkentouw om hun privatebankingdivisie te versterken.

Er wordt al langer een consolidatiegolf voorspeld, maar nu lijken de manoeuvres echt begonnen. Naar schatting 10 tot 20 kleinere spelers in ons land hebben elk een vermogen tussen 5 en 7 miljard euro onder beheer. Voor de potentiële kopers breken interessante tijden aan. De kleinere spelers hebben meerdere katten tegelijk te geselen. Dat kan hun aandeelhouders aanzetten schappelijker zijn wat betreft de overnameprijs, redeneren insiders.

1. Tsunami aan nieuwe regels voor de sector

Wellicht de grootste uitdaging voor de kleinere vermogensbeheerders is de tsunami aan nieuwe regelgeving die over de hele sector rolt. MiFID 2, de onlangs ingevoerde Europese richtlijn voor beleggersinformatie, is de meest ingrijpende. Het draaiboek telt meer dan 7.000 pagina’s en verplicht zowel de grote als de kleine spelers tot zware inspanningen op het vlak van IT en juridische administratie. De vraag is vooral of de kleinere vermogenshuizen die lasten kunnen dragen. Volgens veel experts is voldoende schaalgrootte noodzakelijk, zodat de kosten over grote volumes gespreid kunnen worden.

2. Verdienmodel staat onder druk

MiFID wijzigt ook de vergoedingssystemen. Retrocessies, het stukje van de beheersvergoeding dat het beleggingsfonds doorstort aan de verkoper, zijn niet meer toegestaan bij onafhankelijk vermogensadvies. Dat is een streep door de rekening van veel kleinere spelers, voor wie de retrocessies een belangrijke inkomstenbron waren. De wijziging komt er net op een moment dat alle banken op zoek zijn naar bijkomende commissie-inkomsten uit de verkoop van beleggingen. De beleggingscommissies optrekken is geen optie door de toenemende prijsconcurrentie. Kenners verwachten dat private banking evolueert naar een business van flinterdunne marges op grote volumes. De andere grote inkomstencategorie voor de banken, de rente-inkomsten, brengt geen soelaas, want die staat onder druk door het lagerenteklimaat.

3. Digitale investeringen dringen zich op

De derde grote uitdaging voor de kleine vermogensbanken is de vraag van klanten naar digitale diensten. Lang dachten velen dat vermogensadvies een exclusieve zaak van menselijke klantencontacten zou blijven, maar mee door de opkomst van roboadvies wordt daar nu genuanceerder over gedacht. Veel klanten die bij meerdere banken zitten, willen de digitale hulpmiddelen die ze gewoon zijn bij hun retailbank ook bij hun private bank aantreffen. Een app of een digitaal platform bouwen kost evenwel handenvol geld.

4. Opvolging ontbreekt soms

Tot slot speelt bij sommige kleinere vermogensbeheerders ook het familiale aspect mee. Als geen opvolger in de volgende generatie gevonden wordt, kunnen de familiale aandeelhouders wel eens opteren voor een verkoop aan een grotere sectorgenoot.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content