column

Het medisch-industrieel complex

Lang geleden, toen ik nog een opstandige student was - denk aan de jaren zeventig, begin tachtig - hadden we het voortdurend over het 'militair-industrieel complex'.

'Militair-industrieel', het is een sinister klinkende combinatie die doet denken aan een industriële manier van oorlogsvoering met massaal veel slachtoffers.

In een recente academische podcast How Do You Like It So Far hoorde ik spreken over het 'medisch-industrieel' complex. De geïnterviewde was Bruce Sterling, een Amerikaanse scifi-auteur en futurist. 

Uiteindelijk willen we de sterfelijkheid zelf aanpakken.

Sterling is een van de founding fathers van het cyberpunkgenre. Dat is een scifigenre waarin een hoogtechnologische samenleving vaak ten prooi is gevallen aan milieurampen en pandemies en waar de politiek disfunctioneel is. Doet het u aan de wereld van nu denken? Dat is volgens Sterling niet helemaal terecht. De helden in cyberpunk zijn vaak programmeurs. Computernerds. Maar dat, zegt de auteur, is inmiddels ouderwets. 

Kijk waar een klassieke, supersuccesrijke nerd zoals Bill Gates mee bezig is. Niet met de details van het besturingssysteem van Microsoft, wel met biotech en medische problemen. Kijk naar de concullega-nerds van Gates bij Google. Daar wordt naarstig geïnvesteerd in Calico, een biotechfiliaal dat probeert de menselijke levensduur radicaal te verlengen. 'Flattening the curve' wordt 'flattening the mortality curve'. Het is de menselijke sterfelijkheid zelf die wordt aangepakt.

China

Hoe de wereld er na de pandemie, halverwege het decennium, zal uitzien, leren we mogelijk eerder in China. In Wuhan staan scanners opgesteld voor hotels en restaurants, doen ze aan gezichtsherkenning en alle mogelijke data belanden op overheidsservers. Ook is er een cultuur van niets ontziende sociale controle, waarbij bijvoorbeeld roken als sociaal onwenselijke activiteit zwaar wordt aangepakt.

Ja, we willen ziektes overwinnen en lang en gezond leven. Maar dan wel zonder fundamentele vrijheden op te geven.

Sterling ziet een Chinese overheid die op een massa gegevens zit over menselijke gedragingen en lichamen, en een samenleving die steeds meer geobsedeerd geraakt door het verlengen van het menselijk leven. Je kan er de snelle opgang van een medisch-industrieel complex ontwaren, met als enige remming dat wetenschappers er worstelen met de afwezigheid van vrijheid van meningsuiting. Dat kunnen we de Chinezen blijven verwijten, maar wat als de wereld wordt geconfronteerd met 1,4 miljard ultragezonde, langlevende Chinezen? Wordt de verleiding dan niet groot onze privacy op te offeren in de queeste naar een gemiddelde levensduur van pakweg 200 jaar? 

Eisenhower

Eenmaal de coronapandemie bedwongen, zullen mensen de angst en het lijden snel vergeten zijn. Dat was ook zo na de Spaanse griep. Het leeft voort in bizarre herinneringen, maar de mens is veerkrachtig. De pandemie kan wel maatschappelijke voorkeuren en gewoontes veranderen, en in de postpandemiesamenleving wordt het medisch-industrieel complex misschien nog belangrijker dan het militair-industriële. Sowieso zullen beide vervlochten zijn.

Het was president Dwight D. Eisenhower die de Amerikaanse burgers in 1961 tijdens zijn afscheidsrede waarschuwde voor het militair-industriële complex. Het is nodig, maar mag de samenleving niet domineren. Iets soortgelijks kan worden gezegd over een medisch-industrieel complex. Ja, we willen ziektes overwinnen en lang en gezond leven. Maar dan wel zonder fundamentele vrijheden op te geven.

Lees verder