column

Interactieve Netflix

Conferenties. Sommigen vinden ze fantastisch, anderen vinden ze saai en verplichte nummers. Na corona is de kans groot dat ze helemaal anders worden.

Virtuele conferenties, Zoom-conferenties, digitale hackathons. Nu her en der de lockdowns worden versoepeld, lijken eventorganisatoren wel supergehaast alsnog te experimenteren met nieuwe formats. Sommige zijn vernieuwender dan andere en sommige formules blijven ook in het postcoronatijdperk interessant. 

Op het laagste niveau van originaliteit staat het model waarbij sprekers videoconferencing gebruiken zonder veel meer. Het publiek is niet te zien noch te horen, want microfoons en camera's worden door de host uitgeschakeld. Niet alleen dat, wanneer er slides worden getoond, is de spreker in het beste geval nog op een piepklein schermpje te zien. Probeer een conferentie van een hele dag zo te volgen, en dat misschien enkele dagen na elkaar. Er zijn fijnere dingen in het leven.

In een vorige column noemde ik dat de 'substitutie'-aanpak, waarbij geprobeerd wordt wat vroeger bestond digitaal na te bootsen. Alleen, in dit voorbeeld scoor je beduidend onder wat een goede conferentie kan bereiken: het gevoel samen een presentatie bij te wonen, de gelegenheid met elkaar van gedachten te wisselen, face-to-facecontacten die kunnen leiden tot duurzame connecties. 

Zullen we ooit bingedeelnemen aan congressen?

De Australische webspecialist John Allsopp wil die magere substitutie ver overtreffen door een grondig herdesign van conferenties. In plaats van te denken aan hoe een conferentie eruitziet en hoe dat online naar online kan worden vertaald, vroeg hij zich af wat congresgangers eigenlijk willen. Simpel gezegd zijn dat twee dingen: inspiratie opdoen en connecteren. Die doelen wil hij met zijn conferentie over webtechnologie, Web Directions, op een nieuwe manier bereiken. 

Het meest schokkende is dat presentaties vooraf worden opgenomen. De belichting, de audio en het beeld worden op een hoger niveau getild door professionele filmmakers die eerder op het niveau van Netflix mikken dan dat van een doordeweekse Zoom-bijeenkomst. Er kan werk worden gemaakt van transcripties en vertalingen. De makers van de presentaties zullen nog altijd live beschikbaar zijn, maar ze kunnen meteen antwoorden op vragen van deelnemers en links naar extra materiaal posten.  

In plaats van een reeks opeenvolgende dagen wordt de conferentie opgesplitst in afleveringen, wat weer aan Netflix doet denken. Elke vrijdag duren de sessies in totaal 3,5 uur, en dat gedurende een maand. Het voordeel is dat zo ruimte wordt gecreëerd om over het materiaal na te denken. Discussies kunnen op berichtenplatforms als Slack, Twitter of Discord worden gevoerd, zowel met de sprekers als met de deelnemers. Voor introvertere mensen kan dat de contacten vergemakkelijken. 

Zo'n conferentie van een maand lijkt ook veel meer op een community. Er ontstaan nieuwe functies, zoals die van gespecialiseerde communitymanager voor online conferenties. De Canadese onderwijsspecialist Stephen Downes ziet die formule helemaal zitten. Hij vindt dat ze lijkt op een Massive Open Online Course (MOOC). Zijn en mijn conclusie is dat het deel uitmaakt van een brede en diepgaande verandering van hoe we leren. Cursussen, conferenties en online leren in het algemeen worden gradueel socialer en communitygerichter. Die versnelde beweging zal een van de positieve gevolgen zijn van de coronatragedie. 

Lees verder