reeks: medtech

Senioren grijpen macht over medisch dossier

De senioren van Happy Aging zullen de eerste zijn om hun medische data te bundelen in één dossier, dat ze dan zelf kunnen beheren. ©Hollandse Hoogte

Ontoforce, de zoekrobot voor de farma-industrie, wil ook medische dossiers van patiënten toegankelijk maken, zodat een goede behandeling of een geschikte arts nog maar een muisklik meer is verwijderd. Het bedrijf onderhandelt hierover met de seniorencommunity Happy Aging.

Zo’n 1.200 senioren aangesloten bij Happy Aging, een Vlaamse community die ijvert voor een kwaliteitsvolle gezondheidszorg, zijn van plan hun medische gegevens, zoals verslagen van doktersbezoeken, scans of nog resultaten van bloedtesten, te bundelen op een internetplatform. Ze willen op die manier zelf meester worden van hun medisch dossier, zodat ze ook zelf kunnen beslissen of ze die data ter beschikking stellen van de wetenschap.

Beeld het u even in. Ergens in de nabije toekomst. U bent plots zo vermoeid, terwijl het pas ochtend is. De chipsensor in uw arm geeft aan dat uw bloeddruk ok is. U heeft ook geen koorts. Oef. En toch, u voelt zich niet lekker. U slikt een capsule in waar een chip in verwerkt zit. Die gaat als een superminilabo testen uitvoeren in uw lichaam. U geeft te veel witte bloedcellen, zo blijkt al snel. Die wijzen op een bacteriële infectie. Dat resultaat werd doorgestuurd naar uw smartphone en meteen wordt er ook een afspraak gemaakt in het ziekenhuis, waar verder naar de mogelijke infectie zal worden gespeurd.

Het klinkt als sciencefiction, maar dat is het niet. Steeds meer technologie neemt de rol van de arts over.

In het ziekenhuis krijgt U na extra labotesten het verdict te horen. U heeft een bindweefselontsteking. U tikt ‘bindweefselontsteking’ in op uw medische zoekrobot. Meteen komt de naam tevoorschijn van de arts in uw buurt die hier het meeste ervaring mee heeft, een leidraad met de meest efficiënte spieroefeningen om de pijn tegen te gaan, de medicatie die het snelste werkt, enz.

Ontoforce is opgestart in 2011

De andeelhouders zijn Hans Constandt, Peter Verrykt, LRM, PMV, Luc Vauterin, LSIF en Osthus

Het bedrijf verwacht voor 2017 een omzet van 1,725 miljoen euro.

17 werknemers vandaag, wellicht 23 tegen het einde van het jaar.

Het is duidelijk toekomstmuziek. Zo’n zoekrobot bestaat nog niet. Vandaag is er hoofdzakelijk Google. En wat u er te zien krijgt wanneer u een ziekteverschijnsel intikt, is zo goed als nutteloze informatie. Het zijn weetjes. ‘Wat je via Google vindt, is populaire medische informatie. Voor echt wetenschappelijk relevante gegevens is het nodig van meer gesofisticeerde kernwoorden in te voeren. En die zijn niet voor iedereen bekend’, zegt Hans Constandt, CEO van Ontoforce.

Constandt noemt zichzelf een ‘data scientist’. Hij ontwikkelde software die wetenschappelijke publicaties, resultaten van klinische studies en andere publieke medische data combineert, zodat met een zoekrobot snel de juiste informatie tevoorschijn komt. De Google van de medische wereld zeg maar. De software houdt rekening met de semantische verschillen tussen de woorden, waardoor de nuttige informatie onmiddellijk tevoorschijn komt.

De zoekmachine van Ontoforce, Disqover, wordt vandaag enkel door farma- en biotechbedrijven gebruikt, die op die op een efficiënte manier te weten willen komen welke therapie reeds voorhanden is, in een bepaald ziektedomein. Amgen, AstraZeneca of nog Biogen bijvoorbeeld hebben een vast abonnement op Disqover. Ze krijgen met de zoekrobot sneller toegang tot wat belangrijk is voor hun onderzoek.

1 miljoen per dag
'Als je weet de ontwikkeling van een geneesmiddel 2,6 miljard dollar kost, dan besef je onmiddellijk dat de snellere toegankelijkheid tot wetenschappelijke gegevens een troef is voor een farmaproducent die nieuwe medicijnen op de markt wil brengen. Per dag die wordt gewonnen, wordt er 1 miljoen dollar gespaard.'

Constandt: ‘Als je weet de ontwikkeling van een geneesmiddel 2,6 miljard dollar kost, dan besef je onmiddellijk dat die snellere toegankelijkheid een ongelooflijke troef is voor een farmaproducent die nieuwe medicijnen op de markt wil brengen. Per dag die wordt gewonnen, wordt er 1 miljoen dollar gespaard.’

Constandt kreeg de drang die software te ontwikkelen toen zijn zoontje van zes jaar een zeldzame aandoening bleek te hebben. ‘Ik zocht uren naar de beste oplossing, maar werd wanhopig.'

Van ziekenhuizen tot patiënten

Was de zoekrobot tot voor kort enkel handig voor de farma- en de biotechindustrie, maar nu breekt de tijd aan waarbij het technologieplatform breder kan gaan. ‘De volgende stap voor onze software zijn ziekenhuizen. En dan artsen. En vervolgens ook de patiënten. Mijn droom - en ik werk er iedere dag aan - is dat patiënten van over de hele wereld heel eenvoudig interessante informatie vinden over de ziekte waar ze aan lijden. Welke dokter moet ik raadplegen? Waar laat ik me best behandelen? Met welk geneesmiddel? En voor hoe lang? Heel concrete zaken, waar we nu als patiënt meestal het raden naar hebben’, stelt Constandt.

De meeste Belgen hebben een elektronisch patiëntendossier, dat wordt bijgehouden door de huisdokter. Dat dossier is gekoppeld aan de ID. Stapt u naar een andere dokter, dan heeft die met één klik zicht op uw medisch verleden.

‘Dat medisch dossier is nu alleen voor artsen in België te zien. Het zou eigenlijk ook voor de eigenaar zelf eenvoudig toegankelijk moeten zijn. Zo zou je zelf kunnen beslissen met wie je die informatie deelt.’

Het academisch ziekenhuis van Maastricht (azM) gaat heel binnenkort in zee met Ontoforce en maakt via het technologieplatform patiëntendossiers openbaar. Kwestie van met de wereld te delen wat de impact van een behandeling kan zijn. Wie wil kan binnenkort via de website van het ziekenhuis op zoek naar informatie. Gratis.

Ziekenhuizen hebben voldoende kritische massa aan patiëntendata om de toon te zetten. Door vrij te geven welke behandeling werkt en welke niet, kunnen ze invloed hebben op wat in de farma-industrie wordt ontwikkeld.
Hans Constandt
CEO Ontoforce

‘Ziekenhuizen hebben voldoende kritische massa aan patiëntendata om de toon te zetten. Door vrij te geven welke behandeling werkt en welke niet, kunnen ze invloed hebben op wat in de farma-industrie wordt ontwikkeld. Nu is het de farmasector die beslist. Het zou beter net andersom zijn, zodat behandelingen beter zijn afgestemd op wat patiënten echt nodig hebben’, vindt Constandt.

Happy Aging

Dichter bij huis zijn er ook gesprekken met Happy Aging, de community voor ouderen begeleid door Ingrid Lieten, vroeger Vlaams minister voor Innovatie. Het idee van Happy Aging is van alle medische gegevens van een patiënt te bundelen, zodat hij of zij een overzicht heeft van zijn medisch dossier en vervolgens zelf kan beslissen om die informatie te delen voor wetenschappelijk onderzoek. Vandaag zitten die gegevens vaak verspreid over verschillende artsen, zorginstellingen en ziekenhuizen.

Zo’n 1.200 senioren hebben zich tot zover aangesloten bij Happy Aging. Stappen die mee in het project met Ontoforce, dan is dat een Belgische primeur. De enige kanttekening is dat de mensen er zelf voor moeten gaan. Komt het initiatief van een ziekenhuis of een zorgstelling, dan wordt het project onmogelijk, gezien de privacyregels voor medische data.

Wat met de privacy?

De regelgeving rond privacy van medische gegevens vindt Constandt een stok in de wielen van de technische vooruitgang. ‘Wie ernstig ziek is, wil toch de beste informatie en de juiste behandeling? Als je dat kan verkrijgen door je dossier te delen met andere patiënten, zie ik echt het probleem niet. Ik kom steeds meer patiënten tegen die alles op sociale media zetten, omdat ze radeloos op zoek zijn naar goed advies.’

Volgens Constandt volstaat het de patiëntengegevens wettelijk af te bakenen, net zoals in België al gebeurde voor het afstaan van organen. Het wegnemen en transplanteren van organen is in ons land gebaseerd op het principe van ‘stilzwijgende toestemming’. Iedereen is donor op die manier. Wie het niet wil, moet dit melden aan de gemeente. Hetzelfde zou kunnen voor medische informatie.

Ontoforce kon de big pharma in de States al overtuigen van het nut van zijn software. Nu moet ook het grote publiek worden overtuigd, wat een minder evidente klus is. Het bedrijf richtte zich tot Google, dat de technologie volgens Constandt ‘super’ vond, maar nog iets te complex voor Jan en alleman. ‘We werken daar nu aan’, zegt Constandt.

En wat als Google de start-up van 17 werknemers binnenkort overtroeft door net hetzelfde te gaan aanbieden? ‘We hebben een zeer sterke voorsprong op Google’, maakt Constandt zich sterk. ‘En dan nog. Ik zou het niet erg vinden. Als de patiënt er maar beter van wordt. Het klinkt melig, maar ik meen het echt’.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect