Steve Wozniak, de pa van de pc

©BELGAIMAGE

Kan iemand die al 30 jaar niets belangwekkends meer heeft gedaan in technologie nog een invloedrijke stem zijn als het over technologie gaat? Ja. Op voorwaarde dat die persoon Stephen Gary Wozniak heet. Want wat Wozniak meer dan 30 jaar geleden deed, veranderde de wereld voorgoed.

Voor het geval u nog nooit van ‘The Woz’ hebt gehoord: Wozniak zal tot het einde van zijn dagen bekend blijven als ‘die andere Steve’. Samen met zijn goede vriend Steve Jobs stond hij aan de wieg van Apple, vandaag het waardevolste bedrijf ter wereld.

New Insights

Tien werelddenkers blikken vooruit op de toekomst. In ons extra magazine 'Tien nieuwe inzichten' leest u de inzichten van onder meer ex-gouverneur van de Indiase Centrale Bank Raghuram Rajan, auteur Yuval Noah Harari en professor internationale politiek Ian Bremmer. Ontdek hier het dossier online.

Nu, met die monsterwaardering heeft Wozniak weinig te maken. Hij verliet het bedrijf al in 1985, 22 jaar voor de eerste iPhone op de markt kwam, hét product dat van Apple een geldmachine zonder weerga maakte. Maar dat maakt zijn erfenis niet minder indrukwekkend. Want dat u vandaag een pc in huis hebt staan, is voor een deel te danken aan Steve Wozniak.

The Woz was van kindsbeen af gepassioneerd door elektronica. Gestimuleerd door zijn vader Jacob, een ingenieur, sleutelde hij in de garage aan gadgets en las hij alles wat er te lezen viel over die mysterieuze, onbereikbare machines die sommige bedrijven in huis hadden: computers. Wozniak raakte langzaam maar zeker geobsedeerd door die toestellen en hun werking. Op een dag zei een jonge Woz aan zijn vader dat hij graag een computer in huis wilde hebben. Toen pa Wozniak hem droog meldde dat zo’n ding evenveel zou kosten als zijn huis, antwoordde Steve even droog: ‘Dan zal ik wel in een appartement gaan wonen.’

Steve Wozniak: 'Ik geloof niet in artificiële intelligentie'

Uiteindelijk moest hij geen compromissen sluiten. Gaandeweg werden onderdelen meer betaalbaar, in die mate zelfs dat er clubs ontstonden waar hobbyisten de toestellen zelf in elkaar sleutelden. Het is in een van die hobbyclubs dat Wozniak en die andere computerfreak, Steve Jobs, elkaar tegen het lijf liepen.

‘In die tijd waren computers nog dozen met lichtjes, schakelaars, enen en nullen’, zei Wozniak ooit in een interview met De Tijd. ‘En er was een massa mensen die met hetzelfde bezig was als ik, een betaalbare computer bouwen. Maar dat waren vooral hobbyisten, en geen grote bedrijven. Die dachten dat er in het verkopen van pc’s geen geld zat. Het waren geen innoverende technici die een gebruiksvriendelijke computer wilden bouwen voor iedereen, maar mensen die bestaande computers goedkoper probeerden te maken. Ik wilde verder gaan en een computer maken die meer leek op een rekenmachine of een typemachine, op bruikbare spullen. Een computer moest voor mij iets zijn dat dingen voor je deed op het werk, en waar je spelletjes op kon spelen. Na een tijd kregen mensen het door. Ze zagen mij op een kleine computer, qua aantal chips, typen en programmeren in een zelf ontworpen taal, en beseften dat dat het soort computer was dat zij wilden. Dat trok Jobs’ aandacht. ‘Laten we dit verkopen’, zei hij.’

Steve Wozniak tijdens een lezing op TEDxBrussels. ©TEDx

Jobs overtuigde Wozniak, die erg op zijn gemak was als werknemer van Hewlett-Packard, om samen de sprong te wagen. Het is die combinatie van de briljante ingenieur en de briljante marketeer die de ogen van de wereld opende. Nog niet zozeer met de Apple I, een toestel waarvan misschien 200 stuks verkocht werden aan hobbyisten. Maar met de Apple II zette The Woz een enorme stap. ‘De ontwikkeling van de Apple II in 1977 was echt magisch. Ik kon met de helft van de onderdelen van de Apple I tien keer meer doen: ik kon zelf ontworpen spelletjes spelen, en niemand had ooit verwacht dat er kleur op een computerscherm te zien zou zijn. Dat moet het grootste geweest zijn dat ik in mijn leven als ingenieur ooit heb gedaan. Toen werd duidelijk dat van dit toestel miljoenen verkocht konden worden.’

De eerste echte personal computer bracht Wozniak geld en roem, maar geen geluk. In hem schuilt de ziel van een uitvinder en ingenieur, een rol die voor hem moeilijk te combineren viel met die van belangrijke spil in een bedrijf. ‘Ik hoor niet thuis in de computerindustrie’, drukte hij het eind jaren 90 uit in het technologiemagazine Wired. De commerciële realiteit om elk jaar een update uit te brengen van producten die in wezen niet zo erg verschillen van hun voorganger, vloekt met het uitvindershart dat klopt in zijn borst. Pas als de computerkracht tegen haar limieten aanbotst, kan er volgens Wozniak echt weer op de essentie worden gefocust: hoe moet software met mensen interageren?

Kost een computer evenveel als een huis? Dan ga ik wel in een appartement wonen.
Steve Wozniak als kind

Omdat hij vond dat hij trouw aan zichzelf moest blijven, verliet Wozniak in 1985 Apple. Hij is nog wel aandeelhouder en zelfs nog officieel in dienst, zij het in een soort ceremoniële rol. Maar The Woz wijdde de rest van zijn leven vooral aan andere dingen, waar hij meer eer uit haalde. Hij gaf jarenlang computerles en financierde technologisch materiaal in scholen uit zijn buurt. Hij organiseerde twee enorme floppen van muziekfestivals. Hij treedt op als datawetenschapper in enkele bedrijven, en financiert en mentort jong technologisch en ondernemend talent.

En hij reist de wereld rond om zijn visie op technologie en ‘zijn’ Apple te delen. Want die is, ook drie decennia na zijn vertrek bij het bedrijf, nog steeds relevant. Faut le faire.

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content