start-ups

Heidi Rakels: ‘Interesses worden al snel obsessies, en dan ga ik voluit'

Lees ‘Ontbijt met De Tijd’ ook op www.tijd.be/ontbijt ©Dieter Telemans

Ze zit in ons collectieve geheugen als medaillewinnende judoka. Vandaag leidt ze met Guardsquare de snelst groeiende start-up van het land. Ontbijt met De Tijd.

Ontbijt met De Tijd

 Leuven, 8 uur, in Bar Stan. 

 

Met Heidi Rakels praten we over volharding, vrijheid en storend perfectionisme.

 

Acht uur. De studentenstad Leuven ontwaakt moeizaam. Maar Heidi Rakels (50) is al sinds vijf uur op. ‘Ik word spontaan wakker en begin na te denken. Op zo’n vroeg uur kan ik rustig werken.’ Dat ritme is een erfenis uit haar judocarrière. Vandaag staat Rakels op voor Guardsquare, haar bedrijf dat mobiele apps beveiligt. Wat als een uit de hand gelopen hobby begon, is vier jaar later een bedrijf met veertig werknemers, onlangs door Deloitte uitgeroepen tot snelst groeiende techstart-up van het land.

Het kantoor ligt op een kilometer van Bar Stan, onze plaats van afspraak. Toch is Rakels met de auto gekomen. Alleen de laatste meters heeft ze lopend, en mankend, afgelegd. Ze kampt al jaren met de gevolgen van een voetbreuk die ze opliep als jonge turnster. ‘Maar zolang ik 500 meter kan stappen, ga ik niet onder het mes’, zegt ze beslist. ‘Iemand zei me: ‘Ga gewoon eens een keer door de pijngrens.’ Dat doe ik nu. En het lukt me, dankzij yoga.’

Die volharding typeert Rakels. ‘Toen ik als klein meisje de Roemeense turnster Nadia Comaneci op tv zag, dacht ik: ‘Ik wil ook naar de Olympische Spelen.’’ Ze meldde zich bij Sta Paraat, de turnclub van huidig kampioene Nina Derwael. Maar daar vonden ze Rakels te groot voor topturnen. Op haar 24ste geraakte ze alsnog op de Spelen van Barcelona, als judoka. Ze kwam naar huis met brons.

Rakels, die nog altijd lange blonde krullen heeft, bestelt groene thee. Voor een ontbijt is het wachten op het keukenpersoneel. Bij een dampende kop vertelt Rakels hoe ze op de middelbare school in de richting van Latijn-Grieks werd geduwd. ‘Terwijl ik goed was in wiskunde. Mijn oudere broer studeerde Latijn-Wiskunde, wat ik uiteindelijk ook ging doen. Als ik toen had toegegeven, was de zaak verloren geweest. Meisjes worden gestuurd. De meeste vrouwelijke ingenieurs zijn de dochter van een ingenieur. Dat geeft aan hoe belangrijk rolmodellen zijn.’

Ik wil het graag zelf weten. Ik wil zwart op wit zien hoe hard de verkoop in India echt gaat.

Toen Rakels met haar universitaire studies computerwetenschappen begon, stelde ze vast dat alle mannelijke klasgenoten al konden programmeren. ‘Ik had op mijn 16de ook een pc gevraagd, maar kreeg er geen van mijn ouders.’ Ook vandaag kijken mensen nog af en toe vreemd op als zij, een vrouw, zich als CEO van een techbedrijf presenteert.

Na haar afscheid van het judo richtte Rakels een bedrijfje voor tuinaanleg op en werkte ze als zelfstandig software-ingenieur. De software die haar vriend Eric Lafortune, ook een software-ingenieur, gratis online zette om apps kleiner en efficiënter te maken werd onverwacht een enorm succes. ‘De software werkte toevallig ook voor Android, het mobiele besturingssysteem van Google dat toen net op de markt kwam. De klanten stroomden toe, zonder dat we daar iets voor moesten doen.’

Niet veel later opende een groot Amerikaans bedrijf een patentaanval, op geheel Amerikaanse wijze: via een groot advocatenkantoor. Het sloeg nergens op, aldus Rakels. ‘Wij waren twee ingenieurs die ons product voor een appel en een ei verkochten. Maar zo schop je grote bedrijven die actief zijn in dezelfde business snel tegen de schenen. Op dat moment besefte ik: ofwel gaan we verkopen, ofwel groeien. Anders word je opgegeten.’

Ze kozen voor groeien. ‘Voor mijn vriend was het op dat moment een hobby. Samen hebben we besloten er een bedrijf van te maken. Dat zit in mij. Interesses worden al snel obsessies, en dan ga ik voluit. Ik kan blijkbaar niet iets als een hobby doen.’

De turnster die judoka werd, heeft zichzelf nooit als ondernemer gezien. ‘Als jong meisje telde alleen de sport. Deze trein is voorbij gekomen, ik ben erop gesprongen. Anders was hij weg. Ik ben wel altijd erg zelfstandig geweest. Als judoka doe je alles alleen, als software-ingenieur werkte ik freelance. Ik moet mijn eigen baas kunnen zijn. Dit bedrijf is ook mijn vrijheid.’

Het ontbijt arriveert, met spiegelei voor Rakels. Maar zonder spek, zoals gevraagd. Als topsporter werd haar gewicht een obsessie. Om de concurrentie met de latere olympisch kampioene Ulla Werbrouck te vermijden moest Rakels een gewichtscategorie lager vechten. Dat ging gepaard met crashdiëten, joggen in vuilniszakken en overleven op magere yoghurt - alles om toch maar af te vallen. ‘Ik zoek graag de grenzen op, ik geniet ervan over de limieten te gaan. Maar op mijn 24ste kreeg ik een zware klap en heb ik lang moeten recupereren. Ik ben iemand die moet worden afgeremd, niet gepusht.’

Bij de opstart van het bedrijf ging ze opnieuw in het rood. Twee jaar lang werkten zij en haar vriend dag en nacht. ‘Ik begon ooit het weekend met een to-dolijst van 33 items. Vandaag bewaak ik mijn grenzen beter. Als ik vroeg ben opgestaan of een weekend heb doorgewerkt, kan ik in de namiddag zonder schuldgevoel een eindje gaan fietsen.’

Als er iets misloopt, reageer ik veel te emotioneel. Laat mij maar opgaan in de codes en de processen.

De grote sprong maakte Rakels na een ontmoeting met Jurgen Ingels, op een techconferentie. De durfkapitalist had net zijn fintechbedrijf Clear2Pay verkocht voor bijna 400 miljoen dollar en werd er aangeklampt als een rockster. Rakels sprak Ingels ‘niet langer dan twee minuten’, maar het volstond om hem te overtuigen.

‘Jurgen is geïnteresseerd in bedrijven met veel potentieel maar waar nog veel foutjes in zitten. Dan kan hij daaraan sleutelen. We hadden een heel goed product, maar verder hadden we nog niet veel.’ Ingels stak 250.000 euro in het bedrijf, dat verder geen externe investeerders heeft, en trok mensen aan om Guardsquare verder uit te bouwen. Hij is nog altijd aan boord als adviseur en financieel directeur.

De afgelopen vier jaar waren voor Rakels een spoedcursus ondernemen. Ze leert veel van lezingen op YouTube en probeert de juiste boeken te lezen. ‘Het meest heb ik geleerd van het boek ‘Schaamteloos delegeren’. (lacht) Mijn vriend en ik zijn programmeurs, doeners. Maar als je een bedrijf van veertig mensen leidt, moet je je eigenlijk elke keer afvragen: ‘Moet iemand anders dit niet doen?’’

Toch kan ze het niet laten. Aan het einde van de maand overloopt ze de cijfers, elk lijntje in Excel bestudeert ze. ‘Ik haal er de foutjes uit, die zijn onvermijdelijk. Maar ik wil het vooral graag zelf weten. Door met de data bezig te zijn doe ik veel ideeën op. Ik zie voortdurend nieuwe patronen. Ik zie zwart op wit hoe hard India echt aan het gaan is, hoe goed de verkoop daar loopt.’

Dat heeft ze te danken aan een sterk verkoopteam, de enige afdeling bij Guardsquare waar vrouwen in de meerderheid zijn. ‘Een meisje van Indiase origine doet India, op Zuid-Amerika zit een Braziliaanse. Ik heb geen idee waar ze het met klanten precies over hebben, maar ze sluiten de ene na de andere deal. Voor mij is het de beste drijfveer om zo veel mogelijk diversiteit na te streven, voor het hele bedrijf.’

Rakels zou graag ook vrouwelijke ingenieurs of programmeurs rekruteren. ‘Maar ze solliciteren zelfs niet.’

We naderen 10 uur. Het eitje is opgeraakt, de kop thee is leeg. Straks gaat Rakels een middagdutje doen. Daarna plant ze vergaderingen. ‘Daarvoor moet je anders productief zijn. Ik luister en probeer veel vragen te stellen.’

Of de verkiezing van Guardsquare tot snelst groeiende start-up iets heeft veranderd? ‘Het helpt enorm om de mensen die we willen aan te werven. We kunnen, met alle respect, niet iemand in dienst nemen die een cursus heeft gevolgd bij de VDAB. Dit werk is erg complex. We hebben mensen nodig die het leuk vinden om extreem ingewikkelde problemen op te lossen.’

De vaart waarmee Rakels vertelt, doet vermoeden de ze de tijd van haar leven heeft. Maar is dat ook zo? De vraag doet haar aarzelen. ‘Ik vind het enorm leuk om zoveel bij te leren. Maar een behoorlijk stuk van het plezier wordt verpest door mijn perfectionisme. Ik focus altijd heel erg op wat niet goed is, nog een erfenis van het judo. Het geheel is eigenlijk fantastisch, toch kan ik mij blindstaren op één deelprobleem.’

Om die reden communiceert ze niet met te veel mensen rechtstreeks. ‘Communicatie en coaching, dat delegeer ik. Als er iets misloopt, reageer ik veel te emotioneel. Daarvoor zijn andere mensen aan boord gekomen, die diplomatischer zijn. Laat mij maar opgaan in de codes en de processen.’

Lees ‘Ontbijt met De Tijd’ ook op www.tijd.be/ontbijt

Lees verder

Advertentie
Advertentie