interview

Paul De Grauwe: ‘Er zit een missionaris in mij'

©timothy foster

Op zijn 71ste neemt hij voor het eerst een sabbatical. De economieprofessor en man van de vele meningen heeft geleerd van het leven te genieten. Een beetje, toch. Ontbijt met De Tijd.

Jarenlang verliepen de ochtenden van Paul De Grauwe (71) volgens een strak ritueel: voor dag en dauw uit de veren, een halfuur joggen, de kinderen naar school brengen en dan aan de studie, het onderzoek of naar de les. Tegenwoordig durft de professor economie tot zeven uur in bed te liggen. ‘Een mens wordt iets ouder. Mijn vrouw klaagt in elk geval nog altijd dat ik te veel werk.’

Ontbijt met De Tijd

Londen, 9.30 uur, in restaurant The Delaunay.

Met Paul De Grauwe praten we over de Engelse kust, autistische economen en zijn Chinese schoonmoeder.

We ontmoeten De Grauwe, donsjas tegen de bijtende kou en The Times onder de arm, in The Delaunay, een restaurant in de theaterbuurt van Londen. Zakelijke gezelschappen en families schuiven er aan voor een copieus ontbijt, geserveerd door obers in witte hemden en zwarte gilets.

‘Een full English is me te zwaar’, beslist de professor nadat hij de kaart heeft bestudeerd. We bestellen - het lijkt post-brexit wel vloeken in de kerk - een ‘French bakery breakfast’, een assortiment koffiekoeken. De Grauwe vraagt er gebakken eitjes en een fruitsalade bij.

Eiland in land van de brexit

The Delaunay ligt om de hoek van de London School of Economics (LSE), waar De Grauwe voor het leven is aangesteld sinds de KU Leuven hem in 2012 met emeritaat stuurde. De professor komt fris van de trein uit het kuststadje Folkestone, waar hij woont met zijn vrouw, een Chinese econome.

‘We betalen een derde van de prijs van ons vorige pietluttige appartementje in Londen, voor een huis aan zee op minder dan een uur van de stad. We wandelen er op het strand langs de prachtige kliffen. Dat is wat anders dan de Belgische kust. Voor de culinaire hoogtepunten moet je wel niet in Folkestone zijn. Daarvoor komen we naar Londen.’

©Timothy Foster

In Londen, sowieso al een eilandje in het land van de brexit, zit De Grauwe in een eurofiele bubbel: hij doceert aan het Europees Instituut, in een extreem internationale omgeving, omringd door academici. Heeft zijn nieuwe woonplaats hem wel iets geleerd over de verzuchtingen van de gewone Engelsman, de mensen die ‘leave’ hebben gestemd?

‘Ik heb weinig persoonlijke contacten. We wonen tussen de expats en de pendelaars. Maar ik zie wel dat het leven er anders is, Folkestone heeft ook voor de brexit gekozen.’

De brexit gaat ook over polarisering, zegt hij. ‘Tussen de gestudeerde, kosmopolitische, pro-Europese bevolking en de Britse lage middenklasse, die het systeem niet fair vindt. Op straat in Folkestone hoor ik toch meer de taal van de lower middle class. Dat is heel frappant: een Brit doet zijn mond open en je hoort meteen of hij heeft gestudeerd. Bij ons is dat veel minder uitgesproken.’

Van asceet naar levensgenieter

De Grauwe, een wijnliefhebber, liet ooit optekenen dat hij geen tijd had om de vele fijne wijnbars van Londen te bezoeken omdat hij altijd werkte. Is de asceet met de jaren een levensgenieter geworden? ‘Een beetje’, klinkt het voorzichtig. ‘We gaan meer naar het theater en naar tentoonstellingen, al ligt dat vooral aan het enorme aanbod. Zoals nu, Modigliani in Tate Modern: fantastisch!’

De hoogste erfenissen moeten we afpakken.
Paul De Grauwe
Econoom

Hij nam zelfs een sabbatical, voor het eerst in zijn 44-jarige academische carrière. ‘Omdat LSE het om de zeven jaar aanbiedt’, relativeert hij. ‘Ik word betaald maar hoef geen les te geven. Ze hebben er vertrouwen in dat het ook oplevert, even loslaten.’

Niet dat De Grauwe zijn sabbatjaar gebruikt om te reizen, te aquarellen of te mediteren. Hij wijdt zich volledig aan onderzoek en werkt onder meer aan een macro-economisch model dat rekening houdt met pessimisme en optimisme.

‘Het neoklassieke, dominante model in de macro-economie gaat uit van hyperrationele individuen, die op basis van alle beschikbare informatie altijd de beste keuzes maken. Het is eigenlijk een model voor autisten, het houdt geen rekening met emoties. Maar er spelen ook psychologische factoren die de markten in een richting kunnen drijven. Zeepbellen, een koersontwikkeling die losstaat van fundamentele economische variabelen, ontstaan als mensen euforisch worden. Kijk maar naar de bitcoin.’

Rekenmachine

Lang geleden, toen De Grauwe nog een ‘marktfundamentalist’ was, dacht ook hij met de rekenmachine de markt te kunnen voorspellen. Het waren de vroege jaren tachtig en hij doceerde in de Amerikaanse staat Michigan.

‘De dollar was aan een opmerkelijke stijging bezig. Ik had de koopkracht-pariteitstheorie bestudeerd en verwachtte op basis daarvan een koersval van 20 à 30 procent. Ik wist hoeveel ik als prof zou worden uitbetaald, dus ik sloot een termijncontract met de bank voor een paar duizend dollar. En die dollar bleef maar stijgen. Zes maanden later heb ik gedwongen verkocht voor een prijs die 10 procent lager lag dan wat ik er op dat moment cash voor zou krijgen.’

©timothy foster

Die koersval is er overigens wel gekomen, voegt hij eraan toe. ‘Alleen gebeurde dat drie jaar te laat. Toen heb ik geleerd dat je de wisselkoers niet kan voorspellen.’

Met de jaren werd De Grauwe steeds feller in zijn kritiek op de ‘crisis van het kapitalisme’, zoals hij het in zijn jongste boek noemt. ‘De limieten van de markt’ kaart ongelijkheid aan, milieuvervuiling, welvaartsconcentratie en haar corrumperende effect op de democratie. Vorig jaar kwam de Engelse vertaling uit en selecteerde de Britse zakenkrant Financial Times het boek als een van de beste economische werken van het jaar.

Ergernis liberalen

In ons land kreeg De Grauwe lof uit linkse hoek. Maar met zijn pleidooi voor het fors aftoppen van CEO-salarissen en een progressieve vermogenstaks oogstte hij bij zijn vroegere liberale vrienden vooral ergernis.

Is hij zich ervan bewust dat hij polariseert? Hij zegt van niet. ‘Ik ben honderd procent voor het liberale, kapitalistische systeem maar we zien toch in veel landen dat het er niet in slaagt grote delen van de bevolking in de vruchten van de vooruitgang te laten delen.’

Ik sta voor een liberalisme met vrijheid voor zo veel mogelijk mensen, niet alleen voor de geprivilegieerden.
Paul De Grauwe
Econoom

Zijn houding leidt geregeld tot flinke confrontaties met Open VLD, de partij waarvoor hij in de jaren negentig op verzoek van Guy Verhofstadt bijna tien jaar actief was. Vandaag gaat De Grauwe geregeld in de clinch met voorzitster Gwendolyn Rutten, onlangs nog met haar pleidooi voor de afschaffing van de erfbelasting.

‘Ik sta voor een liberalisme met vrijheid voor zo veel mogelijk mensen, niet alleen voor de geprivilegieerden. Als Gwendolyn Rutten zegt dat de erfbelasting een aantasting is van het eigendomsrecht en van de vrijheid, dan vraag ik me af waar we mee bezig zijn. Erfenissen die van de ene generatie op de andere overgaan, waarbij heel grote vermogens in de schoot worden geworpen van kinderen die daar absoluut niets aan hebben bijgedragen, creëren een grote ongelijkheid van kansen. Daar ben ik als liberaal tegen. Voor de hoogste erfenissen zou ik bijna durven te zeggen dat ze afgepakt moeten worden. Om te beletten dat er hereditaire plutocratieën ontstaan. De concentratie van rijkdom is vandaag een reëel politiek gevaar. Kijk naar de Verenigde Staten, waar miljardairs de politiek domineren.’

33 jaar jonger

Wat weinigen weten: de naam die zo vaak naast de zijne staat op wetenschappelijke publicaties, is die van zijn vrouw, Yuemei Ji. ‘Wij slagen er inderdaad goed in ook beroepsmatig samen te werken. Al levert het ook stevige discussies op’, monkelt hij.

De snelheid van verandering in China is gigantisch. In hun dagelijkse leven zijn de Chinezen redelijk vrij om te doen wat ze willen.
Paul De Grauwe
Econoom

Zijn vrouw is 33 jaar jonger, en komt als academicus pas kijken. Is dat wel een discussie tussen gelijken? ‘De academische wereld werkt niet zoals de politiek. Politiek is pingpong, punten scoren. Dat doe ik ook graag, maar mijn vrouw wil ik niet overtroeven. Ik wil leren van haar en zij van mij. Wij discussiëren om tot inzicht te komen. Het zou maar saai zijn als ik altijd gelijk heb.’

De Chinese welvaartssprong in één generatie is duizelingwekkend. Is zijn vrouw niet het beste bewijs van hoe goed kapitalisme werkt? ‘Jazeker, het optimisme in China is enorm. Ik ben zelf opgegroeid in de jaren zestig, met de verwachting dat ik het beter zou hebben dan mijn vader. De economie groeide toen ook met 4 à 5 procent. In China is de groei nog groter. Mijn schoonmoeder heeft haar pensioen al meermaals zien stijgen, met meer dan de inflatie. Uiteraard ziet die vrouw de toekomst rooskleurig.’

Gebrek aan democratie

Ondanks de enorme ongelijkheid, de verstikkende smogproblematiek en de stevige repressie? ‘China kent grote ongelijkheid maar tegelijk zijn honderden miljoenen mensen uit de extreme armoede getild. In de VS heeft de helft van de inkomens geen groei meer gekend sinds 1980, terwijl het bruto binnenlands product verdrievoudigde. De ongelijkheid zit er anders in elkaar. De snelheid van verandering in China is gigantisch. In hun dagelijkse leven zijn de Chinezen redelijk vrij om te doen wat ze willen. De politieke legitimiteit van de regering is ook groot, ondanks het gebrek aan democratie. De meeste Chinezen, ook mijn vrouw, vinden dat de regering goed werkt. Hier zien we het omgekeerde: er is welvaartscreatie maar die wordt niet goed verdeeld. De manier van beslissen is weinig efficiënt, en de politiek verliest aan legitimiteit.’

©Timothy Foster

Lang dacht hij dat China automatisch zou democratiseren, als een economische wetmatigheid haast. ‘In de huidige fase is zo’n autoritair systeem handig want een groot deel van die ontwikkeling komt uit het importeren van technologie. Je hebt slechts beperkte creativiteit nodig. Als ze zelf op de grenzen van de groei botsen, hebben ze die creativiteit wel nodig en dan moet je mensen vrij laten. Ik heb lang gedacht dat ze wel zullen evolueren naar een democratie, zo is het ook gegaan in Japan en Zuid-Korea. Intussen twijfel ik daaraan. Het is zo’n groot land, hoe kan je dat besturen? Kijk naar de VS, dat is onbestuurbaar geworden door het antagonisme en de polarisering.’

Geloofwaardigheid

De Grauwe groeide op in het Brusselse, in een traditioneel gezin van zeven, bestierd door ‘zeer katholieke’ ouders. Terwijl zijn medestudenten eind jaren zestig op straat de revolutie uitriepen, zat Paul De Grauwe op zijn kamertje te lezen. ‘Ik ben heel lang zeer conformistisch geweest. Maar als academicus heb ik altijd graag opinies en columns geschreven en in het publieke debat gestaan.’

Op een bepaald moment was hij de meest geciteerde expert op de VRT, over de meest uiteenlopende onderwerpen. Blijft hij als academicus geloofwaardig? De Gauwe, onverstoord: ‘Ik heb daar nooit enige vijandigheid over ervaren. Ik wil geen vakidioot zijn. Als ik een leuk idee heb, en ik ben ervan overtuigd dat het een goed idee is, wil ik het grote publiek daar ook van overtuigen. Het zal de missionaris in mij zijn. Dat heb ik dan toch geërfd uit mijn jeugd.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content