interview

Thom Pelckmans ‘Ik ga de weg niet plaveien voor mijn kinderen'

©SISKA VANDECASTEELE

Na twee mislukte uniefjaren bleef hij plakken in het familiebedrijf. Vandaag leidt hij een van Vlaanderens grootste zelfstandige uitgeefhuizen. Ontbijt met De Tijd.

Jarenlang was Thom Pelckmans (46) een niet-ontbijter. Maar sinds kort werkt hij op streng advies van zijn dokter elke ochtend twee sneden brood naar binnen voor hij naar een van de drie kantoren van zijn uitgeefbedrijf vertrekt. Dat is niet de enige reden waarom hij tijdens dit gesprek niet zal eten. ‘Ik kan moeilijk praten en eten tegelijk.’

We zitten elf hoog in de WATT-toren aan het Koning Albertpark, in een vergaderzaaltje van Pelckmans Uitgeverij. Een donkergrijze wolk heerst over het Antwerpse luchtruim. Binnen hangt een reusachtige houtskooltekening in zwart-wit van Rinus Van de Velde. Pelckmans is fan. Elders op de etage hangen nog vier werken van de beeldend kunstenaar. Ook zijn medewerkers in Kalmthout kijken dagelijks op een Rinus Van de Velde.

‘Ik hou van de eenvoud van zijn techniek, in combinatie met de teksten die Rinus onder zijn tekeningen schrijft. Zijn werken passen ook voortreffelijk bij de witte muren en de zwarte meubels.’

Ontbijt met De Tijd

Antwerpen, 9.25 uur,  in een vergaderzaaltje van  Pelckmans Uitgeverij. Met Thom Pelckmans praten  we over een leven tussen boeken, en tussen werken van Rinus Van de Velde. 

Lees ‘Ontbijt met De Tijd’ ook op www.tijd.be/ontbijt 

Pelckmans slaat een eerste aanbod af om een boterkoek van het schoteltje te nemen. Thuis in Kapellen werd vroeger nochtans goed ontbeten, vertelt hij. Het ouderlijk huis lag naast de uitgeverij van de familie. Zijn vader, die samen met zijn broer het bedrijf van hun vader overnam, moest zich ’s morgens dus niet haasten om de files voor te zijn. Hij kwam elk dag over de middag thuis eten. Samen met zijn jongere zus groeide Thom min of meer in de uitgeverij op. In de weekends speelden ze verstoppertje tussen boekenstapels of raceten met hun fiets door het magazijn.

Toevallig

Zijn zus ging in de zorgsector werken, hij trad in 1995 in de voetsporen van zijn vader en oom en bouwde Pelckmans uit tot een referentie-uitgeverij voor educatieve en algemene boeken en het tweede grootste zelfstandige uitgeefhuis van Vlaanderen na Lannoo. Stond de opvolging in de sterren geschreven? ‘Hoegenaamd niet. Ik besef dat het wellicht niet geloofwaardig klinkt, maar ik ben er toevallig in gerold.’

Boeken waren een vanzelfsprekendheid. Zijn grootvader had een huisbibliotheek van 40.000 boeken. ‘Mijn vaders werk was ook heel zichtbaar thuis, omdat het zo dichtbij was. Bij ons is dat anders. Mijn kinderen komen hier bijna nooit. Ze zijn met andere dingen bezig, en dat wil ik zo houden. Ze moeten hun eigen weg zoeken.’

Ik moet naar niemand kijken en op niemand wachten. Die vrijheid is onbetaalbaar.

En wat als het probleem van zijn opvolging zich aandient? Negen op de tien familiebedrijven overleven de derde generatie niet. ‘Dan zal ik luisteren naar mijn kinderen. Ik ga de weg voor hen niet plaveien, dat hebben anderen voor mij ook nooit gedaan.’

Op de universiteit liep het niet voor Pelckmans. In zijn bisjaar rechten gaf hij er vlak voor de eindexamens de brui aan. ‘Ik ging bij mijn vader werken met het idee dat ik drie maanden later een andere studie zou beginnen. Ik ben nooit meer weggegaan. Het bedrijf was een stuk kleiner, er werkten zo’n dertig mensen (vandaag zijn dat er honderd, red.), uitstekende mensen die me alle ruimte gaven me te ontplooien. Voor ik het wist, werd ik meegezogen in de opwindende dynamiek van het maken, uitgeven en delen van boeken.’

Voor hij het wist had hij ook het stuur overgenomen van zijn vader. 24 was hij, amper vier jaar nadat hij zijn studies had afgebroken. ‘Natuurlijk was dat jong. Maar ik heb altijd veel vertrouwen en vrijheid gekregen. Ik was uitstekend omringd. Als er iets niet liep of er waren moeilijkheden, kon ik terugvallen op mijn vader, zijn broers of mijn opa. Intern waren er ook enkele mensen bij wie ik altijd terecht kon. Vandaag gebeuren de meeste dingen nog altijd in nauw overleg met al mijn teams, maar finaal hak ik in mijn eentje de grote knopen door. Ik moet naar niemand kijken en op niemand wachten. Die vrijheid is onbetaalbaar.’

©SISKA VANDECASTEELE

Het cliché wil dat een ondernemer aan de top van een familiebedrijf zich vaak geïsoleerd voelt. Weegt het dan nooit? ‘Soms voel ik me eenzaam, ja, mis ik iemand van de familie. Maar dat gevoel weegt niet op tegen het grote gevoel van voldoening dat we met ons werk een maatschappelijke bijdrage leveren. Zoals in overleg met tientallen enthousiaste leerkrachten en auteurs lesmateriaal maken voor een nieuw leerplan in het onderwijs. Of wanneer we zoals volgende week met duizend titels de Boekenbeurs mogen openen.’

Boekenbeurs

Met die Boekenbeurs gaat het al heel wat jaren de verkeerde kant uit. De bezoekcijfers zijn in vrije val. Op het hoogtepunt, in 2011 en 2012, zakten elke herfstvakantie zo’n 170.000 mensen af naar Antwerp Expo. Sindsdien zijn het er bijna elk jaar minder. Vorig jaar sloot de Boekenbeurs af met 120.000 bezoekers, een dieptepunt.

Hoewel de beurs een beeld van een oubollige, ongezellige en dure bedoening oproept, blijft Pelckmans haar verdedigen. ‘Het blijft een uniek evenement. In Nederland zijn ze nog altijd jaloers op de manier waarop de Boekenbeurs het boek tien dagen in de schijnwerpers zet. Er mag dan minder volk komen, de gemiddelde beursbezoeker is heel gemotiveerd. Wie komt, loopt doelgericht rond. Is het niet om te kopen, dan nemen mensen notities van titels die ze nadien misschien in de boekhandel of de bibliotheek gaan halen.’

Pelckmans geeft wel toe dat er te laat met de vernieuwing is gestart. ‘Maar ik zie beterschap. De boekenbeurs was niet goedkoop, en ze biedt nu toch een familyticket aan. Het ‘evenementiële’ neemt ook toe, er komen dit jaar meer internationale sprekers. Dat een powerhouse als het Havenbedrijf Antwerpen zich achter de beurs schaart, helpt om met een positieve blik naar de toekomst te kijken.’

Maar of de ingrepen volstaan om de Boekenbeurs haar glans van weleer terug te geven? Daarvoor is meer nodig. Mensen moeten opnieuw meer boeken kopen. Het boekenvak werd de voorbije jaren geconfronteerd met behoorlijk wat turbulentie. Sinds 2010 kende de Vlaamse markt een krimp van zo’n 15 procent. De belangrijkste reden is de ontlezing, als gevolg van onze schermverslaving aan de smartphone. Volgens leesvaardigheidsonderzoeken is het probleem het grootst bij jongeren tussen 15 en 18 jaar.

Mijn vader leerde me nooit te panikeren.

‘Jongeren lezen nog, maar korter en sneller. Ze lezen wel minder boeken. Dat baart me grote zorgen als uitgever. De oplossing? Heel vroeg ingrijpen. Kleine kinderen scoren in Vlaanderen beduidend lager op begrijpend lezen dan kinderen uit onze buurlanden. Uit de meeste onderzoeken blijkt dat jonge kinderen in Vlaanderen in hun eerste levensjaren te weinig in contact komen met verhaaltjes. Daar is niet alleen een rol weggelegd voor het onderwijs. Ook de ouders en grootouders dragen een verantwoordelijkheid.’

Hij zwaait met een brochure en legt die naast zijn lege ontbijtbord. Het is een best of van voorleesverhalen die ouders of grootouders op een website kunnen bestellen. Ze krijgen dan één keer per maand een verhalenbundel toegestuurd. Een papieren rustmoment voor de kleinsten na een dagje digitale drukdoenerij? ‘Een verhaal dat op papier wordt gelezen blijft nog altijd langer hangen.’

Verbreding

Kwam daar even de leerkracht in de uitgever naar boven? Pelckmans kan moeilijk verbergen uit een familie van educatieve uitgevers te stammen. Nochtans heeft hij het bedrijf de voorbije jaren in een andere richting geduwd. Pelckmans had lange tijd een behoorlijk ontwikkeld algemeen boekenfonds, tot die uitgeeftak in de jaren negentig zwaar in de schaduw werd gesteld door de educatieve afdeling.

©SISKA VANDECASTEELE

Dat evenwicht is intussen hersteld. Het uitgeefhuis verbreedde zijn portefeuille met imprints Van Halewyck, Polis en Pelckmans Pro en nam met Abimo een concurrent in jeugdboeken over. Tien jaar geleden kwam maar 10 procent van de omzet uit het algemene boek, vandaag is dat 25 procent. De verbreding hield risico’s in, omdat de markt van algemene boeken op dat moment - en nog altijd - door woelige wateren ging.

Het was investeren of afbouwen, zegt Pelckmans. ‘In het alternatief - stoppen met algemene boeken - had ik geen zin. Daarvoor lees ik te graag goede literatuur en boeken over politiek en maatschappij. Ik ben ook iemand die af en toe nieuwe uitdagingen nodig heeft. Ik had gehoopt vandaag verder te staan met de algemene uitgeverij, maar mede door mijn vader ben ik daar redelijk geduldig in.’

Panikeer nooit. Dat is de belangrijkste ondernemersles die hij van zijn vader heeft geleerd. ‘Als ondernemer stond mijn vader voor voorzichtigheid en standvastigheid: ‘Let op met investeren, zie dat je je niet overtilt, blijf consequent achter genomen beslissingen staan.’ Als mens was hij niet altijd de gemakkelijkste. Hij kon erg opvliegend en bazig zijn. Ik denk dat ik een rustiger karakter heb, al was ik ook wel een ongedurig kind dat moeilijk kon stilzitten. (lachje) Een geluk, achteraf gezien, dat we elkaar niet te lang voor de voeten hebben gelopen in de uitgeverij.’

Nu weet hij: ‘Een leider moet sereniteit uitstralen, zodat zijn medewerkers weten dat belangrijke beslissingen niet van de ene dag op de andere worden teruggedraaid. Natuurlijk zijn een krimp in de markt en een onderwijsvernieuwing moeilijk. Maar als je zulke uitdagingen doordacht en beheerst aanpakt, is de kans groter dat je ze te boven komt.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie