Valerie Trouet: ‘De economie geeft mij hoop voor het klimaat’

©Dries Luyten

Ze kijkt naar bomen om de toestand van de planeet af te lezen. ‘Onderschat de motivatie om aan een complex probleem te kunnen bijdragen niet.’ Ontbijt met De Tijd.

Het is 17 uur op een vrijdag, de week loopt ten einde en de avond valt, en ik ga zitten voor het ontbijt. Dat komt omdat het aan de andere kant van het Skype-gesprek 9 uur in de ochtend is. De zon valt binnen in de woonkamer van Trouet in Tucson in de Amerikaanse staat Arizona, deze week breed in het nieuws als een van de politieke frontlijnen van de Verenigde Staten. Trouet doceert en onderzoekt aan de lokale universiteit, al is ook voor haar bijna alles thuis en van op afstand te doen dezer dagen.

Ontbijt met De Tijd

Antwerpen/Tucson, 17 uur.

Met Valerie Trouet, dendrochronologe aan de University of Arizona, praten we over bomenonderzoek, klimaatwetenschap en sequoia’s in Californië.

Iedereen schoof als kind wel eens met de vinger over een doorgesneden boomstam om de jaren te tellen. Trouet maakte er haar carrière van. De 45-jarige Leuvense is een wereldvermaarde dendrochronologe: ze leest jaarringen van bomen en de schat aan informatie die ze opslagen. Elk jaar groeit rond de stam een nieuwe cirkel hout en elke unieke ring vormt een code die ons iets leert over dat jaar. ‘Jaarringen geven ons een kans om terug te reizen in de tijd’, zegt Trouet, tussen twee happen van haar toast met appel en walnoten door. ‘Sorry, het ontbijt is superbelangrijk voor mij. Ik kan niet praten met een lege maag.’

Mijn concept van een bos was vroeger: bomen in mooie rechte lijnen die 200 jaar groeien, zoals in de Ardennen. En dan kom je in Californië.

Jaarringenonderzoek laat toe om peperdure Stradivarius-violen exact te dateren. Of om te arbitreren in discussies over welke versie van een paneel van Rogier van der Weyden uit de 15de eeuw het origineel is en welke de kopie. Maar helemaal interessant is het, en daar ligt precies de specialisatie van Trouet, om aan de hand van jaarringen het klimaat uit het verleden te bestuderen. Een van de basisprincipes is: een nat jaar in een bepaalde streek geeft bredere ringen, een droog jaar smallere, want minder water is gelijk aan minder energie om te groeien. Maar jaarringen kunnen ook temperatuurschommelingen, vulkaanuitbarstingen, aardbevingen of bosbranden capteren. ‘You name it, we have it. Ik vind het eindeloos fascinerend.’

Door jaarringenonderzoek weten we dat er in de middeleeuwen, tussen 900 en 1250, een tijdelijke en beperkte opwarming was in Europa en dat die in de rest van de wereld niet voorkwam. Die ontdekking tackelde een argument van de klimaatsceptici, die volhouden dat de huidige globale opwarming puur een cyclisch natuurfenomeen zou zijn waar de mens geen schuld aan heeft. ‘Ons werk kreeg voorspelbare kritiek van de ontkenningsbrigade. Dat is niet verwonderlijk, want ze voelen zich daardoor bedreigd. We komen met data af die moeilijk te ontkennen zijn.’

Spotlight op wetenschappers

Trouet spoelt haar toast door met koffie uit een grote kop uit Bonn, waar ze ooit, een half leven geleden, op Erasmus ging. Ze heeft weinig geduld voor wie de ernst van het klimaatprobleem niet onder ogen wil zien. Is het niet jammer dat de covidpandemie de wind grotendeels uit de zeilen heeft genomen van de klimaaturgentie die er vorig jaar nog wel leek te zijn? ‘Goh, dat hangt af van waar je bent. Met de hittegolven, bosbranden en orkanen lijkt het hier soms dat eerder de coronacrisis naar de achtergrond verdwijnt. Maar het probleem is niet zozeer dat er te weinig bewustzijn zou zijn voor het klimaatprobleem. Uiteraard is het voor beleidsmakers nu alle hens aan dek in de covidcrisis. Waar klimaatwetenschappers altijd schrik voor hadden is een opeenstapeling van crisissen die het steeds moeilijker maken om op te treden. We hadden het 20 jaar geleden moeten doen, toen was het nog makkelijk.’

Een kleine silver lining aan corona is dat wetenschappers volop in de spotlights staan om een groot probleem uit te leggen. Tegelijk is het zaak dat wetenschappers hun communicatie op peil brengen, zegt ze. ‘Opvallend: bij mijn doctoraatsstudenten is daar heel veel vraag naar, om te leren communiceren. Ze volgen daar extra vakken over, veel meer dan vroeger. Ze snappen heel goed dat je als expert niet meer in je ivoren toren kan zitten. Dat je niet alleen je wetenschap moet bedrijven, maar die ook moet uitleggen aan een breed publiek, met alle kwetsbaarheden.’

Als je subtiel doet, wordt er niet naar je geluisterd. Als je niet subtiel doet, wordt je als alarmist weggezet.

De clash tussen experts en beslissingnemers, zoals die in de adviesorganen over de coronacrisis gebeurt, vindt ze heel herkenbaar. ‘Zonder wederzijds vertrouwen lukt het niet. Dat is in de klimaatwetenschap al decennia zo. Ik heb voor de klimaatwetenschap gekozen omdat ze een maatschappelijk relevant probleem behandelt. Anderen kiezen voor de fundamentele wetenschap, en ik heb daar ontzettend veel respect voor, maar dat is niet mijn ding. Ik denk dat het bij epidemiologen ook zo is: de keuze voor een veld met een enorme impact. Onderschat de motivatie om aan een complex probleem constructief te kunnen bijdragen niet.’

©Dries Luyten

Dit jaar publiceerde Trouet ‘Wat bomen ons vertellen’, een populair boek waarin ze haar liefde voor het vak uitlegt. ‘Ik wou aan het brede publiek tonen welke mooie ontdekkingen we met wetenschap kunnen doen. Dat het niet elitair of saai is. Bomen en jaarringen lenen zich daar perfect toe, want ze zijn tastbaar en herkenbaar. Het is geen abstracte studie van een ver melkwegstelsel of zo.’ Tegelijk was het zich terugtrekken om te schrijven een manier om even naar adem te happen. ‘Ik nam een sabbatical en wou me even niet meer verdiepen in het klimaat en waarom er niet meer aan gedaan wordt.’

Want dat gaat wel eens frustreren. ‘De wetenschappelijke gemeenschap is al 40 jaar niet-alarmerend aan het zeggen: excuseer, er is een probleem, misschien moeten we er iets aan doen, maar verder geen paniek hoor. Maar dat heeft nu eens echt geen enkel effect gehad. Als je subtiel doet, wordt er niet naar je geluisterd. Als je niet subtiel doet, word je als alarmist weggezet. Dat is een heel dunne lijn om op te lopen.’

Het is een illusie te denken dat we met bomen planten die miljoenen jaren aan koolstof uit te lucht halen.

Toch is ze hoopvol. ‘Meer dan tien jaar geleden mislukte de befaamde klimaattop van Kopenhagen. Nu zijn het heel interessante tijden, en geven de economische ontwikkelingen me hoop. Ik had nooit verwacht dat we met zo'n hoge snelheid switchen naar hernieuwbare energie. Kijk naar hoe het gebruik van kool en gas afneemt. Kijk naar hoe de aandelen van fossiele brandstoffen bewegen, en de tegenovergestelde richting die bedrijven in hernieuwbare energie uitgaan. Dat gaat niet meer keren. Waar de economie heen gaat, daar moet de politiek ook heen. Dat is een kwestie van tijd.’

Alleen wordt het debat over die energietransitie te veel gekaapt door een hypergevoelig thema: kernenergie. Trouet noemt zichzelf pragmatisch. ‘Ik hou er niet van. We kennen de risico’s. Maar bij fossiele brandstoffen is het simpel: die kunnen geen optie meer zijn. Het is dus een keuze tussen een beredeneerd risico op de korte termijn en een groot probleem. Maar ik stel vast dat sommigen kernenergie verdedigen zodat ze een excuus hebben om niets aan het klimaat te moeten doen. Je moet kernenergie niet tegen hernieuwbare bronnen afwegen, maar tegenover fossiele. Het is een gepolariseerd thema en sommigen maken daarvan gebruik. Terwijl er meer laaghangend fruit is.’

Zoals? ‘Stoppen met ontbossing, in de tropen vooral. Over het aanplanten van bossen als klimaatoplossing ben ik kritischer. Dat mag niet als een gemakkelijke oplossing worden aangebracht. Het klimaatprobleem wordt veroorzaakt door verbranding van fossiele brandstoffen. Die komen van planten die over miljoenen en miljoenen jaren door de koolstofcyclus in de grond zijn gekomen. Dan is het een illusie te denken dat we met bomen planten die miljoenen jaren aan koolstof uit de lucht halen.’

Californische wierookceder

Trouet komt uit een academisch nest waar de wetenschap tussen de muren van het ouderlijke huis hing. Ze krabbelde als kind op het kladpapier vol chemische formules van haar vader, die kankeronderzoeker was aan de KU Leuven. Maar dat ze van bomen en hun jaarringen haar levenswerk zou maken, is een toevallig gevolg van een avontuurlijk thesisonderwerp. Bijna alle onderwerpen waren ingepikt, maar één prof had nog wat liggen: jaarringenonderzoek bij de isoberlinia tomentosa, een boomsoort die veel voorkomt in Tanzania. ‘Toen ik terugkwam en de stalen voor het eerst onder de microscoop zag, had de liefde voor hout mij echt te pakken. Een levend materiaal, al zo lang gebruikt door mensen, en anatomisch een combinatie van functionaliteit en schoonheid en ingewikkelde details.’

Een bijkomend voordeel van de job: ze deed al veldwerk op de mooiste plaatsen op de aardbol: Siberië, Noord-Afrika, het westen van de Verenigde Staten. Want de beste en oudste bomen liggen op de hoogste en meest afgelegen plaatsen. Ze ontdekte samen met collega’s de oudste bekende  boom van Europa, een Bosnische den in het Pindusgebergte in Griekenland. Die is 1.075 jaar oud, al kan dat ook meer zijn, want bij het laatste bezoek was de boor om stalen te nemen niet lang genoeg.

Helaas gebeurt dat veldwerk nu vooral door haar studenten en zit ze zelf gekluisterd aan bureau en labo. Het is al enkele jaren geleden dat ze eropuit trok, en het kriebelt serieus. De bedoeling was deze zomer naar China te trekken voor bosbrandresearch, maar toen kwam het virus. De mooiste boom die ze al tegenkwam, is de wierookceder in Californië, een tot 60 meter hoge conifeer die een typische geur geeft. ‘De Sierra Nevada was mijn eerste kennismaking met wildernis. De afstanden, de omvang van het bos: dat kennen we in België niet. Mijn concept van een bos was vroeger: bomen in mooie rechte lijnen die 200 jaar groeien, zoals in de Ardennen. En dan kom je in Californië en zie je sequoia’s en andere duizend jaar oude bomen en trek je dagen rond zonder iemand tegen te komen. Dat is pas inspirerend en het waard om voor te vechten.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie