in memoriam

Michael Harari | De Israëlische spion die Palestijnse terroristen de toorn van God liet voelen

‘Het gros van wat Mike Harari als Mossad-strijder en -commandant deed voor de veiligheid van Israël, is niet publiek bekend, en zal ook nooit bekend worden. Maar iedereen die hem kende, zal begrijpen dat we praten over een man die uitzonderlijke, grensverleggende operaties uitvoerde met een moedig hart en creatieve dapperheid.’ Met die wat schimmige laudatio bracht de Israëlische minister van Defensie Moshe Ya’alon gisteren een laatste groet aan Michael Harari, die zondag op 87-jarige leeftijd is overleden. Controverse en mythevorming zijn nu eenmaal wat een topspion omgeven.

Harari begon zijn lange spionagecarrière als tiener in het Britse mandaatgebied Palestina, waar hij deel uitmaakte van de elite-eenheid Palmach die een ondergrondse strijd voerde voor een eigen Joodse staat. Zo werd hij na WO II verantwoordelijk voor de illegale migratie van honderden Holocaust-slachtoffers richting het latere Israël. Adelbrieven die hem de komende decennia zouden opstuwen in de hiërarchie van de Mossad.

Nadat de Palestijnse terreurgroep Zwarte September tijdens de Olympische Spelen van 1972 in München elf leden van de Israëlische delegatie had gegijzeld en vermoord, kreeg Harari de taak het Joodse volk te wreken. Via Operatie Toorn van God zou zijn ‘Kidon’-eenheid - Hebreeuws voor ‘speerpunt’ - tal van vermoedelijke daders en medeplichtigen van het Münchense bloedbad opsporen en uitschakelen. Een jarenlange, clandestiene missie waarmee Harari bij de Mossad een legendarische status verwierf, maar tevens de notoir efficiënte Israëlische geheime dienst zeldzaam gezichtsverlies deed lijden.

In 1973 was Harari’s team Ali Hassan Salameh op het spoor gekomen. Het hoofd van Zwarte September verbleef naar verluidt in het Noorse ski-oord Lillehammer. Daar werd hij in koelen bloede met vier kogels gedood. Al snel bleek echter dat de onschuldige Marokkaanse ober Ahmed Bouchiki, die met zijn hoogzwangere vrouw huiswaarts keerde na een bioscoopbezoek, voor Salameh aangezien was. Harari bood zijn ontslag aan, wat toenmalig premier Golda Meir weigerde. Uiteindelijk duurde het tot 1979 voor Salameh, met een bomauto in Libanon, echt uitgeschakeld kon worden.

In 1976 verzamelde Harari’s eenheid cruciale informatie over wat zich afspeelde op de Ugandese luchthaven van Entebbe. Daar hadden Palestijnse strijders een toestel met ruim honderd Joodse passagiers gekaapt. Dankzij Harari’s input konden de meeste gijzelaars bevrijd worden, al liet Yonatan Netanyahu, de broer van huidig premier Benjamin Netanyahu, bij Operatie Bliksemschicht wel het leven.

Zijn loopbaan sloot Harari af als hoofd van de Latijns-Amerikaanse Mossad-divisie, waarna hij nog een keer van zich liet spreken. Volgens sommigen kluste de gepensioneerde Harari bij als adviseur van de Panamese dictator Manuel Noriega. In een televisie-interview ontkende hij elke betrokkenheid. Het was een zeldzaam publiek optreden van de spion, dat nog wat meer mist rond zijn figuur spuide.

Advertentie
Advertentie
Advertentie