analyse

Deceuninck maakt vuist tegen Britse reus Ineos

Deceuninck-CEO Francis Van Eeckhout zette door met het plan om pvc-raamprofielen te recycleren, ondanks de falende productie. ©Emy Elleboog

De West-Vlaamse pvc-profielenmaker gaat met een nieuwe fabriek in tegen de almacht van de pvc-leverancier Ineos.

Deceuninck heeft in Diksmuide een nieuwe recyclagefabriek opgestart. Op termijn zal hij daar meer dan 2 miljoen afgedankte pvc-ramen verwerken tot nieuwe grondstoffen. Goed voor het milieu én voor de portefeuille van het bedrijf, dat zich tegen de machtige pvc-leveranciers wapent.

Deceuninck begon zes jaar geleden - onder de vorige CEO - al met de recyclage van pvc-raamprofielen. Maar het project liep niet zoals gepland. Het gebudgetteerde productievolume van 20.000 ton werd nooit gehaald en bleef steken op niet veel meer dan de helft.

25%
Deceuninck wil tegen 2020-2021 een kwart van zijn grondstoffengebruik dekken met zelf gerecycleerde materialen.

Maar in plaats van alles af te blazen zette Francis Van Eeckhout - sinds 2014 de grootste aandeelhouder - door. Dankzij een investering van zowat 10 miljoen euro zal de recyclagecapaciteit verviervoudigen tot 45.000 ton.

Dit jaar zal de fabriek nog op halve kracht draaien, maar eens op kruissnelheid - vermoedelijk in 2020 of 2021 - kan ze meer dan 2 miljoen raamprofielen verwerken. Dat is best veel. In België worden jaarlijks 1,5 miljoen ramen geïnstalleerd - pvc, hout en aluminium samen. Voor de aanvoer van afgedankte ramen rekent Deceuninck op aanvoer uit Frankrijk, België en Nederland.

Hogere prijzen

De recyclage van de pvc-ramen verloopt in meerdere stappen, waarbij onzuiverheden (glas, zand, steen, verfresten) en andere gebruikte materialen verwijderd worden. Het witte en gekleurde pvc wordt bovendien gescheiden. Van het witte worden nieuwe, witte ramen gemaakt. Het gekleurde levert een grijze massa op die gebruikt wordt voor ramen die een gekleurde coating krijgen.

Met de recyclagefabriek - en het hergebruik van productieafval in andere vestigingen - maakt Deceuninck een vuist tegen de grondstoffenleveranciers die groter en machtiger worden. Denk aan het Britse Ineos, dat onder meer de pvc-activiteiten van Solvay en Tessenderlo Group overnam.

©MEDIAFIN

De consolidatie duwde de pvc-prijs de voorbije jaren de hoogte in, van 895 euro per ton in 2012 naar 1.150 ton vorig jaar. Omdat die grondstoffenkosten niet eenvoudig, en zeker niet meteen, door te rekenen zijn aan de klant, staat de winstmarge van pvc-verwerkers onder druk.

In 2015 werd pvc in amper een half jaar ruim 30 procent duurder. Maar ook in 2017 bleef Deceuninck niet gespaard en ging de grondstoffenfactuur met 15 miljoen euro omhoog, waardoor de brutobedrijfswinst met amper 1,5 procent steeg. Het aandeel ging de andere richting uit.

'Ons zweet zie je niet'

Ons zweet zie je niet in onze cijfers’, zei Van Eeckhout destijds. ‘Wij zweten en de pvc-leveranciers profiteren ervan. We kopen jaarlijks 200.000 ton pvc en toch heb ik het gevoel dat ze met onze voeten rammelen’,

Dit jaar zal Deceuninck met zijn fabriek naar schatting 15 procent van zijn grondstoffengebruik dekken via recyclage. Tegen 2021 wordt dat 25 procent. Wat niet betekent dat in één klap voor tientallen miljoenen euro’s kosten wegvallen. Ook de recyclagefabriek draaiende houden kost geld, net als de aanvoer van de gebruikte ramen.

Op 21 februari publiceert Deceuninck zijn jaarresultaten voor 2018. Benieuwd of Francis intussen al voor eigen rekening zweet.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content