De Rekenmeester brengt dagelijks het echte verhaal achter de cijfers.

Welgeteld 0,45 miljoen euro ving de zinkspecialist Nyrstar vorige week voor zijn Hondurese El Mochito-mijn. Daar koop je geen halve Bugatti Chiron in basisversie mee.

El Mochito is met het Chileense El Toqui en de Canadese mijnen Langlois (Québec) en Myra Falls (British Columbia) een van de vier zinkmijnen van Breakwater, waar Roland Junck, de voorganger van huidig CEO Bill Scotting, 442 miljoen euro voor dokte. De mijnen stonden per 30 juni voor minder dan 200 miljoen in de boeken. Ook dat lijkt te optimistisch.

Toch kocht Junck met Breakwater minder een kat in een zak dan met zijn andere mijndeals: Farallon (296 miljoen), de eigenaar van het tot onder nul afgeboekte Campo Morado, en het desastreuze contract met het Finse Talvivaara (240 miljoen). Samen met enkele andere bijeengekochte mijnen een erfenis van ruim 1 miljard die per 30 juni in de boeken nog 322 miljoen waard was (zie tabel).

Scotting kuist sinds zijn aantreden die cashbloedende erfenis op: het gros staat in de mottenballen of is verkocht. Alleen Contonga, East Tennessee en Langlois blijven operationeel omdat ze vanaf een zinkprijs van 2.000 dollar per ton cash genereren.

©Mediafin

Mochito daarentegen, bleef ondanks de klinkende naam bij een prijs van dik 2.300 dollar cash bloeden en vormde de grootste kopzorg. Vandaar de verkoop voor een prikje, zelfs al moet Nyrstar 22,5 van de 23 miljoen boekwaarde afschrijven.

Die ‘luxe’ om tegen eender welke prijs te verkopen heeft Scotting niet voor de andere mijnen. Analisten ramen dat die minstens 100 à 150 miljoen moeten opbrengen. Bij een te lage verkoopprijs volgt een zware afboeking op het eigen vermogen. De schuldenberg torent dan weer ongemakkelijk hoog boven de aan flarden gereten kapitaalbuffer uit.

322 miljoen
De voor 1 miljard gekochte mijnen van Nyrstar staan nog voor een optimistische 322 miljoen in de boeken.

Dan zou Nyrstar onder druk van de schuldeisers een derde keer in minder dan drie jaar op bedelronde bij de aandeelhouders moeten. Geen fijne optie.

Voor Scotting is het zaak tegelijk de groep te ‘ontmijnen’ én te garanderen dat de reconversie van Port Pirie op koers blijft. Die Australische smelter móét vanaf eind 2017 na een dure transformatie tot recycleerder cashflow opleveren.

Na een reeks herfinancieringen komt immers het gros van de bijna 700 miljoen euro grote berg schulden pas vanaf 2018 op de vervaldag. Tot dan belooft Nyrstar voor de CEO én voor de aandeelhouders een mijnenveld te blijven.

Lees verder

Tijd Connect