DAT-investeerders hoeven Virgin niet

"Een akkoord met Virgin Express maakt geen onderdeel uit van ons ondernemingsplan", zei Etienne Davignon op een bijeenkomst met journalisten. "De gesprekken over een structurele samenwerking gaan verder, maar ze volgen een aparte agenda. Als de onderhandelingen toch op een resultaat uitdraaien en het blijkt dat het businessplan van Virgin geschikter is, des te beter. DAT komt dan in een nog comfortabeler situatie terecht", meent Davignon. "Maar een overeenkomst met Virgin is geen noodzakelijke voorwaarde voor de investeerders om door te gaan met het project."

Na de persconferentie formuleerde Emmanuel van Innis, de financieel directeur van Tractebel en nauw betrokken bij het project van de investeerders, het nog scherper. "Het businessmodel van Virgin Express verschilt van dat van de DAT-investeerders. Als ze dat model blijven volgen, zal het zonder ons zijn." Van Innis zei wel dat de notering van Virgin Express in Brussel interessant is voor het geval DAT later ook een beroep wil doen op de belegger. Yves Panneels, de woordvoerder van Virgin, zei dat de DAT-investeerders en Virgin "nog altijd praten".

Een van de schuldeisers, die eerder op de dag een presentatie van het businessplan van de DAT-investeerders bijwoonde, zei: "Ik heb eerder de neiging te denken dat de investeerders Virgin Express uit de markt willen." Virgin verloor ruim een derde van zijn omzet toen Sabena failliet ging. De nationale luchtvaartmaatschappij kocht op elke Virgin-vlucht naar Londen, Rome en Barcelona 85 stoelen. Dat is voorbij. Sinds vorige week verkopen Virgin en DAT wel tickets op elkaars toestellen op een tiental bestemmingen die ze allebei aanvliegen (code share).

Virgin lonkt in eerste instantie naar de toeristische reiziger, al telt het steeds meer zakenmensen op zijn vluchten. De DAT-investeerders mikken resoluut op business travellers. Net zo min als Virgin wil de groep Davignon-Lippens van Zaventem een knooppunt (hub) maken; ze wil uitsluitend bestemmingsverkeer aanbieden (point to point). De organisatie van een hub kost veel geld en met transferverkeer is enkel geld te verdienen als het gekoppeld is aan rendabele langeafstandsbestemmingen.

In elk geval heeft Arthur D. Little een businessmodel uitgewerkt dat toepasbaar is voor alle scenario 's die uit de bus komen in functie van de omvang van de financiering. DAT moet een zuivere luchtvaartmaatschappij worden die gebruik maakt van de opportuniteiten van de huidige conjunctuur zoals lage leasekosten en goedkope piloten. Vanuit Zaventem wil de groep vooral Europese bestemmingen aanbieden voor de tijdgevoelige zakenman met een hoge frequentie tijdens de piek, twee klassen en een getrouwheidsprogramma.

De consultant die de investeerders begeleidt, ziet Brussel als een belangrijk zakencentrum met een nood aan bestemmingsverkeer. De aanwezigheid van de NAVO en de Europese Commissie biedt kansen op groei. Brussel heeft bovendien een luchthaven die 20 miljoen passagiers verwerkt en die nog voldoende capaciteit heeft om andere Europese en Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen aan te trekken. Arthur D. Little wijst ten slotte nog op de geplande investeringen in de infrastructuur van de luchthaven en de spoorverbinding met de hoofdstad.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud