Stamhoofd Karzai geniet steun van grote delen Afghaanse maatschappij

Karzai lijkt te beantwoorden aan de eisen van de verschillende Afghaanse facties. Als Pasjtoen wordt hij aanvaard door zijn eigen etnie, met 40 procent van de bevolking de grootste etnische groep van het land. Bovendien geniet hij de steun van de royalisten. Karzai was partizaan van de voormalige koning Mohammed Zaher Shah, die in 1973 werd verdreven en sindsdien in Rome in ballingschap leeft. Ten slotte ligt hij goed bij alle moedjahedin-oudstrijders wegens zijn verleden als antisovjetstrijder tijdens de jaren tachtig.

De 44-jarige Karzai, die vloeiend Engels spreekt, werd geboren in Kandahar. Na zijn studies in de Afghaanse hoofdstad Kabul, trok hij naar de universiteit van Simla in India, waar hij een mastersdiploma in politieke wetenschappen behaalde. In 1982 nam hij deel aan de strijd tegen de sovjetbezetting (1979-1989) en werd hij operationeel leider van het Afghaanse nationaal bevrijdingsfront (FNLA). In de jaren tachtig bracht hij een aantal jaar in de VS door, waar zijn familie restaurants heeft in Chicago, San Francisco, Baltimore en Boston.

Tot 1992 leefde hij in ballingschap in de Pakistaanse grensstad Peshawar. Daarna verhuisde hij naar Kabul om er, na de val van het Moskougezinde regime, Afghaans vice-minister van Buitenlandse Zaken te worden.

Toen de Taliban in 1996 de macht grepen, leek Karzai aanvankelijk met hen te willen samenwerken. De Taliban-leiders hadden hem zelfs voorgesteld Afghaans ambassadeur bij de VN te worden. Hij legde het voorstel naast zich neer, omdat hij dacht dat de militieleden eigenlijk Pakistaanse geheimagenten waren. Hij kapte met de Taliban, die hij ervan verdacht te worden gemanipuleerd door Pakistan en Arabische extremisten.

"Deze Arabieren komen naar Afghanistan om er te leren schieten. Zij leren schieten op levende doelwitten, en deze levende doelwitten zijn de Afghaanse bevolking, onze kinderen en onze vrouwen. We willen hen buiten", zei Karzai na zijn breuk met de Taliban.

De houding van Karzai tegenover de Taliban radicaliseerde na de moord in juli 1999 op zijn vader, Abdul Ahad Karzai, een oud-senator, in de Pakistaanse stad Quetta. Vader Karzai liet het leven toen gewapende mannen hem op straat in een hinderlaag lokten. Niemand eiste de aanslag op, maar Karzai was ervan overtuigd dat de Taliban achter de aanslag zaten.

Na de dood van zijn vader kwam Karzai aan het hoofd van de Popalzai-clan, de op een na grootste clan van de Pasjtoen. De Popalzai-clan oefent een grote invloed uit in het zuiden van Afghanistan en is nauw verbonden met het Afghaanse koningshuis. De grootvader van Karzai was voorzitter van de Nationale Raad onder het bewind van koning Zaher Shah.

Halfweg oktober, na het begin van de VS- bombardementen, keerde Karzai terug naar Afghanistan om een opstand tegen de Taliban te beginnen. De Taliban hadden lucht gekregen van zijn plannen en zaten hem op de hielen. Karzai kon vluchten naar Pakistan. Volgens Washington werd hij gered door Amerikaanse troepen, maar de familie van Karzai spreekt die versie van de feiten tegen.

Toen Kabul en het overgrote deel van Afghanistan op 13 november in handen vielen van de Noordelijke Alliantie, keerde Karzai terug naar het zuiden van het land om er zijn troepen aan te voeren in de strijd om Kandahar, het laatste bolwerk van de Taliban in Afghanistan. Daar zat hij nog toen hij op 5 december in Petersberg werd benoemd tot hoofd van het overgangsbestuur voor Afghanistan.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud