Iowa en de zeven dwergen

‘Dit is de meest onvoorspelbare, grillige en zelfs volstrekt onverklaarbare presidentsrace die ik ooit heb gezien. En dan is het stemmen nog niet eens begonnen.’

Door Roel Verrycken, onze correspondent in de Verenigde Staten

Aan het woord is Karl Rove, de spindoctor van George W. Bush, de laatste Republikeinse president. Zelfs een doorgewinterde conservatief als Rove keek in een opiniebijdrage in The Wall Street Journal onlangs met grote verbazing naar het campagneseizoen zoals we het tot nu gezien hebben. De voorbije maanden schoot de ene na de andere kandidaat omhoog in de peilingen om vervolgens even spectaculair te imploderen in het licht van de schijnwerpers.

Michele Bachmann mocht als eerste van die status proeven, gevolgd door Rick Perry, Herman Cain en Newt Gingrich. Een voor een zakten ze om uiteenlopende redenen - van geheugenverlies tot overspel - door het ijs. De absurditeit bereikte een hoogtepunt toen ex-pizzabaas en radiopresentator Cain, verre van gekwalificeerd om de Verenigde Staten te leiden, zijn fifteen minutes of fame beleefde.

Ondertussen werd meerdere geloofwaardige partijgenoten het hof gemaakt in een soort wanhopige zoektocht naar een voorbeeldrepublikein met brede steun. (Ex-)gouverneurs als Chris Christie, Mitch Daniels of Jeb Bush: een voor een waren ze geflatteerd door de interesse maar laten ze 2012 aan zich voorbijgaan. Afwachten tot 2016 of ze een gooi willen doen naar het hoogste ambt.

De speeltijd vol speculatie is nu voorbij. Dinsdag begint het verkiezingsjaar en de marathon richting de machtigste baan in de wereld met een eerste stembusslag in Iowa. En wat blijkt aan de vooravond van de caucuses in de prairiestaat in hartje Amerika? Na het volatiele voorspel van de voorbije maanden is er nog altijd geen topfavoriet. Nog altijd geen kandidaat die het gemiddelde Republikeinse hart sneller doet slaan.

Flipflopper

Wel is er Mitt Romney, de enige constante in de peilingen. De voormalige gouverneur van Massachusetts scoort al sinds de aankondiging van zijn deelname rond 25 procent bij het kiespubliek, maar raakt desondanks maar niet aan een grotere aanhang. Hij deed in 2008 al mee maar moest het toen afleggen tegen John McCain. Aan die race, en aan zijn verleden als succesvol private-equitytycoon, houdt hij wel de meest geoliede campagnemachine en de vlotste toegang tot de broodnodige fondsen over.

Maar die andere 75 procent lust hem niet wegens te gelikt en te weinig op één lijn met de heersende Republikeinse waarden. ‘Mitt Romney is vanilla. Hij spreekt onvoldoende aan, is niet spannend genoeg’, zegt Doug Schwartz van de universiteit van Quinnipiac in Connecticut, bekend van zijn invloedrijke peilingen.

Wie zijn de zeven?

- Mitt Romney, de inconsequente consultant

- Ron Paul, Doctor No

- Rick Santorum, homofoob met een Google-probleem

- Rick Perry, George Bush op steroïden

- Newt Gingrich, de heropstanding van Icarus

- Michele Bachmann, de stokebrand die niet Palin heet

- Jon Huntsman Jr., de mantsjoerijnse kandidaat

Bovendien torst Romney de hardnekkige reputatie van notoir ‘flipflopper’. Over veel hangijzers is hij al iets te ostentatief van mening veranderd. Vandaar dat de race zich laat kenmerken door wat het Anyone but Romney-syndroom is gaan heten. Hij wordt al lang bestempeld als de te kloppen man, maar het is net omdat hij even ongeliefd als onvermijdelijk is dat zijn concurrenten elkaar een voor een afwisselen bovenaan in de peilingen als flavor of the month. Tot Romney’s geluk gold voor elk van zijn alternatieven tot dusver onherroepelijk de wet van de zwaartekracht.

Romney geldt als niet conservatief genoeg voor de geëngageerde Republikeinse kiezer. Het is net naar de steun en stem van die kiezer dat de zeven hengelen komende dinsdag in Iowa. Al wekenlang schuimen ze de uithoeken van de Midwesterse staat af om handen te schudden en kiezers - veelal evangelische christenen - te ontmoeten in diners en coffeeshops. Zulke vorm van ‘retail politics’ is in de blanke landbouwstaat met amper 3 miljoen inwoners onontbeerlijk. De voorverkiezing dinsdag is een caucus, wat betekent dat op 1.774 plaatsen verspreid over de staat (in openbare gebouwen en scholen, maar even goed bij mensen thuis) kiezers bijeenkomen om hun voorkeur aan te duiden. Opkomst is dus cruciaal. Als het dinsdagavond om 7 uur plaatselijke tijd hard sneeuwt kan dat gevolgen hebben.

Tot drie dagen voor de caucus ligt die strijd wijd open. Newt Gingrich, ex-voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, heerste enkele weken geleden nog, maar vond geen gepast antwoord op de vele tv-spotjes waarmee zijn rivalen hem aanvallen. Hij ziet zijn score al afbrokkelen, vooral ten voordele van Ron Paul. De Texaanse libertair lijkt, samen met Romney zowaar, de grootste kansen te hebben om Iowa te winnen. Een andere outsider is Rick Santorum. De ex-senator uit Pennsylvania was lang een figurant en leek tevergeefs alle 99 counties van Iowa af te dweilen. Maar net op tijd keerde de trend in zijn peilingen in opwaartse richting. Enkel Jon Huntsman laat Iowa links liggen en zet alles in op New Hampshire.

‘Eigenlijk is er geen enkele echt goede kandidaat aan Republikeinse kant’, zegt Matthias Matthijs, de Belgische politoloog aan de American University en Johns Hopkins University in Washington. ‘Er doen geen titanen mee, en dat is een groot verschil met 2008.’

Nochtans hangt president Barack Obama in de touwen met een hoge werkloosheid en een laag consumentenvertrouwen. Slechts iets meer dan 40 procent van de Amerikanen staat nog achter de president. Nooit eerder werd een president in zo’n klimaat herverkozen. Maar hoewel hij zo kwetsbaar is, slaagt de Republikeinse partij er niet in een kandidaat naar voren te schuiven die Obama probleemloos tot een onetermpresident zou herleiden.

Veel heeft te maken met de extreme morele standpunten waarin de kandidaten worden gedwongen. Om de conservatieve kiezer te bekoren, moet de kandidaat anno 2012 tegen abortus, tegen het homohuwelijk en voor wapens zijn. Elke overheidsinmenging is volgens de ideologische roots uit den boze. ‘De kandidaten moeten zich rechtser dan de gemiddelde Republikein opstellen’, zegt Matthijs.

Er is weinig ruimte voor nuance, wat verklaart waarom Romney zo uitdrukkelijk afstand wil nemen van zijn gezondheidszorgwet in Massachusetts, Rick Perry van zijn gesubsidieerd onderwijs voor kinderen van illegalen in Texas en Gingrich van zijn eerder geloof in klimaatopwarming. En het verklaart waarom de gematigde Jon Huntsman niet in het geheel voorkomt.

Economie

En dan is er natuurlijk de economie. Dat wordt niet alleen het thema van de algemene verkiezing tegen Obama, het zou ook het natuurlijke sterke punt van de Republikeinse partij moeten zijn.

‘Maar ze slagen er niet in een coherent idee aan te bieden als antwoord op de crisis’, zegt Matthijs. ‘Er is de duidelijke eis voor een kleinere overheid, maar tegelijk beseffen de Republikeinen ook dat een tekort aan regulering mee tot de malaise heeft geleid. De kandidaten zweren geen nieuwe belastingen te heffen en zwaar in de overheidsuitgaven te snijden. Waar precies, dat blijft dan weer in het midden.’

Wie Iowa dinsdag wint, kan evengoed irrelevant blijken. Vier jaar geleden won Mike Huckabee bij de Republikeinen en werd McCain pas vierde. Zelden bepaalt de folkloristische voorverkiezing in de maïsstaat wie president wordt. Wel bepaalt Iowa wie het niet wordt. De kans is groot dat na dinsdag het deelnemersveld wordt uitgedund en dat kandidaten als Bachmann, Perry en Santorum het voor bekeken houden.

Alles draait om het momentum dat de kandidaten kunnen meenemen naar de volgende veldslag, een week later al in New Hampshire. Nog in januari volgen de cruciale staten South Carolina en Florida. Na die vier voorverkiezingen is het uitkijken naar 6 maart, wanneer tien staten op dezelfde Super Tuesday kiezen. Dan kan blijken of het een lange uitputtingsslag wordt, dan wel of de Republikeinse kiezer zich sneller verzoent rond een consensuskandidaat.

Hoe dan ook zijn de Republikeinen, ondanks de extreme standpunten die nu circuleren, sinds de voorbije decennia geneigd een gematigde kandidaat te selecteren voor de algemene verkiezing. Dat was het geval met John McCain vier jaar geleden, maar ook met vader en zoon Bush en met Ronald Reagan.

Als die trend opnieuw komt bovendrijven, speelt dat in het voordeel van Romney. Hij heeft de flexibiliteit - zie zijn flipflopreputatie - om te flirten met de extreme eisen van de Republikeinse voorverkiezingsstemmer en vervolgens naar het midden op te schuiven om in de smaak te vallen bij de gematigde onafhankelijke kiezer. Romney geniet van alle zeven de beste verkiesbaarheid in een confrontatie met Obama. Dat helpt hem nu al in de peilingen. Het is een publiek geheim dat Obama’s campagne bijna uitsluitend rekening houdt met Romney als tegenstander.

Als er toch een radicale kandidaat uit de bus komt, en de economie verbetert een beetje tegen 6 november, dan ziet het er goed uit voor Obama. Maar dat is nog ver weg. Eerst moeten de zeven zich bewijzen in Iowa, The Hawkeye State.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud