weekboek

Vijf om 10 jaar te houden

Redacteur Beleggen

Terwijl de Bel20 met een verlies van ruim 10 procent sinds zijn vorige piek in juli in correctiemodus dook en nieuwkomers torenhoge waarderingen krijgen, focust u het best op bedrijven waarvan u niet wakker moet liggen.

Als de massamedia over centen spreken, zindert dat na op de caféterrassen. Aan de tafel achter me waren enkele wielertoeristen aan het jammeren over de VRT-reportage die ‘onthulde’ dat wie tien jaar geleden 100 euro op een spaarboekje zette, nu nog over een koopkracht van 87 euro beschikt. Ik ben blij dat Michael Van Droogenbroeck er nog eens inpepert dat de schamele opbrengst van een spaarrekening niet opweegt tegen de stijging van de levensduurte.

Trouwe lezers van De Tijd weten al lang dat ze elders met hun centen moeten zitten om de inflatie bij te benen. Zoals in de beurs, die bewezen heeft op lange termijn de meeste andere investeringen te kloppen. De grillige koersbewegingen moet u erbij nemen. U moet ook opletten met wat u koopt en tegen welke prijs, en vooral de grote verliezers vermijden.

Meer mensen ontdekken de beurs. Dat juichen we toe. Het draagt bij aan de opbouw van een vermogen en een pensioenbuffer. In de VS trokken de grote onlinebrokers sinds Nieuwjaar meer dan 5 miljoen nieuwe klanten aan. Ook jongeren stappen massaal in. In België spreken de brokers van tienduizenden nieuwe klanten. Ook bij De Tijd merken we dat meer mensen op zoek zijn naar betrouwbare informatie.

De voorbije 10 jaar leverde de Bel20 30 procent koerswinst op. Inclusief dividenden die je herbelegt, stijgt het rendement tot 87 procent.

Dat is nodig, want het gevaar is reëel dat de miljoenen onervaren beleggers zich zonder kennis van zaken op hypes storten, waardoor de koersen te fel afwijken van hun fundamentele waarde. Bij de minste teleurstelling dreigen dan klappen te vallen. Het verklaart waarom de maker van elektrische wagens Tesla in amper drie weken 110 miljard dollar beurswaarde verloor. Met dat geld zou je alle andere Amerikaanse autobouwers kunnen kopen: GM, Ford en Fiat Chrysler, plus de hele Franse auto-industrie met Renault en Peugeot- Citroën.

Ook professionelen doen vaak mee met de waan van de dag. Daarom is de markt voor beursgangen zo hip. Nieuwkomers in beloftevolle sectoren worden onmiddellijk omarmd. Analisten verwijzen vaak naar de dure waarderingen van succesvolle sectorgenoten om de hoge prijzen bij de eerste notering te verklaren. Die tendens zagen we ook eind jaren 90: niet de toekomstige cashflows, maar de vergelijking met andere bedrijven rechtvaardigt de prijs. Maar ook zij kunnen pokkenduur zijn.

Beste eerste dag in 20 jaar

Op de Brusselse beurs spurtte Unifiedpost op zijn eerste dag 19 procent hoger, het knallendste debuut in 20 jaar. Met een marktwaarde van bijna 700 miljoen euro is de digitaliseerder van facturen even groot als Agfa-Gevaert en Exmar samen. Het verlieslatende Unifiedpost presenteert zich als een fintechbedrijf, maar haalt nog altijd een groot deel van zijn omzet uit traditionele diensten. Tegen 15 keer de omzet van vorig jaar is het aandeel duur. Sectorgenoten als het Amerikaanse Bill.com en het Franse Esker zijn nog een pak duurder, al realiseert dat laatste een drie keer zo hoge brutomarge als Unifiedpost.

De beursgang was een noodzaak voor de neofiet, want de banken begonnen moeilijk te doen en enkele investeerders wilden uitstappen. Unifiedpost moet zijn groeimotor op een hoog toerental laten draaien om zo veel mogelijk schaalvoordelen uit zijn digitaal platform te halen. Met diezelfde strategie konden Amazon en Facebook tot giganten uitgroeien. Maar niet iedereen slaagt daarin. De marge voor fouten is door de hoge waardering flinterdun.

Idem bij Nyxoah. Het bedrijfje dat een toestel tegen snurken wegens slaapapneu ontwikkelt, is 413 miljoen euro waard. Dat is bijna evenveel als Sipef, dat 21.000 mensen op zijn plantages heeft werken. De klinische werkzaamheid van het toestel is nog niet bewezen. Patiënten krijgen chirurgisch een chip ingeplant, wat velen zal doen aarzelen. Een goedkeuring voor de belangrijke Amerikaanse markt komt ten vroegste over twee jaar. Het risico is torenhoog.

55
procent
Het palmares van de nieuwkomers deze eeuw is mager. Sinds 2000 trokken een 35-tal bedrijven naar de beurs die nu nog noteren: 55 procent bengelt onder zijn introductieprijs.

Ik hoop dat zowel Unifiedpost en Nyxoah als die andere nieuwkomer in Brussel, Hyloris, hun beloftes waarmaken. De beurs had nood aan vers bloed en beleggers moeten zich kunnen optrekken aan mooie groeiverhalen. Maar het palmares van de nieuwkomers deze eeuw is mager. Sinds 2000 trokken een 35-tal bedrijven naar de beurs die nu nog noteren: 55 procent bengelt onder zijn introductieprijs. Vastgoedbedrijven bleken de beste investering, naast de biotech’ers Galapagos en Argenx. Helemaal onderaan op de lijst krioelt het echter ook van de biotechnamen.

Ik zit nog met zes aandelen Roularta opgescheept uit de introductiehoogdagen van eind jaren 90. De vraag naar aandelen was 23 keer groter dan het aanbod. En de koers? Die noteert 22 jaar later 67 procent lager. Blitse beursgangen zijn niet meer aan mij besteed. Ik wacht liefst tot een bedrijf enkele jaren noteert om uit te dokteren wat er van alle mooie beloftes uit het prospectus overblijft. Het bedrijf en zijn vetbetaalde begeleiders hebben er alle belang bij de zaken zo rooskleurig mogelijk voor te stellen.

Intussen ervaart de schare nieuwe beleggers die na de coronacrash zijn ingestapt dat de beurs ook kan dalen. De opflakkering van de pandemie doet het herstel stokken, terwijl de onzekerheid over de Amerikaanse presidentsverkiezingen nervositeit veroorzaakt. September is historisch trouwens de slechtste maand voor aandelen. Sinds de Tweede Wereldoorlog daalde de S&P500-index dan gemiddeld een halve procent.

Niet wakker liggen

Een echte belegger kijkt jaren vooruit. De Vlaamse Federatie van Beleggers vroeg me voor haar virtuele congres van vorige zaterdag vijf namen te noemen. Niet voor de komende twaalf maanden maar voor de volgende tien jaar. Bedrijven die in tegenstelling tot een spaarboekje een positief rendement moeten kunnen opleveren. Waar je, zoals superbelegger Waren Buffett aanraadt, niet van wakker ligt als de beurs tien jaar zou sluiten.

Een consensus bij de Beleggen-redactie leverde het volgende kwintet op: Sofina op nummer een. De holding van de familie Boël heeft een onwaarschijnlijk sterk trackrecord, de juiste connecties om vroeg in beloftevolle bedrijven te stappen, is gericht op de gamechangers van de toekomst én heeft de centen om op lange termijn haar participaties te ondersteunen. Door de recente correctie noteert het aandeel niet langer boven zijn intrinsieke waarde. Het dividendrendement is met 1,2 procent karig, maar stijgt al onafgebroken sinds 1958. Onderschat het belang van dividenden niet. De voorbije tien jaar leverde de Bel20 30 procent koerswinst op. Inclusief dividenden die je herbelegt, stijgt het rendement tot 87 procent. Dat scheelt een flinke slok op de borrel.

Twee: Brederode. De familie Van der Mersch moet de jongste vijf jaar niet onderdoen voor de Boëls. Net als met Sofina beleg je met Brederode vooral in niet-genoteerde bedrijven (private equity). Beide holdings bieden diversificatie in je portefeuille omdat je als kleine garnaal normaal geen toegang hebt tot zulke ondernemingen. De portefeuille van Brederode is sterk dollargetint, waardoor je meer in Amerikaanse bedrijven investeert.

©Mediafin

Drie: Elia. Een monopolist in een gereguleerde markt die een onmisbare grondstof transporteert - elektriciteit - is nooit te versmaden. De overgang naar duurzame energie vergt veel investeringen, maar Elia verdient net meer door meer te investeren. Je kan Elia zien als een beter alternatief voor een obligatie, met een brutorendement van 2 procent. Het aandeel was lang duur, maar de recente terugval maakt de waardering interessant.

Vier: Tubize. De korting van de monoholding die 35 procent van het farmabedrijf UCB bezit, is gestegen van 40 naar 50 procent. Tubize vermindert zijn schulden, waardoor het de ontvangen coupons van UCB binnenkort kan recycleren in riantere eigen dividenden. UCB heeft decennia expertise met de ontwikkeling van medicijnen in gespecialiseerde domeinen als immunologie, beenderziektes en epilepsie. In tegenstelling tot veel biotech’ers heeft het de ervaring om geneesmiddelen door de regelgeving te krijgen en ze succesvol te vermarkten. Deze week hebben de farmawaakhonden in de VS en de EU het goedkeuringsdossier van bimekizumab tegen de huidziekte psoriasis aanvaard, een nieuwe potentiële blockbuster.

Tot slot kan een Vlaams maakbedrijf niet ontbreken: Sioen. De wereldleider in gecoat technisch textiel is breed horizontaal én verticaal geïntegreerd. Je kan er terecht voor veiligheidskledij, zeildoek voor jachten of vrachtwagens, en tenten of textiel voor de bouw. Met zijn chemietak, die onder meer kleurpigmenten levert, is Sioen minder afhankelijk van derden. Het bedrijf is van het vijftal het minst coronaproof, maar bleef dankzij besparingen goed winstgevend. De fors gedaalde koers houdt al rekening met een zwakke periode.

Ik heb de wielertoeristen op het terras de beurs als alternatief niet aangeraden. Ze begonnen er zelf over. Een besnorde zestiger had al Tesla gekocht, een andere schepte op over Apple en nog een andere wou er niets mee te maken hebben omdat hij ooit veel verloren had aan Fortis en Dexia. Dat is een van de grootste fouten die je kan maken: een degout krijgen door een slecht afgelopen investering en de rest van de rit missen. Daarom de drie belangrijkste beleggersregels: diversifieer, diversifieer en diversifieer! En blijf op de hoogte van wat reilt en zeilt bij je bedrijven.

Lees verder