Brand, brand! En daar is geen water

©BELGA

Onze economie staat in brand. Maar de voorraad bluswater is beperkt. Als het een beetje meezit, kunnen we echter profiteren van de inspanningen van de buitenlandse brandweerkorpsen.

Het doek valt voor Swissport. Corona en de crisis in de luchtvaartsector doen de grootste bagageafhandelaar op de luchthaven van Zaventem struikelen. De 1.500 werknemers staan op straat. Het bedrijf zat al een poos in slechte papieren. In mei had het nog een kleine kapitaalinjectie gekregen van zijn moedermaatschappij, de Swissport-groep. Maar die zag het niet zitten om opnieuw met geld over de brug te komen.

De aandeelhouder van de Swissport-groep, het Chinese consortium HNA, zit zelf in financiële ademnood en had zijn Swissport-activiteiten al te koop gezet. Op de oproep aan de Belgische regering om Swissport een reddingsboei toe te gooien, kwam geen antwoord. Het verdwijnen van Swissport op Zaventem is voorlopig geen probleem, er zijn op dit ogenblik weinig vluchten. Maar het kan een probleem worden als het vliegverkeer herneemt.

Swissport is niet het enige Belgische bedrijf dat om steun bedelt. In lange rijen staan ze aan te schuiven. Brussels Airlines vraagt 290 miljoen euro, daar wordt al lang over onderhandeld. Fevia, de federatie van de voedingsindustrie, dringt bij monde van Guido Vanherpe, de CEO van de industriële bakkerij La Lorraine, aan op tegemoetkomingen voor haar leden om hun omzetverlies van 30 procent te compenseren.

Algemene maatregelen krijgen soms het fiat. De federale regering keurde vorig weekend een pakket goed om de horeca te ondersteunen. Overheidssteun voor individuele bedrijven ligt moeilijker. Want wie trek je wel uit het moeras en wie niet? Soms gebeurt het toch, op een indirecte manier. De jonge luchtvaartmaatschappij Air Belgium, die opereert vanuit de luchthaven van Charleroi, krijgt van de federale overheidsholding FPIM extra kapitaal toegestopt. De FPIM was al aandeelhouder van Air Belgium.

Renault en HEMA

In onze buurlanden is de overheid minder terughoudend. De luchtvaartmaatschappij Lufthansa kreeg van de Duitse regering een levenslijn van 9 miljard euro. In Frankrijk is steun toegezegd voor Renault, Air France en de luchtvaartindustrie met haar boegbeelden Airbus en Dassault. De Nederlandse regering is bereid KLM te helpen, stapte in het reddingsplan van de scheepsbouwer IHC en overweegt miljoenensteun voor de winkelketen HEMA, een Nederlands icoon goed voor 9.500 jobs.

De miljarden vliegen de deur uit, voor algemene en specifieke reddingen. De regering van Duits bondskanselier Angela Merkel pakte vorige week uit met een stimuluspakket van 130 miljard euro. Dat komt boven op de 1.000 miljard euro die Berlijn in maart al uittrok om de impact van de economische coronacrisis op te vangen.

In België hebben de overheden tot dusver 14 miljard euro in de strijd tegen corona geworpen.

In België hebben de overheden tot dusver 14 miljard euro in de strijd geworpen, maakte federaal minister van Begroting David Clarinval (MR) deze week bekend. 10 miljard euro ten laste van de federale begroting, iets meer dan 4 miljard voor rekening van de regio’s. Het is een pakket ter waarde van zowat 3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Dat is aardig. Maar is het genoeg?

Misschien niet. Maar de tankwagen met bluswater dat de Belgische overheden kunnen inzetten, is bijna leeg, waarschuwde Pierre Wunsch, de gouverneur van de Nationale Bank, maandag. De extra uitgaven, gecombineerd met de lagere belastingontvangsten door de economische krimp, doen het begrotingstekort dit jaar oplopen tot 10,6 procent van het bbp en duwen de schuldgraad omhoog tot 120 procent. ‘Er is niet veel financiële ruimte voor extra steun- of relancemaatregelen’, stelt Wunsch. Tenminste als we willen vermijden dat de schuldgraad oncontroleerbaar begint op te lopen.

Door de lage rente en het opkoopbeleid van de ECB vormen de afbetalingslasten op de extra schulden voorlopig geen probleem. Maar het risico bestaat dat dat niet altijd zo blijft en dat België in het vizier van de financiële markten komt, als onze schuldgraad substantieel hoger is dan die van andere Europese landen.
De hamvraag is of onze economie die schuldenlast kan blijven torsen en voldoende (belasting)inkomsten kan genereren om de schuldverplichtingen na te komen. Als het begint te spannen, kunnen de belastingen worden verhoogd. Maar het brandschatten van gezinnen en bedrijven kan de economie ook ruïneren.

Koopkracht

Wunsch predikt daarom terughoudendheid tegenover een groot extra stimulusprogramma. Dat zou volgens hem economisch ook weinig efficiënt zijn.

Tijdens de lockdown zijn de spaarrekeningen van de Belgen met 10 tot 12 miljard aangedikt.

De koopkracht van de gezinnen in ons land heeft nauwelijks geleden onder de coronacrisis, mede dankzij de extra uitkeringen - tijdelijke werkloosheid, steun voor zelfstandigen - waarin de overheid heeft voorzien. Tijdens de lockdown zijn de spaarrekeningen van de Belgen met 10 tot 12 miljard aangedikt, omdat ze door de sluiting van de winkels minder opties tot consumeren hadden. De Nationale Bank verwacht dat het extra sparen in de loop van dit jaar toeneemt tot 20 miljard euro. Omdat de gezinnen onzeker zijn over wat de toekomst brengt, en omdat het shoppen nog altijd onder restricties moet gebeuren.

In die omstandigheden hebben maatregelen om de koopkracht te verhogen weinig zin. Bovendien lekt koopkrachtsteun aan gezinnen sowieso deels weg naar het buitenland, omdat hun consumptiekorf voor een belangrijk deel bestaat uit buitenlandse producten en diensten.

Wel een pijnpunt in onze economie is dat heel wat bedrijven hun investeringsplannen hebben teruggeschroefd of afgeblazen. De hoofdreden is de onzekerheid over de export naar het buitenland, waar onze industrie sterk op gericht is. Die onzekerheid over buitenlandse bestellingen kunnen de overheden in België niet wegnemen. In die omstandigheden hebben ook steunmaatregelen voor bedrijfsinvesteringen weinig zin.

Wie weinig geld heeft, moet opportunistisch zijn. We kunnen ons wagonnetje aan de Duitse en Franse locomotief hangen.

België is een kleine open economie. Dat beperkt de mogelijkheden om te sturen met nationale maatregelen. Dat is een nadeel. Maar het biedt ook voordelen. België kan profiteren van de relancemaatregelen die Duitsland, Frankrijk en Nederland - onze belangrijkste handelspartners - nemen . We kunnen ons wagonnetje aan die locomotieven koppelen. Wie niet veel geld heeft, moet opportunistisch zijn.

De Belgische luchtvaartmaatschappij TUI fly vroeg bij het uitbreken van de coronacrisis 150 miljoen euro steun van de federale regering. Deze week liet het bedrijf weten die vraag te laten vallen. Het heeft het geld niet meer dringend nodig, nu de moedermaatschappij TUI in Duitsland miljarden steun kreeg.

Als onze buurlanden de brandslangen wijd opendraaien om de uitslaande branden in hun economie te blussen, bestaat de kans dat dat het vuur in het belendende Belgische pand ook dooft.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie