analyse

De lijken in de kast en het toxisch afval in de kelder

De Duitse chemiereus Bayer dacht te kunnen scoren met de overname van Monsanto, maar de onkruidverdelger Roundup stak daar een stokje voor. ©Bloomberg

Wie een huis koopt zonder het vooraf zorgvuldig te hebben geïnspecteerd, kan achteraf soms een lijk in een kast vinden of, erger, toxisch afval in de kelder. Dat risico bestaat ook bij het overnemen van bedrijven.

Het aandeel van de Belgische investeringsmaatschappij GBL kreeg deze week op de Brusselse beurs een ferme tik. De reden? De Franse mineralen- en grondstoffengroep Imerys, waarin GBL participeert, had bij de rapportering van haar kwartaalcijfers melding gemaakt van asbestproblemen in haar Amerikaanse wollastonietfabriek. Wollastoniet is een mineraal dat onder meer wordt gebruikt in de productie van keramiek, remmen en verf.

Alarmbellen

Als asbest, een kankerverwekkend product, opduikt in persberichten van bedrijven, gaan bij beleggers de alarmbellen af. Imerys raakte eerder al in een asbestdispuut betrokken. Het bedrijf was een van de leveranciers van talk dat door het concern Johnson & Johnson (J&J) verwerkt werd in talkpoeder waarvan nu vermoed wordt dat er asbest in zat en dat kanker heeft veroorzaakt. In de VS kreeg J&J daar ongeveer 14.000 schadeclaims voor. De rekening kan fors oplopen, want in een zaak met 22 klagers kende een Amerikaanse rechter een schadevergoeding van 4,7 miljard dollar toe. J&J gaat in beroep tegen de uitspraak. Imerys zit mee op de beklaagdenbank. Om aan een financiële catastrofe te ontsnappen vroeg de Franse groep eerder dit jaar het faillissement aan voor haar filiaal Imerys Talc America Inc. De beurskoers van Imerys is gehalveerd in een goed jaar tijd.

De risico’s voor bedrijven zitten soms in een klein en onverwacht hoekje.

De risico’s voor bedrijven zitten soms in een klein en onverwacht hoekje. Ze creëren die zelf of halen ze nietsvermoedend in huis door de overname van een ander bedrijf. Caveat emptor! De overnemer moet altijd opletten voor verborgen gebreken in het goed dat hij koopt. Bij een overname gebeurt gewoonlijk vooraf een boekenonderzoek. Soms grondig. Maar dat waarborgt niet dat achteraf geen problemen kunnen rijzen. Het is niet uitgesloten dat de boekhouding van het doelwitbedrijf wat te optimistisch is opgemaakt. Dat komt niet aan het licht bij een eerste controle, maar wordt vaak pas achteraf geleidelijk duidelijk. Hoe vaak gebeurt het niet dat een overnemer later een afschrijving moet boeken op het bedrijf dat hij kocht, omdat hij klaarblijkelijk te veel betaalde? De Amerikaanse farmareus Perrigo telde in 2014 3,8 miljard euro neer voor Omega Pharma, het bedrijf van Marc Coucke. Intussen heeft Perrigo daarop al een waardevermindering van ruim 2 miljard euro genomen. Een groot stuk daarvan probeert het te recupereren via een claim bij Coucke en de investeringsmaatschappij Waterland, de verkopende aandeelhouders van Omega Pharma.

Schrik

Soms gebeurt het boekenonderzoek minder grondig. Bijvoorbeeld als de koper absoluut zijn zinnen heeft gezet op het over te nemen bedrijf en schrik heeft dat een concurrent hem te snel af is. Of als de drang om te groeien via overnames groot is en de CEO met zijn daadkracht een goede beurt wil maken bij zijn aandeelhouders. Op een verhitte vastgoedmarkt valt het wel eens voor dat iemand een huis koopt zonder het pand te hebben bezocht, louter voortgaand op de informatie op de immowebsite. Het leven is aan de rappen, nietwaar? Klopt, maar dan kan het gebeuren dat de koper in zijn pas verworven woonst de deur van een kast opentrekt en er een lijk uitvalt.

Het probleem dat wordt ontdekt, kan soms makkelijk worden opgeruimd. Lastiger is het als niet meteen duidelijk is waar de miserie eindigt. Dat is het geval als juridische schadeclaims opduiken in verband met producten of diensten die het overgenomen bedrijf verkocht. Rechtbanken kunnen een onverwacht hoog schadebedrag toekennen en dat kan een golf van nieuwe claims teweegbrengen. Dan kan de kwestie enorme proporties aannemen.

Met Labouchère had Dexia een zak gekocht waar zelfs geen kat in zat.

De voormalige Belgische bank Dexia kocht in 2000 de Nederlandse bank Labouchère, als bruggenhoofd om de Nederlandse markt te veroveren. In 2001 barstte op de beurs de internetzeepbel. Die spatte uiteen in het gezicht van Labouchère, dat zwaar had ingezet op de verkoop van aandelenleasebeleggingen, een speculatief product. De klanten keerden zich massaal tegen Labouchère, en dus Dexia, met het argument dat ze onvoldoende waren geïnformeerd over de risico’s van de belegging. Dexia sloot met een deel van de misnoegde beleggers een schikking om hun claim af te kopen. Velen gingen daar niet op in en proberen nog altijd via de rechtbank een schadevergoeding te krijgen. De affaire heeft Dexia, dat sinds 2011 in een uitdoofscenario zit, al honderden miljoenen euro’s gekost. Met Labouchère had Dexia een zak gekocht waar zelfs geen kat in zat.

Gezondheid

Het kan nog erger. In de Verenigde Staten, met hun advocatenkantoren gespecialiseerd in het aanvallen van bedrijven, worden schadeclaims gevraagd voor kwesties rond gezondheid en milieu. Want Amerikaanse rechters aarzelen niet om torenhoge vergoedingen toe te kennen. Een rechtbank in de VS oordeelde vorig jaar dat een tuinman recht had op een schadevergoeding van 289 miljoen dollar omdat hij terminale kanker had gekregen door het veelvuldig gebruik van het onkruidverdelgingsmiddel Roundup en omdat de fabrikant Monsanto niet voldoende voor de risico’s had gewaarschuwd.

Monsanto werd in 2016 voor 66 miljard dollar overgenomen door het Duitse Bayer. In het persbericht jubelde Bayer toen dat de overname jaarlijks 1,5 miljard dollar extra waardecreatie zou opleveren voor het bedrijf en dat de aandeelhouders zich mochten verwachten aan een significant hogere winst per aandeel.

Een onzorgvuldig aangewende onkruidverdelger kan de gezonde gewassen ook vernietigen.

Het is enigszins anders gelopen. Vandaag hebben meer dan 10.000 mensen in de VS bij de rechtbanken schadeclaims ingediend tegen Monsanto en Bayer omdat ze kanker zouden gekregen hebben van Roundup. Volgens analisten kan dat Bayer tot 5 miljard dollar kosten. De factuur kan echter een stuk hoger uitvallen als alle toegekende schadevergoedingen van dezelfde grootteorde zijn als die voor de zieke tuinman. Reken maar uit: 10.000 keer 100 miljoen dollar, dat is 1.000 miljard dollar.

Huiswerk

Met de overname van Monsanto heeft Bayer dus een bijzonder toxisch goedje in huis gehaald. De Duitsers hebben hun huiswerk niet goed gedaan. De groep is zelf ook bedrijvig in plantenbeschermingsmiddelen, versta onkruid- en ongedierteverdelgers. Bayer-topman Werner Baumann, de architect van de overname, kreeg op de jongste algemene vergadering van de groep geen steun van de aandeelhouders. Hij blijft de overname van Monsanto verdedigen: ‘Het was en blijft de juiste zet voor Bayer.’ Hij wees erop dat de omzet en winst in 2018 omhoog zijn gegaan. Maar er hangt wel degelijk een donkere wolk boven Bayer. Het hangt van Amerikaanse rechters af of daar ook bliksemschichten uit neerdalen die het bedrijf kapotmaken. Of hoe een onkruidverdelger ook een gezond gewas kan vernietigen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie