weekboek

Hakken in het zand tegen verandering

Senior writer

Waarom geeft ons land zo weinig gevolg aan evidente beleidsaanbevelingen van het IMF, de OESO of de Europese Commissie? Omdat bij elk voorstel tot hervorming de hakken meteen diep in het zand worden gezet.

Er zijn geen honderd remedies om de kwalen te bestrijden waaraan de Belgische economie lijdt. De verschillende dokters die aan het ziekbed verschijnen, schrijven dezelfde kuur voor. Het begrotingstekort moet worden teruggedrongen, in de eerste plaats door de overheidsuitgaven te beperken. Tegelijk moet de overheid haar investeringen, onder meer in wegen- en transportinfrastructuur, optrekken.

Meer mensen moeten worden aangemoedigd een baan te zoeken, via activeringsmaatregelen en door de voorwaarden voor het krijgen van een werkloosheidsvergoeding strenger te maken. Om de concurrentie aan te wakkeren en zo de productiviteit op te krikken, moet de reglementering van sommige vrije beroepen worden versoepeld. Een vorm van rekeningrijden is aangewezen om het land mobieler te maken. De fiscale druk op inkomsten uit arbeid moet zakken, andere belastingen, bijvoorbeeld de btw, kunnen naar omhoog. Een hervorming van de vastgoedfiscaliteit dringt zich op.

De patiënt legt de vele adviezen voor een gezondere levensstijl naast zich neer.

Het is een kleine greep uit de aanbevelingen die de Europese Commissie deze week formuleerde voor het sociaal-economisch beleid in ons land. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) maakten de voorbije weken dezelfde analyse. Niet voor het eerst trouwens. Maar de patiënt haast zich niet naar de apotheker om de voorgeschreven medicijnen te halen en hij legt de adviezen voor een gezondere levensstijl naast zich neer.

Het schrijven van rapporten, hoog in de ivoren toren en ver boven het gewoel, is natuurlijk gemakkelijk. Het in de praktijk brengen van de aanbevelingen is het moeilijke deel van de job. Want het betekent dat mensen en groeperingen inspanningen moeten leveren en dat ze subsidies en het voordeel van een uitzonderingsmaatregel verliezen.

Tomaten

Zolang het algemeen en vaag blijft, vindt bijna iedereen dat het anders moet. Enkele politieke partijen spelen daarop in. De N-VA met haar slogan 'De kracht van verandering' en Groen met 'Het kan anders'. Maar als het concreter wordt, is het enthousiasme minder groot. De weerstand tegen verandering is groot. Niemand wil veranderen.

Als de beleidsmakers met een voorstel komen om uitvoering te geven aan sommige van de adviezen van de internationale instellingen, gaan de hakken van de belangengroepen meteen in het zand en wordt het verzet georganiseerd. Dan durven de beleidsverantwoordelijken niet meer door te drukken.

In de vorige Vlaamse regering trok minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) het voorstel van rekeningrijden snel in na de eerste commotie erover. Op federaal niveau komt een ernstige pensioenhervorming niet van de grond. De cultuurjongens en -meisjes bekogelen Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) met tomaten omdat die snijdt in sommige cultuursubsidies. De vakbonden bij de VRT staken omdat de openbare omroep op dieet wordt gezet.

Raken aan de baksteen in de maag van de Belgen ligt extra gevoelig. De beleidsmakers houden er het liefst hun handen vanaf. De afschaffing van de woonbonus in Vlaanderen is een zeldzame uitzondering, genomen bij de aanvang van de regeerperiode van Jambon I. 'Er is ruimte om de efficiëntie van de overheidsuitgaven te verbeteren in de gezondheidszorg en het onderwijs’, schrijft de OESO. Maar de eerste aanzet daartoe leidt tot een een samenscholing aan de klaagmuur en tot uithalen tegen de 'besparingslogica' en het 'neoliberale' beleid. Met meteen daaraan gekoppeld de eis voor meer subsidies.

Versplintering

België is een land van belangengroepen, vele ervan draaien voor een stuk op overheidsgeld. Hun gelobby maakt dat het beleid zelden algemeen is maar vooral bestaat uit faveurtjes en gunstmaatregelen ten voordele van een of andere groep. De versplintering van het politieke landschap maakt dat de belangengroepen altijd wel een politieke partij vinden die het voor hen opneemt. Elke regel gaat gepaard met een hoop uitzonderingen. Het belastingsysteem met al zijn koterijen is het resultaat van lobbyfiscaliteit, de socialezekerheidsreglementering is in hetzelfde bedje ziek. Met het toekennen van uitzonderingsregimes op maat van deze of gene kopen de beleidsmakers hun populariteit.

Ze toekennen is gemakkelijk, ze weer afschaffen bijzonder moeilijk. Want dan is het kot te klein. Dan komt de protestmachine op gang. De politicus die durft te tornen aan een privilege, wordt meteen een gebrek aan visie verweten. Dat argument doet het altijd goed. De belangengroepen gaan in het verweer.

We moeten het de politici niet verwijten dat ze zo moeilijk dingen in beweging kunnen brengen. Wij zijn het grootste struikelblok.

Ze spannen de publieke opinie voor hun kar met opiniestukken, open brieven en memoranda op bijvoorbeeld Twitter en op de opiniepagina’s van kranten en tijdschriften. Daar is veel ruimte die elke dag gevuld moet worden. Vervolgens mogen ze hun zeg doen in een van de vele actualiteits- en duidingsprogramma’s op radio en tv die altijd wanhopig op zoek zijn naar onderwerpen. Het is moeilijk tegen die tsunami optornen voor beleidsmakers die zich in de volksgunst moeten werken om te worden herverkozen en hun job te behouden.

We moeten het de politici niet verwijten dat ze zo moeilijk dingen in beweging kunnen brengen. Wij zijn het grootste struikelblok.

Lees verder