weekboek

Voor de banken zit het coronavenijn in de staart

Senior writer

De banken schipperen voorlopig zonder veel schade door de storm. Het coronavenijn zit voor hen echter in de staart. Als bedrijven omvallen en de economie op apegapen ligt, zullen ze ferme klappen krijgen.

De banken bengelen achteraan in de rangschikking - opgesteld door de Nationale Bank en de Economic Risk Management Group - van sectoren die het zwaarste omzetverlies lijden in de coronacrisis. Dat is een te benijden plek. Alleen de voedingswinkels doen het beter. Banken en verzekeraars rapporteerden de voorbije weken een terugloop van hun inkomsten met 13 procent, terwijl de gemiddelde onderneming in ons land aankeek tegen een omzetverlies van 32 procent.

Tijdens de lockdown kon de financiële wereld grotendeels voortwerken. De bankkantoren sloten wel de deuren en klanten konden er alleen op afspraak terecht. Het bankkantoor is wel nog een uithangbord, maar niet meer cruciaal voor de activiteiten van de banken. Ze plukken nu de vruchten van hun zware investeringen in internet- en mobiel bankieren in de voorbije jaren. Het zijn voor een groot stuk digitale bedrijven geworden. Daardoor kon hun winkeltje blijven draaien tijdens de lockdown.

De banken sprongen in de bres als ambulancier voor bedrijven die zware dreunen kregen.

Omdat de banken bij de eerste windstoten van de coronastorm vrij stevig overeind bleven, konden ze mee in de bres springen als ambulancier voor bedrijven die wel zware dreunen kregen. Samen met de regering zetten de banken een programma op om bedrijven extra liquiditeitssteun te geven zodat ze niet zouden omvallen.

Dat plan bestond uit twee delen: gedurende enkele maanden betalingsuitstel voor lopende hypotheekleningen van gezinnen en voor bedrijfskredieten, én nieuwe overbruggingskredieten voor ondernemen voor in totaal 50 miljard euro euro, voor een belangrijk deel gewaarborgd door de overheid.

De banken staken hun nek uit. De kans dat ze op die kredieten verliezen lijden, is reëel. Het is een berekend risico. Als veel ondernemingen failliet gaan omdat ze geen extra reddingsboei toegeworpen krijgen, zouden de banken wellicht met veel grotere kredietverliezen te maken krijgen.

Het ratingagentschap Moody’s waarschuwde donderdag dat het coronaplan de Belgische banken met zware verliezen kan opzadelen, meer dan banken in andere landen riskeren door hun hulp bij steunmaatregelen daar. Is dat zo?

Waterpistool

Op het eerste luik van het coronabankenplan, het betalingsuitstel voor lopende kredieten, doen veel bedrijven en gezinnen een beroep. Maar dat kost de banken niet zo veel. Met het tweede luik, de 50 miljard aan overbruggingskredieten, spelen de Belgische banken wel hoog spel. Maar dat luik blijkt niet goed te werken. ‘De bazooka is een waterpistool’, schrijft Hans Degryse, de Leuvense professor economie van de onderzoeksgroep Finance in een bijdrage in het tijdschrift Bank- en Financiewezen.

Voor de bedrijven zijn de overbruggingskredieten in het raam van het coronaplan niet interessant omdat ze maar een looptijd hebben van een jaar, terwijl de ondernemingen op zoek zijn naar oplossingen die hun liquiditeitsbehoeften voor een langere periode dekken. Het ziet er immers naar uit dat de coronamiserie langer zal aanslepen dan gedacht.

De bazooka is tot dusver geen succes, en de terugslag ervan voor de banken dus beperkt.

Voor de banken is de constructie evenmin aantrekkelijk. Ten eerste omdat ze een vergoeding van 50 basispunten moeten betalen voor de overheidswaarborg - een eis van Europa - en ze ten hoogste een tarief van 1,25 procent mogen aanrekenen. Dat betekent dat de nettomarge voor de banken op die kredieten kleiner is dan op gewone kortetermijnkredieten zonder staatswaarborg, merkt Degryse op. Bovendien, zegt hij, laten de waarborgmodaliteiten de banken niet toe hun tarieven te differentiëren in functie van de kredietwaardigheid van de individuele bedrijven. Dat maakt ze terughoudend.

De bazooka is tot dusver geen succes, en de terugslag ervan voor de banken dus beperkt. In een breder perspectief is dat echter geen goede zaak. Niet voor de bedrijven, niet voor de banken. Als de bazooka niet werkt, zullen meer bedrijven over de kop gaan, wat per saldo de banken met grotere kredietverliezen zal opzadelen. Een golf van faillissementen zal bovendien de werkloosheid de hoogte in drijven en het herstel van de economie bemoeilijken. Op een economisch kerkhof kunnen de banken geen goede zaken doen. Dáár zit het coronavenijn voor de banken.

Ze zullen wel niet snel omvallen. Uit de rondvraag van de Nationale Bank en de Economic Risk Management Group blijkt dat ze het faillissementsrisico inschatten op 1 procent - zelf zeggen dat het nul procent is zou wat arrogant zijn. Banken weten immers dat als het zover zou komen ze een reddingsboei toegeworpen krijgen door de overheid, omdat ze een cruciale rol spelen in de economie. Ter vergelijking: de evenementenbedrijven zien een faillissementsrisico van 28 procent, de horeca-ondernemingen van 20 procent.

Stresstest

Banken zijn echter niet immuun voor de coronacrisis. De Europese Bankenautoriteit (EBA) waarschuwde deze week dat de crisis de Europese banken zal opzadelen met ruim 1.000 miljard euro aan kredietverliezen, ondanks alle steun aan het bedrijfsleven van de Europese Centrale Bank (ECB), de Europese Commissie en de nationale regeringen. KBC bijvoorbeeld denkt dit jaar 1,1 miljard euro opzij te moeten zetten voor probleemkredieten, liet de bank-verzekeraar weten bij de publicatie in mei van zijn resultaten over het eerste kwartaal. In 2019 zette de bank een winst neer van 2,5 miljard.

Overigens heeft de EBA een voor dit jaar geplande stresstest afgeblazen. De hypothetische stressscenario’s die voor de banken bedacht kunnen worden, zijn momenteel immers realiteit.

De kredietverliezen, zegt de EBA, zullen een ferme hap nemen uit de winsten van de banken en 380 miljard euro van hun kapitaalbuffers wegvreten. Omdat de meeste banken die buffers na de bankencrisis beduidend hebben verstevigd, zouden ze de coronacrisis moeten kunnen doorstaan, meent de toezichthouder. Die voegt er wel aan toe dat zwakkere banken die voor de crisis al met problemen kampten, het erg moeilijk kunnen krijgen.

De coronacrisis treft de banken zwaarder dan de financiële crisis van 2008 of de eurocrisis van 2010, zegt McKinsey.

De adviesgroep McKinsey stelt in een rapport dat de coronacrisis dit en de volgende jaren een hap van 40 procent zal nemen uit hun winsten van de Europese banken, als gevolg van grote kredietverliezen, een lagere rentemarge en dalende inkomsten door de slechtere economische omgeving.

De beleggers hebben die boodschap gehoord. De Euro Stoxx Banks Index, die de aandelenkoersen van de belangrijkste beursgenoteerde banken in Europa omvat, staat nu zowat 40 procent lager dan midden februari, voor de coronacrisis losbarstte. Het is op een bepaald ogenblik erger geweest: op 16 maart, toen verschillende landen besloten in lockdown te gaan, stonden de aandelenkoersen 50 procent lager.

‘De coronacrisis treft de banksector zwaarder dan de financiële crisis van 2007-2008 en de Europese schuldencrisis van 2010’, zegt McKinsey. ‘Het worden vier verloren jaren voor de banksector.’

Lees verder