De terugkeer van het jeunisme

Conner Rousseau, die bijna zeker de nieuwe sp.a-voorzitter wordt, is met zijn 26 jaar jonger dan de jongerenvoorzitters van veel andere partijen. ©Tim Dirven

De verkiezingen van 26 mei hebben het einde ingeluid van een generatie partijvoorzitters, zoals Charles Michel, Bart De Wever, Wouter Beke, Gwendolyn Rutten en John Crombez, die als dertigers aan de macht kwamen. Een nieuwe generatie steekt de neus aan het venster.

Met zijn 26 jaar is de kandidaat-voorzitter van de sp.a, Conner Rousseau, vier jaar jonger dan de jongerenvoorzitter van CD&V, Sammy Mahdi, en zes jaar jonger die van N-VA, Lawrence Vancraeyenest. Zelfs al komt hij nog maar net zijn neus aan het venster steken, toch is de kans groot dat hij de volgende voorzitter wordt.

Het mag tekenend zijn voor de malaise bij de Vlaamse socialisten dat niemand zich nog geroepen voelt om de socialisten te gaan leiden, nu de partij is weggezakt tot aan de 10 procentgrens en daar in een eerste peiling na de verkiezingen onder duikt.

Verbrand

De oude garde socialisten zwaaide al langer geleden af en de tussengeneratie van veertigers en vijftigers is in hoog tempo verbrand geraakt. Caroline Gennez, Freya Van den Bossche, Bruno Tobback, Yasmine Kerbache en ook John Crombez konden de politieke neergang niet stoppen die is ingezet nadat Steve Stevaert en zijn Teletubbies van het toneel waren verdwenen. Het gevolg is dat moet worden geput uit een generatie twintigers die door de verjongingskuur van Crombez nu al sleutelposities innemen bij de sp.a.

Het valt niet uit te sluiten dat het voorbeeld van de sp.a wordt gevolgd. Bij CD&V is zeker niet uit te sluiten dat een jonge voorzitter de christendemocratie van de ondergang moet redden. De naam van Mahdi gaat over de tongen.

Ook bij de liberalen lijkt het tijd voor een grondige verjongingsoperatie. Bij Open VLD heeft de 31-jarige burgemeester van Staden, de kapper Francesco Vanderjeugd, zich al in de race om het voorzitterschap gegooid en overweegt de al iets rijpere Egbert Lachaert (42) eveneens sterk opnieuw een worp te doen naar het voorzitterschap.

Jongeren in de politiek weten tenminste hoe met een nieuwe generatie kiezers gecommuniceerd moet worden.

Bij de Franstalige liberalen duikt de naam op van Georges-Louis Bouchez, een 33-jarige beeldenstormer uit Bergen, die als rechterhand van Michel tot woordvoerder van de MR was gebombardeerd in de verkiezingscampagne. Na het vertrek van Michel, Didier Reynders en Olivier Chastel naar Europa heeft ook de MR geen natuurlijke leiders meer.

Generatiewissel

De generatiewissel verloopt niet zonder horten of stoten. Bij de MR is er al sprake van een anti-Bouchez-front. Ook al heeft de huidige generatie van politici geen antwoord gevonden op de afkalving waarmee alle traditionele partijen kampen, toch vreest ze dat een groentje niet de heropstanding zal inluiden, maar eerder als laatste het licht zal mogen uitdoen.

Het is niet voor het eerst dat de Wetstraat een opstoot van jeunisme kent. Volgens de ‘Dikke Van Dale’ betekent jeunisme een ‘idolate verering van de jeugd en van wat jong is’. In de jaren negentig maakte het jeunisme opgang bij de Vlaamse liberalen. Oude krokodil Herman De Croo was er het slachtoffer van. Hij moest als partijvoorzitter baan ruimen voor de terugkeer van Guy Verhofstadt na jaren in de woestijn.

Het toppunt van jeunisme was toen Verhofstadt zijn woordvoerder Bart Somers op 39-jarige leeftijd bombardeerde tot minister-president van Vlaanderen. Hij loste Patrick Dewael af, die minister werd in de federale regering. In de regering-Somers zaten nog de piepjonge ministers Patricia Ceysens en Marino Keulen. Het werd geen eclatant succes. Somers keerde al na een jaar terug naar het partijhoofdkwartier aan de Melsensstraat, waar hij interim-voorzitter werd. Zijn belangrijkste wapenfeit als minister-president was een vergeefse poging om de Olympische Spelen naar Vlaanderen te halen.

Sociale media

De jeugd is dus niet altijd een garantie op succes, maar vernieuwing en verjonging zijn cruciaal voor politieke partijen om voeling te houden met wat in de samenleving leeft. Zeker in deze digitale tijden is het een hele uitdaging voor de klassieke partijen om aansluiting te vinden bij de leefwereld van jongeren. Jongeren in de politiek weten tenminste hoe met een nieuwe generatie kiezers gecommuniceerd moet worden.

Een belangrijk element in het succes van Tom Van Grieken, die nog geen dertig jaar was toen hij voorzitter werd van het Vlaams Belang, is dat hij weet om te gaan met de sociale media. De Facebook-filmpjes die hij tijdens de verkiezingscampagne aan een hoog tempo maakte, waren een schot in de roos. Hij perfectioneerde de techniek, die Rousseau bij de sp.a had geïntroduceerd, om via Facebook politieke boodschappen in de markt te zetten. Van Grieken loopt er niet mee te koop, maar zijn bereik is groter dan dat van VTM. Het cordon sanitaire is een relict uit het verleden.

Van Grieken is ook de perfecte illustratie dat wissels van de macht noodzakelijk zijn voor politieke partijen, al zijn ze geen garantie op succes. Voor hetzelfde geld is Rousseau niet de toekomst, maar de laatste der Mohikanen. Dat is de zware last op de frele schouders van de nieuwe generatie voorzitters die er bij zowat alle partijen zit aan te komen, nadat de generatie van Michel, De Wever, Beke en Rutten uitgeregeerd is.

Lees verder

Advertentie
Advertentie