weekboek

Ruzie in de raad van bestuur

Redacteur Politiek

In plaats van beslissingen van de regering af te schieten, zouden de voorzitters van de meerderheidspartijen ook kunnen onderhandelen over een regeerakkoord bis: de details van de sociaal- economische hervormingen.

Een van de interessantere vragen op een examen publiek recht is waar in de Belgische grondwet omschreven staat welke macht de partijvoorzitters krijgen. In ‘titel III - De machten’ gaan de eerste twee hoofdstukken over het federale parlement, daarna volgen de federale regering, de gemeenschappen en gewesten, het Grondwettelijk Hof, de Raad van State, de rest van de rechterlijke macht en de lokale besturen. En dan houdt het op.

Het antwoord: de grondwet vermeldt geen politieke partijen en dus ook geen partijvoorzitters. Nochtans spelen ze een cruciale rol in de Belgische politiek. In de recentste peiling, van een week geleden, voert premier Alexander De Croo (Open VLD) de lijst met populairste politici aan. Hij wordt gevolgd door twee partijvoorzitters: Bart De Wever (N-VA) en Conner Rousseau (Vooruit).

Het gaat daarbij over meer dan populariteit. Het gaat om macht: partijvoorzitters bepalen in grote mate wie bovenaan op de kieslijsten staat en dus het meest kans maakt om verkozen te worden in het parlement. Ze onderhandelen vervolgens een regeerakkoord, op voorwaarde dat ze samen meer dan de helft van de parlementsleden vertegenwoordigen.

Een van de moeilijke vragen van de Wetstraat is of een regering ermee gediend is dat de partijvoorzitters er vervolgens ook in gaan zitten. Bij de regering-Michel werd het in 2014 gezien als een zwakte dat - op Charles Michel zelf na - geen enkele partijvoorzitter minister werd. Toen de regering- Wilmès volmachten kreeg in de strijd tegen de coronapandemie, beslisten tien partijvoorzitters mee over dat crisisbeleid en was het weer niet goed.

Ook in de regering-De Croo is de relatie tussen de partijvoorzitters en de regering complex.

In de campagne voor de verkiezingen van 2019 stelde De Wever zich kandidaat om de Vlaamse regering te leiden, maar hij kwam op die belofte terug en stuurde Jan Jambon naar het Martelarenplein. Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten besliste pas enkele uren voor de eedaflegging het evenmin te doen en stuurde Lydia Peeters naar de Vlaamse regering. CD&V-voorzitter Wouter Beke deed het wel en werd minister van Welzijn. Nog geen jaar later gaf hij toe dat er fouten waren gemaakt bij de aanpak van de coronacrisis in de woon- zorgcentra en dat hij aan ontslag had gedacht.

Ook in de regering-De Croo is de relatie tussen de partijvoorzitters en de regering complex. Open VLD-voorzitter Egbert Lachaert startte de discussie over de pen- sioenhervorming nog voor federaal minister van Pensioenen Karine Lalieux (PS) met haar hervormingsplan kwam. MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez is nog nooit gestopt zich met het regeringsbeleid te bemoeien en doet dat met veel bravoure.

©Photo News

Deze week floot PS-voorzitter Paul Magnette de regering gewoon terug: nadat de premier en de vicepremiers een akkoord hadden bereikt over de verlenging van de coronasteun, liet Magnette aan Le Soir weten dat het akkoord ‘dérisoire’ was, wat nog het best vertaald wordt als ‘bespottelijk’.

Wat volgde, was een extra dag onderhandelen over 15 miljoen euro meer of minder coronasteun - het totale budget heeft de kaap van 25 miljard euro gerond - waarna alles alsnog in de plooi viel.

‘Nose in, fingers out’

Hoe moeten voorzitters van meerderheidspartijen zich gedragen tegenover de regering die ze in het zadel brachten? Aangezien de grondwet niets bepaalt, is het een open discussie. Misschien is de beste manier om de voorzitters te beschrijven nog een raad van bestuur van een vennootschap. In zo’n raad worden de bestuurders aangeduid door de aandeelhouders: in casu zijn dat de kiezers die bepalen hoeveel parlementsleden elke partij krijgt.

Vervolgens bepalen de bestuurders de strategische koers van het bedrijf. Dat is wat je het regeerakkoord zou kunnen noemen: de grote lijnen van wat in vijf jaar moet worden bereikt. En daarna wordt de uitvoering van dat beleid uitbesteed aan een door hen aangesteld management: de ministers van de regering. De CEO - de premier - is daarin de sleutelfiguur. Hij vergadert mee met de raad van bestuur en leidt het dagdagelijks bestuur.

Het zou steek houden als de partij- voorzitters het sociaal- economisch luik van het regeerakkoord aanvullen en invullen.

In de wereld van de corporate governance wordt de taak van een raad van bestuur omschreven als ‘nose in, fingers out’. De raad volgt nauwgezet op of de strategie wel werkt en goed wordt uitgevoerd en zit met de neus op de feiten. Maar hij houdt de handen af van wat de managers doen en mengt zich niet in de details.

Als ‘nose in, fingers out’ ook in de Wetstraat moet gelden, falen de partijvoorzitters vandaag. Vooral aan Franstalige kant is een publiek opbod bezig waarbij Bouchez en Magnette zich voortdurend mengen in alles. Het leidde deze week opnieuw tot een botsing tussen de MR en de PS, uitgerekend op het moment waarop de premier in New York was voor de algemene vergadering van de Verenigde Naties.

Grote deal

Nochtans ligt er voor de raad van bestuur van de Wetstraat een kans voor het grijpen: het regeerakkoord verfijnen en aanvullen. Toen de regering-De Croo aantrad, gebeurde dat in een grote crisissfeer. Er was, na de te weifelende aanpak van de coronacrisis door premier Sophie Wilmès (MR), snel daadkrachtiger leiderschap nodig. Het strategische doel van de regering-De Croo was daarom eerst en vooral de coronapandemie bestrijden. Veel tijd om de details van het sociaal-economisch beleid uit te werken, was er niet.

Met meer dan 8,5 miljoen Belgen gevaccineerd, een bruto binnenlands product dat de komende maanden weer op pre-coronaniveau komt piepen en de steunmaatregelen die op oudejaarsavond uit- doven, is die opdracht stilaan geslaagd. Vanuit de regering het sociaal-economisch hervormingsbeleid opstarten, is de voorbije maand echter compleet mislukt.

Het zou daarom steek houden dat de partijvoorzitters die taak ter harte nemen en het sociaal-economisch luik van het regeerakkoord aanvullen en invullen. Er zijn veel te weinig afspraken gemaakt over hoe we denken 80 procent van de 20- tot 64-jarigen aan de slag te krijgen, een fiscale hervorming op het getouw te kunnen zetten, ziekenhuisfinanciering te kunnen hervormen en minder mensen langdurig ziek thuis te laten zitten. Als je de pensioenen en andere vergrijzingskosten echt betaalbaar wil maken, zal op al die dingen moeten worden ingegrepen. Het kan alleen maar lukken met een grote deal.

Eerder deze maand kon je nog denken dat zoiets bezig was, nadat Lachaert en Magnette samen op restaurant met een vitello tonnato waren gesignaleerd. De manier waarop Magnette zich deze week roerde, haalde die illusie van een teruggevonden verstandhouding onderuit. De voorbije week werd de Open VLD-voorzitter opnieuw lunchend gesignaleerd, deze keer met Ecolo-covoorzitter Jean-Marc Nollet. In de Wetstraat vergadert de raad van bestuur niet in de boardroom. Hij gaat op restaurant.

Lees verder