Montenegro beslist over breuk met Servië

(tijd) - De inwoners van Montenegro beslissen volgende zondag per referendum of hun republiek onafhankelijk wordt en of er een einde komt aan de unie met Servië. Onder druk van de EU werd bepaald dat de opkomst minstens 50 procent moet bedragen en dat de onafhankelijkheid er enkel komt als minstens 55 procent van het electoraat ervoor kiest. Servië dreigt dit jaar niet alleen de unie met Montenegro in rook te zien opgaan. Servië zou ook de zuidelijke provincie Kosovo definitief kunnen kwijtspelen als de internationale gemeenschap die provincie onafhankelijkheid verleent.

De unie tussen de voormalige Joegoslavische republieken Servië en Montenegro is al wat rest van de federatie van zes republieken waaruit Joegoslavië bestond voor het land aan het begin van de jaren negentig uiteenviel. De unie tussen Servië en Montenegro kwam begin 2003 tot stand na aanzienlijke diplomatieke inspanningen van de Europese Unie. Het unieverdrag werd echter meteen uitgehold door beide partijen de kans te bieden zich na drie jaar per referendum uit te spreken over onafhankelijkheid. Montenegro was daarbij vragende partij en vooral dan premier en tevens ex-president Milo Djukanovic.

De 44-jarige Djukanovic (foto: EPA) werd in 1991 met de steun van de voormalige Joegoslavische president, Slobodan Milosevic, voor de eerste maal premier van Montenegro. In 1996 kwam het tot een breuk met Milosevic. In 1997 werd Djukanovic president van Montenegro en een rechtstreekse tegenspeler van Milosevic. Ook na diens val in 2000 bleef Djukanovic ijveren voor het verbreken van de banden met Servië. Djukanovic, in 2002 opnieuw premier geworden, vindt dat Montenegro door Servië gegijzeld wordt. Zijn meest recente argument daarvoor is de opschorting van de gesprekken over een associatie- en stabilisatieakkoord met de EU. Die gesprekken werden begin deze maand opgeschort omdat Servië er niet in geslaagd is de voortvluchtige Bosnisch-Servische oorlogsmisdadiger Ratko Mladic te arresteren.

Servië en Montenegro beschikken over aparte onderhandelingsteams in hun gesprekken met de EU. Voorstanders van de onafhankelijkheid gaan ervan uit dat de opschorting van de gesprekken met de EU slechts enkele weken vertraging opleverent en dat de hele zaak na de onafhankelijkheid in een stroomversnelling komt. Premier Djukanovic hoopt nog in november een akkoord met de EU te kunnen tekenen. Onder druk van de Unie stemden de Montenegrijnen ermee in dat enkel sprake kan zijn van onafhankelijkheid als de opkomst 50 procent bedraagt en als minstens 55 procent zich voor een breuk met Servië uitspreekt.

Tegenstanders van de breuk stellen dat Montenegro al een staat is die zijn eigen zaken bereddert. Montenegro gebruikt bijvoorbeeld de euro als munt terwijl de Serviërs de dinar hanteren. Bevoegdheden zoals defensie en buitenlandse zaken, die behartigd worden door de unie, komen beide partijen ten goede, stellen de tegenstanders van een scheiding. Het kamp van de tegenstanders wordt aangevoerd door Predrag Bulatovic van de Socialistische Volkspartij. Hij denkt dat Montenegrijnse handelaars na een scheiding met Servië andere afzetmarkten moeten zoeken en vreest dat ook het toerisme zal worden getroffen aangezien de meeste toeristen in Montenegro Serviërs zijn.

Een meerderheid van de Serviërs is er volgens een peiling van overtuigd dat de Montenegrijnen zondag zullen beslissen hun eigen weg te gaan. Mogelijk doen de stemmen van de minderheid van etnische Albanezen en moslims de balans overhellen ten gunste van onafhankelijkheid. Sommige etnische Albanezen denken dat de onafhankelijkheid van Montenegro de stabiliteit in de regio zal vergroten, omdat een einde wordt gemaakt aan de droom van een Groot-Servië. Als de internationale gemeenschap over enkele maanden de Zuid-Servische provincie Kosovo met zijn Albanese meerderheid ook onafhankelijkheid verleent, dan ligt die droom inderdaad aan diggelen.

De kans is reëel dat het referendum geen duidelijk resultaat oplevert. Als het aantal stemmen voor onafhankelijkheid blijft steken tussen 50 en 55 procent gaan Montenegro en Servië een moeilijke tijd tegemoet. Enerzijds kunnen de voorstanders voor onafhankelijkheid dan beweren dat een meerderheid zich heeft uitgesproken tegen de unie met Servië. En anderzijds kunnen tegenstanders van een breuk stellen dat er geen voldoende grote meerderheid is voor onafhankelijkheid. Montenegro moet dan opnieuw gaan praten met Servië over de toekomst van de unie. En dat terwijl Servië tegelijkertijd moet vermijden gezichtsverlies te lijden in zijn onderhandelingen over de toekomstige status van Kosovo. De vraag is of de Servische minderheidsregering van Vojislav Kostunica een dergelijke uitdaging nog aan kan.

LDV

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud