Vlaamse onderzoekers vinden nieuwe genetische oorzaak van dementie

Onderzoekers van het Vlaams Interuniversitair Instituut voor Biotechnologie (VIB) hebben ontdekt dat een tekort aan het eiwit progranuline een belangrijke rol speelt in dementie van de voorste hersenen. Dat is de belangrijkste vorm van dementie na de ziekte van Alzheimer. 'Het is van 1995 geleden dat er nog een genetische factor was gevonden voor dementie', zegt Christine Van Broeckhoven, het hoofd van het onderzoeksteam.

(tijd) 'Voor het eerst is er een groeifactor gevonden voor dementie', zegt Van Broeckhoven over de ontdekking. 'Totnogtoe ging het altijd over andere soorten eiwitten. Groeifactoren ondersteunen cellen en dus ook hersencellen. Het valt dan ook niet uit te sluiten dat de groeifactor die we hebben gevonden, een rol speelt bij alle hersenziekten waarbij hersencellen verloren gaan.'

Het onderzoeksteam van Van Broeckhoven werkte intens samen met neurologen van universitaire geheugenklinieken in Antwerpen, Leuven en Gent. Bij families waar dementie van de voorste hersenkwab of frontaalkwabdementie voorkomt, vonden ze genetische fouten die een tekort aan progranuline veroorzaken.

Frontaalkwabdementie wordt veroorzaakt door een fout in chromosoom 17. Dat draagt de erfelijke code van het eiwit tau. Fouten in dat eiwit veroorzaken 'tau-positieve dementie'. Een andere vorm, met het foutieve eiwit progranuline op datzelfde chromosoom 17, komt echter veel vaker voor.

Volgens Van Broeckhoven is de ontdekking verrassend, omdat progranuline vooral bekend is voor zijn rol bij kanker. Te veel van het eiwit geeft tumoren. Patiënten met frontaalkwabdementie hebben echter een tekort, wat aantoont dat het eiwit mee instaat voor het overleven van hersencellen. Het hersenweefsel van patiënten met frontaalkwabdementie sterft op die plaats immers af. 'Dat gebied van de hersenen is betrokken bij het gedrag, het bewegen en de stemming. Het staat ook in voor het geheugen en de taal. De persoonlijkheid van de patiënten verandert, terwijl bij Alzheimer aanvankelijk vooral het geheugen wordt aangetast. Aan het einde van de rit hebben alle dementerenden natuurlijk problemen met zowel persoonlijkheid als verstandelijke vermogens', legt Van Broeckhoven uit.

medicatie

Er moet nog heel wat onderzoek gebeuren voor er medicatie is voor dementiepatiënten. Maar de ontdekking biedt uitzicht op een nieuwe behandeling, mogelijk ook voor andere hersenziekten waarbij hersencellen afsterven, zoals alzheimer en parkinson. Het toedienen van progranuline zou een eenvoudige oplossing kunnen bieden. Maar omdat te veel progranuline kanker veroorzaakt, moet men de juiste hoeveelheid vinden.

'De precieze rol van de beschermende groeifactoren in hersencellen is nog niet bekend. Maar dat progranuline belangrijk is, weten we door het feit dat er immense verschillen zijn in de leeftijd waarop dementie begint. De ene patiënt is pas 68, de andere 95. Hoe bestand iemand is tegen een aanval op zijn hersencellen, hangt wellicht af van de groeifactoren.'

Dankzij de resultaten kan op verzoek van een arts nu een DNA-onderzoek naar genetische fouten gebeuren bij patiënten en familieleden. 'Vaststellen aan welke vorm van dementie iemand lijdt, is niet altijd gemakkelijk, er zijn veel overlappingen. Het is moeilijk om een onderscheid te maken tussen frontaalkwabdementie en alzheimer', legt Van Broeckhoven uit. 'Er zal uiteraard meer vraag naar genetisch onderzoek komen, maar we dringen dat niet op. De patiënten en hun familie moeten het zelf willen'.

FVH

Patiënten en hun familieleden kunnen met vragen terecht bij de onderzoeksverpleegkundigen Karin Peeters en Mie Mattheijssens (03/265.10.35). Meer informatie kan ook verkregen worden bij de neurologen van de geheugenklinieken: Peter De Deyn (03/820.26.20, Antwerpen), Rik Vandenberghe (016/34.42.80, Leuven) en Patrick Santens (09/240.45.29, Gent). Mailen kan ook: patienteninfo@vib.be

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud