interview

'Voor ik investeer, moet ik geloven in de wetenschapper'

Jean Stéphenne (links), vroeger CEO van GSK Vaccines, en Cédric Blanpain (rechts), topwetenschapper aan de ULB. 'We zitten in een goede dynamiek voor ontwikkelingen met biotechnologie.' ©Dieter Telemans

Van wetenschappelijk onderzoek naar een geneesmiddel, het is een hobbelige weg. De onderzoeker Cédric Blanpain probeert zijn eerste kankermedicijn op de markt te brengen. 'Je moet vooral naar grote investeringsfondsen durven stappen', klinkt het bij de captain of industry Jean Stéphenne.

De wetenschapper Cédric Blanpain en de captain of industry Jean Stéphenne zaten nog nooit eerder samen. Ze kennen elkaar van reputatie, maar hadden elkaar nog nooit ontmoet. Blanpain is een wereldbefaamde onderzoeker aan de Franstalige universiteit ULB, die grenzen verlegt in de strijd tegen kanker. Hij baarde opzien door te achterhalen waarom kanker uitzaait. Die kennis zet hij nu om in een medicijn dat patiënten moet beschermen tegen uitzaaiingen.

BIOTECH SPECIAL

Biotechnologie zet de geneeskunde op zijn kop. Wat gisteren niet te genezen leek, lijkt plots een fluitje van een cent. Maar hoe groot is de revolutie echt? De Tijd brengt de sector in kaart en onderzoekt hoe biotech onze gezondheid en ons leven verandert.

Lees hier alle stukken uit het dossier.

Stéphenne stond jarenlang aan het hoofd van GSK Vaccines, de Waverse poot van het farmaconcern GSK die vaccins produceert. Sinds enkele jaren investeert hij ook zelf in biotechbedrijven en zetelt hij in de raad van bestuur van verschillende, vooral Waalse, biotechbedrijven.

Professor Blanpain bracht zijn uitvinding eerder dit jaar onder in de spin-off ChromaCure. De stap van de wetenschap naar het ondernemerschap heeft hem jaren afgeschrikt, maar uiteindelijk zette hij toch de stap.

Waarom twijfelde u niet meer?

Cédric Blanpain: 'Ik heb gestudeerd voor arts en ben niet meteen gestart als onderzoeker. Maar het heeft altijd in me gezeten om mensen te helpen. Ik ga nu toch verder dan academisch onderzoek, omdat ik weet wat het kan betekenen voor kankerpatiënten. Dat medicijn moet het licht zien.'

Voor mijn onderzoek bestaat nog geen geneesmiddel. Het is dus een echte innovatie. Dat is niet alleen een uitdaging voor ons als wetenschappers, maar ook voor de investeerders, die hier een groot verschil kunnen maken.
Cédric Blanpain
Wetenschapper

'Daar komt nog bij dat wetenschappelijk onderzoek lang duurt. Ik heb tien jaar nodig gehad om zeker te zijn dat dit iets zou kunnen worden. Biotechnologie is geen sinecure.'

Jean Stéphenne: 'Heel juist. Tussen het oorspronkelijke idee en het product dat op de markt kan komen, zit jaren van hard werk. Tien jaar is zeker geen uitzondering. Er zijn veel obstakels onderweg en er is veel geld nodig, dat niet altijd gemakkelijk te vinden is. Er zijn natuurlijk altijd businessangels bereid een goed idee te ondersteunen, maar die 100.000 of 200.000 euro is niet genoeg. Er zijn honderden miljoenen nodig. En dus moet je naar grote investeringsfondsen durven te stappen.'

Misprijzen wetenschappers nog altijd collega's die ondernemer worden? Is er afgunst?

Blanpain: 'Steeds minder. Tien jaar geleden werd een wetenschapper inderdaad verondersteld in zijn ivoren toren te blijven. In de Verenigde Staten is dat al lang helemaal anders. Daar wil iedere onderzoeker zijn idee vermarkten. En daar staat een spin-off ook erg goed op een cv.'

Stéphenne: 'Dat is hier ook steeds meer het geval. Gelukkig maar. Vandaag zijn, in tegenstelling tot 40 jaar geleden, samenwerkingen tussen universiteiten en de industrie normaal. Er moet echter wel nog steeds een financiële return zijn voor de universiteit. Het is niet de bedoeling dat je wegloopt met je idee.'

Hoe kan je het potentieel van een medicijn inschatten als het nog maar een idee is?

Chat met Onno Van de Stolpe, CEO van Galapagos

Donderdag organiseert De Tijd de tweede editie van de CEO Talks, een unieke kans om uw vragen rechtstreeks te stellen aan de CEO's van beursgenoteerd Brussel.

De aftrap werd gegeven door Jan De Nys van Retail Estates. Deze week is het de beurt aan Onno Van de Stolpe, CEO van Galapagos. U kan nu al uw vragen stellen in de chatbox.

Blanpain: 'Voor mijn onderzoek bestaat er nog geen geneesmiddel. Het is dus een echte innovatie. Dat is niet alleen een uitdaging voor ons als wetenschappers, maar ook voor de investeerders, die hier een groot verschil kunnen maken. Al zijn er natuurlijk veel risico's aan verbonden.'

ChromaCure is nu gelanceerd, maar denkt u dat het op de markt zal geraken?

Blanpain: 'Ik hoop dat ik patiëntentesten kan doen en zo kan bewijzen dat het medicijn efficiënt is. Voor het vervolg, een fase 3-onderzoek om aan te tonen dat het beter is dan een ander product op de markt, zal heel veel kapitaal nodig zijn. Bijna geen enkel biotechbedrijf kan dat aan. Vanaf dan zal ik de hulp van een farmabedrijf moeten inroepen.'

Stéphenne: 'De portefeuille met potentiële medicijnen van farmabedrijven bestaat meestal voor de helft uit biotech. Een fase 3-onderzoek kan al snel 1 miljard euro kosten. Dat kan de biotech niet zelf financieren.'

Hoe heeft u investeerders gevonden?

Blanpain: 'Mijn goede vriend Pierre Drion (een voormalige partner bij Petercam, red.) heeft heel veel deuren geopend. Hij bracht me in contact met grote investeringsfondsen als Newton Capital, New Science Venture en overheidsfondsen.'

Meneer Stéphenne, hoe beslist u over investeringen? U zit bijvoorbeeld niet in ChromaCure.

De portefeuille met potentiële medicijnen van de farmabedrijven bestaat meestal voor de helft uit biotech. Een fase 3-onderzoek kan al snel 1 miljard euro kosten. Dat kan de biotech niet zelf financieren.
Jean Stéphenne
Investeerder

Stéphenne: 'Ik moet vooral geloven in de persoon achter het idee en in het idee zelf. Het idee moet robuust zijn en de wetenschapper moet een streng en strikt werkschema hebben. Anders wordt het niets. Misschien investeer ik later nog in ChromaCure.'

En waarom investeert u in biotech? Voor de financiële return?

Stéphenne: 'Ik neem altijd een actieve rol op in de bedrijven waar ik in beleg. Ik heb veel ervaring en kan strategische inzichten bijbrengen aan kleine, startende biotechbedrijven. Ik kan ze helpen met het opstellen van hun prioriteiten of om het juiste talent aan te trekken, zodat de kans op slagen groter wordt.'

Hoe komt het dat biotech zo'n hype is en biotechbedrijven als paddenstoelen uit de grond rijzen?

Stéphenne: 'Het investeringsklimaat is gunstig. Er worden subsidies, zowel regionaal als Europees, uitgedeeld en leningen en participaties zijn makkelijker. Dat brengt een nooit geziene dynamiek in de biotechsector.'

'Het wetenschappelijk onderzoek is ook erg goed in België. Bovendien hebben we hier een lange geschiedenis van farmaceutische ontwikkeling, waardoor innovatie ingeburgerd is. Kijk naar GSK, UCB of Janssen Pharmaceutica. Ik vind het altijd mooi om te zien als werknemers van grote bedrijven hun eigen ding doen en een start-up oprichten.'

U zei het al, biotechbedrijven hebben de farma-industrie nodig om hun product op de markt te brengen. Zijn alle Belgische biotechbedrijven gedoemd te worden overgenomen?

Stéphenne: 'Zo simpel is het niet. Een biotechbedrijf heeft ondersteuning nodig van de farma-industrie voor de grote commerciële markten, maar het kan zich zelf op enkele kleinere markten begeven. Of het bedrijf kan ervoor zorgen dat het een belangrijke pilaar wordt in een farmaconcern.'

Blanpain: 'Een andere mogelijkheid is ook gewoon om je bedrijf los te laten eens je bent overgenomen, en naar andere molecules te kijken. Er is nog werk genoeg.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie