reportage

De Deense les voor Vlaamse scholen

De schooldag begint in de Deense gemeente Virum. ©Carsten Snejbjerg

Gemarkeerde zones op de speelplaats, de helft van de dag buiten les, klassen van maximaal twaalf leerlingen, mobiele lavabo’s die normaal op het Roskilde- festival gebruikt worden en bovenal de heilige regel van 2 meter afstand. Wij liepen een dag mee in een Deense school, om lessen te trekken voor Vlaanderen.

Donderdagmorgen 8 uur. Het is een stralende ochtend in Virum, een voorstad iets ten noorden van Kopenhagen. Kinderen met kleurrijke helmen parkeren hun fiets in het rek voor de schoolpoort. Ze groeten hun vriendjes. Hun ouders staan er goedgemutst bij. Straks kunnen velen van hen weer onbezorgd aan het werk.

Wat normaal een scène is die zich elke ochtend afspeelt aan tienduizenden schoolpoorten in Europa, is nu iets waar de hele wereld met grote ogen naar kijkt: Denemarken opende vorige week als een van de eerste landen op het continent opnieuw de scholen.

 

Maar dat deze ochtend hier op de Fuglsanggårdsskolen geen gewone schooldag inluidt, wordt snel duidelijk. De ouders houden netjes afstand en mogen niet mee binnen. De juf van het eerste leerjaar geeft haar kinderen een elleboog- en een voetshake. Ze houdt een lijst in de hand om nauwgezet bij te houden wie al binnen mag en wie niet.

Directeur Rasmus Mattern Nielsen legt uit waarom: ‘Normaal beginnen alle leerlingen om 8 uur, nu worden ze toegelaten in shifts. Elke tien minuten mag een andere groep binnen, telkens aan een andere ingang.’ Het is een van de tientallen regels waar Nielsen zich in de weken voor de heropening van de scholen het hoofd over gebroken heeft.

De schooldag begint in de Deense gemeente Virum. ©Carsten Snejbjerg

Nagenoeg alle klassen in de school werden in tweeën gesplitst. Die kleinere groepen van telkens een twaalftal leerlingen kregen één vaste leerkracht toegewezen. Elk leerjaar vormt een aparte silo, die met niemand anders in contact mag komen.

Nielsen toont de gele, witte en rode markeerlijn op de grond van een andere schoolingang: het zijn de verplichte routes voor respectievelijk het derde, tweede en vijfde leerjaar. Elk leiden ze naar enkele lavabo’s met desinfecterende handgel en zeep.

Ook die zijn elk voorbehouden aan een bepaald leerjaar. De directeur wijst op een mobiele wasplaats in een hoek van de speelplaats. ‘Omdat we niet genoeg lavabo’s hadden, hebben we aangeklopt bij de leveranciers van festivals. Het exemplaar dat je daar ziet, was normaal wellicht op het Roskilde-festival beland, dat nu geannuleerd is. Een duur grapje: de huur van twee stellen kost ons 2.400 euro per maand.’

Handcrème

Bij het binnengaan, voor en na elke pauze, voor en na het middageten, en opnieuw bij het vertrek. De zevenjarige Naya rekent na hoeveel keer per dag ze haar handen wast: een achttal keer. Ze toont de geïrriteerde randen rond haar nagel: ‘We moeten onze handen telkens een minuut lang wassen. Het doet steeds meer pijn’, vertelt ze. ‘Maar het moet van de juf.’

De kinderen houden zich aan de regels. Maar hun handjes zien af. Een leerling is zelfs thuis moeten blijven omdat haar handen te geïrriteerd waren.
Vibeke Busck
Juf aan de Fuglsanggårdsskolen in Virum

Die juf heet Vibeke Busck en knikt begripvol als ze Naya hoort vertellen. ‘De kinderen zijn echt flink en houden zich aan de regels. Maar hun handjes zien af. Ik heb al aan een paar ouders moeten vragen of ze handcrème konden aanbrengen. Een van de leerlingen is vandaag zelfs thuis moeten blijven omdat haar handen te geïrriteerd waren.’

De enige regel waar Naya het moeilijk mee heeft, is afstand houden. ‘Ik wil wel, maar mijn beste vriendin wil me steeds weer vastpakken,’ giechelt ze. In het begin moest ze dan telkens weer de handen gaan wassen van de lerares, maar dat is niet langer houdbaar. ‘De kleinste kinderen kan je gewoon niet van elkaar afhouden: ze knuffelen of ze vechten tijdens het spelen’, zegt Busck.

Het nieuwe normaal in de Deense scholen

1. Alleen de kinderen van 6 tot 12 jaar komen naar school, samen met de kleuters en de laatstejaars van het gym- nasium (17-18 jaar).

2. Twee meter afstand houden is de belangrijkste regel. 

3. De meeste klassen worden in tweeën gesplitst, elk met hun eigen leraar.

4. Leerlingen komen alleen in contact met anderen van hetzelfde leerjaar.

5. Daarvoor zijn er aparte aanvangsuren, ingangen en zones op de speelplaats.

6. Elke groep heeft eigen lavabo’s.

7. De helft van de leertijd moet in openlucht. Alle deuren moeten altijd open.

8. Alle klinken en ruimtes worden verschillende keren per dag gedesinfecteerd.

9. De leraarskamer is gesloten, ook de leraars moeten op aparte momenten aankomen.

10. Kinderen van ouders die hen liever thuishouden, krijgen nog online les.

11. Opvallend: van mondmaskers is, net als in de rest van de Deense samenleving, geen sprake.

(Gebaseerd op de interpretatie van de nationale regels in de Fuglsanggårdsskolen in Virum)


Twee meter afstand houden is nochtans de gouden regel die nageleefd moet worden sinds de heropening van de Deense scholen vorige week. Directeur Nielsen ging letterlijk met een twee meter lange stok rond langs alle klaslokalen om nauwgezet de afstanden tussen de tafels af te meten.

Het plaatsgebrek dat daaruit volgt, verklaart waarom alleen de leerlingen tussen zes en twaalf weer naar school mochten gaan. Van de 730 leerlingen van de school zijn er slechts 500 weer fysiek aanwezig. Voor de oudere leerlingen, die in het Deense schoolsysteem pas op hun zestiende overstappen naar het gymnasium, was er geen plek meer. Zij blijven online les krijgen.

Te vroeg voor victorie

Dat Denemarken als een van de eerste landen in Europa de scholen opnieuw opende, heeft alles te maken met de geruststellende cijfers die het land kon voorleggen. Tot nog toe telt het met 5,8 miljoen inwoners slechts 8.200 bevestigde besmettingen en vielen ongeveer 400 doden te betreuren. Ter vergelijking: in België zijn dat er respectievelijk zo’n 44.300 en 6.700.

Dat heeft veel te maken met het feit dat Denemarken al op 11 maart als een van de eerste landen in volledige lockdown ging, een week vroeger dan België. ‘Die timing heeft ons gered’, zegt Allan Randrup Thomsen, professor virologie aan de Universiteit van Kopenhagen. Hij is de lokale Marc Van Ranst: als onafhankelijk expert is hij dezer dagen niet uit de Deense media weg te slaan.

Hij vult die rol kritisch in, en had bedenkingen bij het openen van de scholen. ‘Ik had ervoor gekozen om voorrang te geven aan de grotere kinderen, omdat die veel beter zijn in het naleven van de regels. Bovendien vond ik dat we te weinig wisten over de verspreiding van het virus bij de kinderen en voorzichtigheid nog geboden was.’

Volgens het Deense Instituut van Infectiezieken raakt slechts 1,8 procent van de kinderen besmet met het virus. ‘Intussen duiken steeds meer studies op die aantonen dat kinderen niet echt snel ziek worden, en het virus dus ook niet goed kunnen verspreiden door te niezen of te hoesten’, zegt Thomsen. ‘Zelfs al zit het virus in de keel, het komt er in dat geval niet zo gemakkelijk uit.’

Ik heb afgesproken met de professor in een parkje bij zijn woning in het centrum van Kopenhagen. Op deze zonnige lentedag zitten overal mensen op dekentjes te picknicken. Ook de vorige avond viel het op hoe honderden jonge Denen samentroepten op de kades langs de haven, met picknicks, meeneemmaaltijden en veel drank.

De opening van de scholen heeft een vals gevoel van veiligheid gecreëerd. De dalende curve van het aantal ziekenhuisopnames wordt weer wat rechter.
Allan Randrup Thomsen
Professor virologie Universiteit van Kopenhagen

De Deense regels laten dan wel groepjes tot tien mensen toe, de chef van de politie voelde zich deze week toch genoodzaakt op televisie te waarschuwen voor die samenscholingen. Ook Thomsen vreest dat de samenleving haar greep op het virus wat aan het verliezen is. ‘De opening van de scholen heeft een vals gevoel van veiligheid gecreëerd, net als de aankondiging van premier Mette Frederiksen net voor Pasen dat de regels versoepeld konden worden.’

De professor wijst erop dat de dalende curve van het aantal ziekenhuisopnames de jongste dagen weer wat rechter wordt. ‘Dat komt wellicht niet toevallig twee weken na die aankondiging van de premier. Ik denk dat we heel voorzichtig moeten blijven en het veel te vroeg is om victorie te kraaien.’

De hippe kapsalon Fratres Barbershop in hartje Kopenhagen is sinds de heropening al meteen weer volgeboekt. ©Carsten Snejbjerg


Hij wijst op zijn kort geschoren haar. ‘Vanmorgen ben ik naar de kapper geweest. Die mocht deze week weer open, samen met tandartsen en kinesitherapeuten. Maar ik was geschokt dat mijn kapper geen beschermend mondmasker droeg.’
Volgens Thomsen is het te vroeg om al de Deense exitstrategie te evalueren. ‘Dat kunnen we pas over een drietal weken, als de besmettingen van nu zich vertalen in nieuwe ziekenhuisopnames, en we de statistieken goed kunnen bestuderen. Daarom moet je ook minstens drie weken wachten voor je nieuwe stappen onderneemt in de heropening van de scholen.’

Overuren

Ook Rasmus Mattern Nielsen, de directeur van de Fuglsanggårdsskolen, ziet het gevaar in van een versoepeling van de regels. ‘Onze grootste vijand zijn de oude gewoontes. In het begin was iedereen zo enthousiast over de heropening van de scholen dat de nieuwe regels nauwgezet nageleefd werden. De volgende weken wordt dat moeilijker.’

Hij wijst op een witte lijn die dwars over de speelplaats loopt. ‘Eerder deze week zag ik vier jongens beteuterd aan de lijn staan kijken: hun bal was naar de andere kant gerold en ze durfden die niet te gaan halen. Dat zal niet blijven duren.’
Ook het weer wordt belangrijk: tijdens deze zachte lentedagen is het gemakkelijk om de aanbevelingen te volgen dat alle deuren openblijven en de helft van de lesuren in de buitenlucht gegeven worden. Eens dat omslaat, worden die regels veel minder leuk.

Nu zitten verschillende klassen, ver van elkaar verwijderd, op de speelplaats hun taak te maken. De kinderen halen zonnebrandolie boven om zich in te smeren. De ouders daarop attent maken is een van de vele kleine taken die deze job nu zo lastig maken,’ vertelt lerares Vibeke Busck. ‘Ik spendeer ook uren aan vakliteratuur om te zoeken welke lesopdrachten geschikt zijn om in openlucht te geven.’

De Fuglsanggards-school in Virum moest extra lavabo's orgnaniseren om aan de nieuwe corona-regels te voldoen. ©Carsten Snejbjerg

De belasting van de leerkrachten is hoog, omdat veel klassen gesplitst werden, en omdat leerkrachten van hogere jaren plots voor een klas gezet worden die ze niet kennen. Het helpt dat de Deense scholen over heel wat meer leerkrachten beschikken dan de Vlaamse. Voor 730 studenten heeft Nielsen 55 leraars en 25 pedagogen ter beschikking.

Toch draaien sommigen overuren omdat ze na de normale lesuren ook de online klassen van de hogere jaren moeten opvolgen. En ze geven les op afstand aan de jongere kinderen van wie de ouders de opening van de scholen nog niet zagen zitten. Bij velen zit de schrik er nog dik in.
‘Bij ons blijven 25 kinderen thuis’, vertelt Nielsen. ‘Het gaat voor de helft om gezinnen waar een van de leden medisch kwetsbaar is, en voor de helft om mensen die hun kinderen weigeren te sturen, omdat ze het nog te onveilig vinden.’ In Denemarken groepeerden die laatste ouders zich in een Facebook-groep met als titel ‘Mijn kind is geen proefkonijn’, die 40.000 leden heeft.

Hoe we in Denemarken raakten

Journalist behoort in België tot de essentiële beroepen, die zich mogen verplaatsen voor het werk. Denemarken heeft al zijn grenzen gesloten, tenzij voor essentiële verplaatsingen. Via de hotline van het Deense ministerie van Buitenlandse Zaken kregen we te horen dat we met een perskaart en een aanbevelingsbrief van de hoofdredacteur het land wel binnen mochten. We reden daarmee via Nederland en Duitsland naar Kopenhagen, en kwamen geen enkele grenscontrole tegen. Enkel bij het binnenrijden van Denemarken werd onze identiteitskaart gevraagd, zonder verder te informeren naar de reden van ons bezoek. Vanuit Kopenhagen reizen we nu verder naar Malmö, om de Zweedse strategie van kudde-immuniteit onder de loep te nemen.

De grootste maatschappelijke discussie over de heropening van de scholen situeert zich echter elders: steeds meer ouders vragen zich af wat moet gebeuren met de leerlingen ouder dan twaalf. Met uitzondering van de laatstejaars van het gymnasium, bij ons te vergelijken met het zesde jaar secundair, zitten die nog altijd thuis. En met de ontdubbeling van de klassen is er gewoon geen plek voor hen in de scholen.

Nu al gaan stemmen op om grote congrescentra te herinrichten om die groep, zeker na de zomer, toch weer naar school te krijgen. ‘Maar gemakkelijjk wordt dat niet’, zegt Thomsen. ‘Als je weer grote groepen samenbrengt, wordt het risico op een nieuwe piek van het virus groter. Je kan zulke grote ruimtes enkel gebruiken als je de isolatie in kleine groepjes volhoudt.’

Wat meteen zijn grootste les is voor de heropening van de Belgische scholen: ‘Je moet echt kunnen werken met kleine silo’s die met niemand anders in contact komen. En als je die twee meter afstand niet principieel kan volhouden, begin je er het best gewoon niet aan.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie